Hier gaan straks circusdieren met pensioen

Thailand

Veel wilde circusdieren mogen niet meer werken, maar hebben ook geen opvang. Dankzij twee Nederlandse ondernemers gaan olifanten en tijgers, die ooit in Nederlandse circuspistes stonden, straks met pensioen in Thailand.

Edwin Wiek met één van de olifanten in zijn opvang voor wilde dieren in Thailand. Foto’s Scott Davis

‘Bah, nat!” Een Amerikaanse toeriste slaakt een gilletje als een vochtige olifantenslurf plotseling een banaan uit haar hand pakt. Tijdens deze rondleiding komen toeristen vlak bij de negentien olifanten van de Friends of Wildlife Foundation bij de Zuid-Thaise stad Hua Hin.

De wilde dierenopvang, opgericht door Nederlander Edwin Wiek, is met 67 hectare (ruim 90 voetbalvelden) de grootste in Zuidoost-Azië. Enkele honderden dieren leven in de opvang, verscholen in het bos. Van veraf is het gejoel van de gibbons al te horen. Er zijn ook beren, herten, varkens, tropische vogels, reptielen – en een krokodil.

Het grootste gedeelte van het reservaat is omheind en bestemd voor de olifanten, die af en toe uit de bosjes komen lopen. De opvang krijgt zijn inkomsten uit donaties van bedrijven en particulieren, dagtrips met toeristen en van vrijwilligers, die betalen om de olifanten te verzorgen.

De olifanten hebben in Thailand toeristen op hun rug laten rondrijden en zijn nu met pensioen. Het zijn verwaarloosde dieren, vaak met blijvend letsel. „Om ze te onderwerpen, wordt hun wilde instinct op brute wijze gebroken”, legt een gids uit. „Ze worden dagenlang gemarteld en uitgehongerd. Dan verliest de olifant zijn wil om te leven en stelt hij zich ondergeschikt op aan de mens.”

Behalve Thaise olifanten wil Edwin Wiek bij Hua Hin straks ook olifanten en tijgers uit Europa gaan opvangen. In steeds meer Europese landen zijn wilde dieren verboden als circusact. Hierdoor groeit het aantal ‘werkloze’ leeuwen, olifanten en tijgers zonder vast verblijf of opvang. Er zijn naar schatting nog 1.000 reizende circussen met wilde dieren in Europa, volgens ENDCAP, een koepelorganisatie voor dierenrechten. Voor zover bekend zijn er ruim 160 circusolifanten in Europa en een veelvoud aan tijgers.

Lees ook over de laatste olifant van Circus Renz: Een olifant alleen kwijnt weg

Grootste opvang van Europa

Samen met een andere Nederlander, Robert Kruijff van Stichting Leeuw, heeft Wiek een plan bedacht. In Kruijffs dierentuin in het Noord-Hollandse dorp Anna Paulowna, Landgoed Hoenderdaell, moet de grootste olifantenopvang van Europa komen.

De twee ondernemers ontmoetten elkaar begin 2016 voor het eerst. Wiek: „We begrijpen elkaar en zijn hetzelfde type mens: niet te veel praten en gewoon doen.”

De Brabander Wiek begon in 1989 een modebedrijf in Thailand en gooide zijn leven tien jaar later radicaal om na een auto-ongeluk. Hij stopte met zijn zaak en startte zijn dierenopvang met twee aapjes en een kleine kliniek. „In het begin werd ik uitgelachen. Ik was toch helemaal geen bioloog, wat wist ik er nou van?”

In het begin werd ik uitgelachen. Ik was toch helemaal geen bioloog, wat wist ik er nou van?

De familie van Robert Kruijff werd rijk in de oliehandel en richtte in 2008 de dierentuin op Landgoed Hoenderdaell op. Sinds 2011 zet Kruijff zich met Stichting Leeuw in voor het opvangen, en uitzetten in de natuur, van katachtigen.

Nu wilde circusdieren in steeds meer landen worden verboden, is het druk in Kruijffs opvang. „Er staan op het moment drie tijgers op de wachtlijst, zegt Kruijff. „Het is dus wachten tot er een in de opvang doodgaat, voordat we een nieuwe tijger kunnen opnemen. Dat willen we niet, dus zijn we met Edwin in gesprek gegaan om te kijken of hij ze kan overnemen.”

