Leve de dames

Aan de toog en in sommige media is het nog niet helemaal doorgedrongen, maar vrouwenvoetbal is in Nederland ingeburgerd als streekproduct. Het Europees kampioenschap voor vrouwen, dat zondag begint, komt in de speelsteden in een vertrouwde bedding terecht. Net als de mannen hebben de vrouwen in grote buitenlandse clubs hun professionalisme voltooid. Van Barcelona tot Bayern München en Arsenal. Het pleintjesvoetbal is achtergelaten.

Aan publieke belangstelling in de stadions zal het niet ontbreken. Nederland is een land van toernooien. En van vedetten. Die zijn er ook bij de Oranje-leeuwinnen. Iemand als Daphne Koster heeft haar pioniersstrijd altijd gecombineerd met gratie in spel en woord. Ze zal bij de NOS te zien zijn als analist.

Vivianne Miedema en Jill Roord wordt internationale klasse toegedicht. Nog niet met de uitstraling van de Braziliaanse Marta, maar volmondig geëerd om hun techniek en efficiëntie. Zij zijn een visitekaartje voor het vrouwenvoetbal.

Langzaam brokkelen de vooroordelen af. Vrouwenvoetbal zou traag en krachteloos zijn. Dat was het misschien toen Schotse suffragettes in 1881 hun eerste interland afdwongen, maar dat was het mannenvoetbal toen ook. De bewering dat vrouwen technische en tactische gansjes zijn, is gewoon boosaardig. De Braziliaanse Marta kwam in haar hoogtijdagen dichter in de buurt bij de balstreling van Pelé dan menige masculiene international.

Het mag zo zijn dat vrouwen fysiek minder paardenkracht ontwikkelen dan mannen, zij bekoren op hun manier. Sport is meer dan beuken en stoempen. Marianne Vos heeft het wielrennen meer cachet gegeven dan de Rabo’s van Erik Dekker. Het speelse gemak waarmee Anna van der Breggen de Giro Rosa heeft gewonnen, was sportief even imponerend als de eindzege van Tom Dumoulin. Maar het werd niet gezien.

Sportvrouwen hebben ook in Nederland tegen een muur van onbegrip en onverschilligheid moeten opboksen. De instanties schaamden zich niet. Ook vandaag nog is de patronage van de KNVB voor het vrouwenvoetbal niet van harte. Gelukkig was een aantal clubs niet zo feminien kleinzielig. Clubs als Ajax en FC Twente hebben de dames emplooi gegeven. En de poorten geopend voor het buitenland.

De hoogconjunctuur van de Scandinavische landen is nog niet bereikt, maar de klok kan niet meer teruggedraaid worden. De emancipatie op de velden zal zich doorzetten. Het EK zal worden aangegrepen als een stevige impuls. De Oranje-leeuwinnen zijn nog geen titelpretendent, maar ze worden ook niet meer vernederd door Noorwegen, Duitsland of Frankrijk.

Het is trouwens wel weer eens tijd voor een Oranjefeestje. Het Nederlands elftal heeft het behoorlijk laten afweten. Dat deze voetbalnatie het EK in Frankrijk niet gehaald heeft, is een dreun geweest voor het voetbal. Wees dus blij dat de vrouwen de komende dagen iets van de verloren eer kunnen terugwinnen.

Er zullen aan de toog nog steeds braakteksten gedebiteerd worden met badinerende en seksistische grappen. De achterlijkheid voorbij. Echte voetballiefhebbers halen evenwel de schouders op voor zoveel primitieve armoede.

Ik mag hopen dat de EK-wedstrijden niet zullen ontaarden in grimmige vulgariteit. Het EK voor vrouwenvoetbal kan de aanzet zijn voor een beschavingssoffensiefje in de stadions. Kortom, vrouwenvoetbal is winst op vele fronten. Daar mag de KNVB ook wel eens een dankceremonie voor inrichten. Overigens, hoeveel eeuwen zal het nog duren vooraleer eens een vrouw als preses van club en bond mag gevierd worden?

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver