Column

De taal van jurken, hotpants en tape

Joyce Roodnat

Een vrouw is geen kleerhanger – of toch wel? Joyce Roodnat is gespitst op de taal van kleding, en ziet in het Stedelijk Museum dat bij Zanele Muholi kleding cruciaal is.

De uitgeefster was gekleed in een „stemmig zwart jurkje van Agnès B.”, met een „hoopvol wit randje”. Die beschrijving halverwege een krantenartikel schoot me in het verkeerde keelgat. Want ik weet hoe het voelt. Heb je een mooie zwarte jurk aan, zegt er iemand: stémmig, hoor. En plotseling zet de jurk je te kijk. Daar gaan we weer, dacht ik en twitterde dat een vrouw geen kleerhanger is.

Maar daar kreeg ik spijt van. Niet omdat ik bij nader inzien ontdekte dat een vrouw tóch een kleerhanger is. Wel omdat ik verkeerd begrepen werd. Ik bedoelde niet dat het niet aangaat iemands outfit te beschrijven. Hoe zou ik kunnen? Ik doe niet anders. Ik ben gespitst op de taal van kleding. Bij vrouwen. (Het enige wat ik nog weet van een autobiografisch verhaal van de Amerikaanse schrijfster Lillian Helman is dat ze van haar laatste dollars een mooi mantelpakje koopt, voor ze zich op 21 mei 1952 uitlevert aan de communistenjagers van het HUAC.) Bij mannen. (In een superieur artikel in The New York Times snap ik de opgefoktheid van all the president’s men rond Trump dankzij de beschrijving van hun pakken, make-up en glimmende schoenen.)

En in de kunsten. De kanten kraag van Elisabeth Bas op het portret van Ferdinand Bol zet haar neer als stervensrijk en niet voor de poes. Het glazen schoentje van Assepoester is het allermooiste beeld voor de fragiliteit van de liefde. De hotpants en enkellaarsjes benadrukken de trots van een glamourman op een foto van de Zuid-Afrikaanse Zanele Muholi.

Kleding is cruciaal op ál haar foto’s, ga maar kijken in het Amsterdamse Stedelijk Museum. Deze expositie zal helaas geassocieerd blijven met een vriendin van haar die door een Amsterdamse airbnb-eigenaar van de trap werd geduwd. In de media ging het er vervolgens over of deze man een racist is. Het trauma van een zwarte LHBTI-vrouw die bijna haar nek brak, deed er niet zo toe – en daarmee past haar zaak zo op de muur in het Stedelijk waar Muholi gevallen van geweld tegen Zuid-Afrikaanse homoseksuele vrouwen en transgenders heeft genoteerd. Ik lees die muur. Al die razernij. Wat kun je doen?

Zanele Muholi: Vile, Gothenburg, Sweden, 2015. Courtesy of Stevenson, Cape Town/Johannesburg and Yancey Richardson, New York

Zanele Muholi zegt: niet wegduiken. Met haar werk entert ze gender, identiteit en racisme. Ze is een activist. Maar laten we niet over het hoofd zien wat een goede fotograaf ze is. Technisch en theatraal. Ik blijf hangen bij het zelfportret waarvoor ze zichzelf een jarenzestig-look aanmat. Helemaal Pierre Cardin, astronauten-look met witte biezen.

Alhoewel…. Niks retro-Parijs. Dat blitse pakje is niet meer dan repen witte tape op haar huid en om haar haar. Kleding als onthulling, als eis tot erkenning: ze is lesbisch, zwart, onverschrokken. En kunstenaar.