Afgedankte circusolifanten en -tijgers naar Thailand overvliegen, lijkt op het eerste gezicht gekkenwerk. Toch is het volgens Wiek juist een uitkomst. „Deze dieren komen hier van oorsprong ook vandaan, en bovendien is hier genoeg ruimte om ze een fatsoenlijke oude dag te geven. Wat je hier ziet, kan geen Europese dierentuin of opvang ze bieden.”

De opvang in Nederland en het transport naar Thailand worden gefinancierd door Stichting Leeuw van Kruijff; Wieks stichting staat garant voor de oude dag van de dieren.

Begin volgend jaar wordt begonnen met de bouw van een olifantenopvang in Anna Paulowna. Vanaf 2019 kunnen er drie tot vier olifanten worden opgevangen in een verblijf van twee hectare. Thaise mahoets, olifantenverzorgers, worden ingevlogen om de olifanten voor te bereiden op Thailand. De dieren leren de Thaise commando’s en bouwen een band op met de mahoets – elke olifant heeft zijn persoonlijke begeleider. Per transportvliegtuig worden de olifanten uiteindelijk overgevlogen.

Zulke opvang en begeleiding van olifanten is in Europa eigenlijk niet te betalen. Het onderhoud van olifanten is duur en ze hebben veel bewegingsruimte nodig. Ook zijn olifanten kuddedieren, ze leven in het gezelschap van andere dieren. Circusolifant Rhani overleed in 2015 bijvoorbeeld in een Duits winterverblijf. Ze miste haar circusfamilie en bezweek aan hartfalen: vermoedelijk door stress en eenzaamheid.

De eerste dieren die van Anna Paulowna naar Thailand verhuizen zijn Iwan en Drago, twee Bengaalse tijgers uit het voormalige Duitse Circus Universal Renz. De tijgerbroertjes reisden zes jaar met het circus mee en traden ook in Nederland op. Sinds het najaar van 2015, toen het optreden van wilde circusdieren in Nederland verboden werd, staan ze werkloos aan de kant. Volgens planning gaan ze nog dit jaar van Anna Paulowna naar Hua Hin.

Net als de olifanten worden ook de tijgers Iwan en Drago zorgvuldig voorbereid op de overtocht. „Ze hebben altijd in kleine verblijven gezeten en wennen bij ons aan meer bewegingsruimte. Zo is de schok straks minder groot als we ze naar Thailand brengen”, zegt Kruijff.

Aas door de kooien slingeren

Hij ontwikkelde een speciale touwconstructie waarmee hij aas door de kooien slingert; de geboren roofdieren ‘leren’ zo om achter hun eten aan te gaan. „Je ziet dat de tijgers bij ons niet langer dwangmatig op en neer lopen, en rustiger worden als je ze wat te doen geeft.”

In Thailand wordt druk gewerkt om het tijgerverblijf voor Iwan en Drago op tijd af te krijgen. Edwin Wiek beent bij Hua Hin druk gebarend over een stuk braakliggend bouwterrein naast de opvang. „Ze kunnen in dit grote verblijf meer dan zevenhonderd meter rennen en sluipen door het hoge gras. Verder komen er verhogingen waar ze op kunnen liggen – daar houden tijgers van.”

Naast het toekomstige tijgerverblijf ligt een nog groter stuk onbewerkt land, met uitsparingen voor een kunstmatig meer. Lassers werken er in de hitte aan het geraamte van een overdekte olifantenstal. Wiek kijkt tevreden toe: „Het is nu nog een soort maanlandschap, maar over een paar maanden kunnen we in totaal tot wel veertig olifanten kwijt.”

Hoeveel ruimte de circusdieren ook krijgen, uitzetten in het wild lijkt zo goed als uitgesloten. „Als de olifanten het ooit al in het wild zouden overleven, is er te weinig leefgebied voor ze,” zegt Wiek. „Als ze in aanraking komen met mensen, is de kans groot dat ze schade aanrichten of worden afgeschoten.”

Voor de toekomst van de tijgers heeft hij iets meer hoop. „De nakomelingen van deze tijgers worden niet in een kooi geboren, maar hebben hier grote, open verblijven. Als ze daardoor verder verwilderen heeft een derde of vierde generatie een kans om het in het wild te redden.”

De tijgers een toekomst in het wild geven is ook de droom van Robert Kruijff. „Bengaalse tijgers zijn zeer zeldzaam in Thailand, en het zou toch geweldig zijn om op deze manier bij te kunnen dragen aan hun terugkeer in het wild.”