Commentaar

Opkomende supermacht China ís al de grootste

Het wordt een vertrouwd beeld op de internationale topconferenties van regeringsleiders: de Verenigde Staten van Donald Trump zijn onberekenbaar en de weeromstuit lijkt China een steeds redelijker alternatief. De opkomst van China gaat razendsnel. In 1980 was de omvang van de totale Chinese economie nog niet het dubbele van de Nederlandse. Nu overtreft hij onze economie met een factor vijftien. Het Chinese bruto binnenlands product bedraagt al zestig procent van dat van de VS. Als de groeivoet van beide landen wordt doorgetrokken naar de toekomst, dan is China begin jaren dertig van deze eeuw onbetwist de grootste economische macht. Gecorrigeerd voor koopkrachtsverschillen (een Chinees koopt in eigen land meer goederen en diensten voor zijn geld dan een Amerikaan) is dat al zo. Zo bezien is China al 25 maal zo groot als Nederland, en streefde het vier jaar geleden in omvang de Amerikaanse economie voorbij.

Die inhaalslag geldt in toenemende mate ook voor de technologische voorsprong. Het vooroordeel dat Azië goed kan kopiëren, maar slecht zelf kan uitvinden, wordt gelogenstraft. China zal niet de eerste opkomende macht zijn die patenten en uitvindingen van anderen gebruikt als springplank voor de eigen ontwikkeling.

Een tweede overtuiging waarmee het Westen zichzelf na de val van het communisme in 1989 in slaap suste, is dat kapitalisme en democratische rechtsstaat het enig denkbare stabiele maatschappijmodel opleveren. China bewijst vooralsnog het tegendeel: de combinatie van autocratie en kapitalisme is daar tot nu toe stabiel.

Ontwikkelingen

Maar getest is het Chinese model nog niet. Zoals zoveel opkomende markten kan het land veel technologische ontwikkelingen met sprongen bereiken, van mobiele communicatie tot het betalingsverkeer. De enorme ontwikkelingen in de infrastructuur, van nieuwe steden tot snelwegen, van vliegvelden tot waterwegen, zijn op het eerste gezicht oogverblindend. Territoriale claims, zoals die in de Zuid-Chinese zee, sporen met een groeiend zelfbewustzijn van een opkomende supermacht. Dat gaat ook op voor de steeds assertievere houding ten aanzien van Hong Kong.

De snelle Chinese expansie doet een ontoelaatbaar beroep op het milieu. Dat betreft niet alleen de fysieke wereld, maar ook het financiële milieu, waar zich een crisis kan opbouwen die de rest van de wereld zal raken. Zij raakt ook het sociale en politieke milieu. Tot nu toe lijkt de onuitgesproken deal tussen de Chinese bevolking en politieke elite stand te houden. Daarbij accepteert de eerste gebrekkige politieke inspraak en rechtsbescherming, zolang de tweede een gegarandeerde welvaartsgroei levert. Het is misschien Westers wensdenken, maar het is moeilijk voorstelbaar dat de opkomende middenklasse zal blijven afzien van politieke invloed bij een beperkte gedachtenvrijheid.

Lu Xiaobo

Vrijdag overleed de Chinese activist en Nobelprijswinnaar voor de Vrede Lu Xiaobo aan leverkanker tijden het uitzitten van een elfjarige gevangenisstraf. De Chinese regering noemde zijn behandeling een „binnenlandse aangelegenheid” en kritiek daarop „ongepast”. Dat illustreert de kloof tussen het Westen en China over de definitie van mensenrechten en de vrijheid van meningsuiting.

Intussen wordt er overigens geen container minder door verscheept. Europa, en daarbinnen Nederland, zal zich moeten bezinnen op de houding en strategie ten aanzien van deze opkomende macht, in een tijd met verhoudingen in stroomversnelling.