Rusland moet Nederland 5,4 miljoen betalen om Arctic Sunrise

Zo oordeelt het Permanent Hof van Arbitrage in Den Haag. Het Greenpeace-schip werd in 2013 door Rusland geënterd.

Het schip Arctic Sunrise van milieuorganisatie Greenpeace. Foto Remko de Waal/ANP

Rusland moet Nederland een schadevergoeding van ongeveer 5,4 miljoen euro betalen in de zaak rond Greenpeace-schip de Arctic Sunrise. Dat heeft het Permanent Hof van Arbitrage in Den Haag dinsdag bepaald.

Volgens het tribunaal heeft Rusland het internationaal zeerecht geschonden door in september 2013 het Greenpeace-schip te enteren en dertig bemanningsleden te arresteren. Het schip voer op dat moment in de Pechora Zee, tussen Rusland en de Noordpool.

Actievoerders van Greenpeace wilden een boorplatform van het Russische Gazprom bezetten, maar Rusland zag de protestactie als piraterij en arresteerde de bemanning. De bemanning werd vastgezet en het schip werd maandenlang in de haven van Moermansk gehouden. In december 2013 werd aan de bemanningsleden amnestie verleend door Rusland.

Koenders tevreden met uitspraak

De Nederlandse demissionair minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders (PvdA) is tevreden met de uitspraak, zo valt te lezen in een verklaring:

“De uitspraken maken duidelijk dat schepen in internationale wateren niet zomaar kunnen worden geënterd en de opvarenden kunnen worden gearresteerd. De Arctic Sunrise maakte gebruik van het recht op demonstratie. De uitspraken dragen bij aan de ontwikkeling van de internationale rechtsorde, in het bijzonder het zeerecht en de vrijheid van meningsuiting.”

Eerder oordeelde het tribunaal dat Rusland onrechtmatig handelde door het schip in te nemen en de bemanning te arresteren. Rusland legde dat oordeel naast zich neer. Koenders benadrukt dat de uitspraak van het tribunaal bindend is en dat hij verwacht dat Rusland de vergoeding gaat betalen.

De volgende bedragen moeten door Rusland worden betaald:

  • 1.695.126,18 euro voor de toegebrachte schade aan de Arctic Sunrise
  • 600.000 euro als compensatie voor geleden niet-materiële schade als gevolg van de onjuiste arrestatie, vervolging en detentie van de bemanning
  • 2.461.935,43 euro als compensatie voor materiële schade als gevolg van de genomen maatregelen van Rusland tegen de bemanning
  • 13.500 euro voor de kosten die Nederland maakte voor de bankgarantie om het schip vrij te geven
  • 625.000 euro als vergoeding voor door Nederland betaalde proceskosten