NRC checkt: Er zat sinds 1957 nog nooit zo veel vis in de Noordzee

Dat zei directeur Pim Visser van branchevereniging VisNed op de website van de vereniging.

iStock

De aanleiding

In het radioprogramma Met het oog op morgen zei voorman Pim Visser van de vereniging VisNed vorige week dat er sinds 1957 nog nooit zo veel vis in de Noordzee heeft gezeten. Op de website van VisNed („spreekbuis van de Nederlandse kottervissers”) staat te lezen: „Er zwemmen meer scholletjes dan ooit tevoren.” En: „De zee is helemaal niet leeggevist.” We checken of de uitspraak voor schol klopt, en voor álle vis.

Waar is het op gebaseerd?

Pim Visser (what’s in a name) baseert zich op cijfers van ICES, de Internationale Raad voor Onderzoek der Zee, gevestigd in Kopenhagen. Hij is „boos”, vertelt hij, dat er dit jaar een kleine miljard kilo (een miljoen ton) schol in de Noordzee zit, véél meer dan bij het begin van de telling in 1957 toen er nog geen 350 miljoen kilo (350.000 ton) te vinden was, en dat niettemin het advies van de visserijbiologen aan de Europese ministers luidt om volgend jaar 35 procent minder schol te vangen. „Wie het begrijpt, mag het zeggen”, aldus Visser.

En, klopt het?

ICES maakt elk jaar schattingen van de grootte van bestanden van verschillende soorten, voornamelijk, commerciële vis. Dat gebeurt op basis van tellingen van vangsten door vissers, door vangsten op onderzoeksschepen, en door het vergelijken van de verandering tussen huidige met historische cijfers.

In de Noordzee gaat de meting van haring het langst terug in de tijd. In 1947, vlak na de Tweede Wereldoorlog, toen er vijf jaar nauwelijks was gevist, zat er 4,9 miljard kilo haring in de Noordzee. Dat aantal volwassen, paairijpe dieren zakte al snel weg tot ruim 2,6 miljard kilo in 1957, en zelfs tot een schamele 103 miljoen kilo in 1977, maar ligt nu weer op ruim 2 miljard kilo.

„Met de haring gaat het hartstikke goed”, zegt ook Niels Hintzen, visserijonderzoeker bij Wageningen Marine Research, het instituut dat namens Nederland de cijfers aan ICES levert, net als andere Noordzee-landen. Ook schol heeft een enorme groei laten zien. Dat de biologen voor deze vis toch een verlaging van het quotum adviseren, heeft te maken met de ontdekking dat er weliswaar veel oudere, volwassen schollen zwemmen maar dat er de laatste jaren minder jonge schol bij komt.

De hamvraag is of er in het algeméén meer vis in de Noordzee zit dan in 1957. We vragen de onderzoekers de bestandsschattingen voor verschillende soorten bij elkaar op te tellen. Een precaire zaak, omdat vanaf het jaar 1957 alleen de cijfers voor haring, tong en schol beschikbaar zijn. Voor kabeljauw, waarvan het bestand enorm is ingestort maar dat de laatste jaren wel weer is gegroeid, begint de telling in 1963. Voor wijting begint de reeks zelfs pas in 1993.

Over het algemeen is wel duidelijk dat er méér kilo’s vis in de Noordzee zwemmen dan tevoren. De onderzoekers komen voor dit jaar uit op ongeveer 5 miljard kilo vis, bestaande uit de belangrijkste soorten waarop gevist wordt en waarvoor jaarlijks schattingen worden gemaakt. Dat is meer dan sinds de jaren zestig, en zeker meer dan in de jaren tachtig en de jaren negentig. Vermoedelijk is het ook meer dan in 1957. Helemaal zeker is de schatting niet want er zijn nog wel tweehonderd vissoorten in de Noordzee, kleiner in aantal, waarvan de bestanden niet systematisch worden bijgehouden.

Ook moeten we bedenken dat alleen de volwassen, paairijpe vis wordt meegerekend, de jonge vis niet. En tenslotte, stipuleert Greenpeace Nederland, is de soortenrijkdom van de Noordzee hoe dan ook verminderd, „als gevolg van met name de bodemvisserij”.

Conclusie

Er zit behoorlijk veel vis in de Noordzee, hoewel het succes per soort sterk wisselt. De geschatte aantallen vis zijn in elk geval groter dan in de jaren zestig en alle daaropvolgende decennia. Of deze conclusie ook klopt voor het jaar 1957, valt niet met zekerheid na te gaan omdat vanaf dat jaar alleen cijfers voor haring, schol en tong bekend zijn. We beoordelen de stelling daarom als grotendeels waar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt