Recensie

Een schim die niet mag sterven van zijn hovelingen

Arthouse

Over het lange, pijnlijke sterfbed van Lodewijk XIV gaat ‘La mort de Louis XIV’. De wegkwijnende oude koning bewaart zijn waardigheid tussen konkelende hovelingen.

Jean-Pierre Léaud als stervende Lodewijk XIV.

Bij zonnekoning Lodewijk XIV was het persoonlijke extreem politiek. Hij perfectioneerde de absolute monarchie, liet paleis Versailles bouwen en dreef de Franse adel samen in een systeem dat om nabijheid draaide. Tientallen dignitarissen assisteerden de monarch bij het opstaan en naar bed gaan. Het was de hoogste eer de naakte koning zijn hemd of nachthemd aan te geven.

Privacy bestond niet voor Lodewijk XIV, die altijd omringd was door roddelende hovelingen. Dat vereiste zelfcontrole: elk pijntje was een crisis. En Lodewijk XIV leed vaak pijn. Jicht, nierstenen, een stuk kaak dat meekwam bij het trekken van een kies, een onverdoofde operatie aan een anale fistel.

Hij overleed in 1715 op 76-jarige leeftijd aan koudvuur; over dat lange sterfbed gaat La mort de Louis XIV van Albert Serra. Een film in een matte, koperachtige glans, in een brokaten baarmoeder vol verre echo’s en gefluister. De broeierige close-upsfeer herinnert aan het werk van de Rus Aleksandr Sokoerov.

Lodewijk XIV weet zich omringd door hovelingen die wantrouwig over hun privileges waken en de vorst tot zijn laatste ademtocht gunsten en handtekeningen ontfutselen. Een schim die niet mag sterven: zijn dood gooit hun wereld overhoop. Applaus als hij een taartje verorbert. „Bravo, sire!” Toch maar die kwakzalver proberen, met zijn elixer van hersenvocht, kikkervet en stierensperma?

La mort de Louis XIV is een trage, claustrofobische ‘procedural’ over een wegkwijnende koning, zonder uitleg of intrige. Het koninklijk lichaam als slagveld van belangen: alleen lijfarts Fagon lijkt begaan met zijn welzijn. En Lodewijk XIV bewaart zijn waardigheid, onderdrukt zijn gekreun. Teder is hij alleen richting zijn honden, zoals veel potentaten. Geen wonder.