Naar de rechter om een klassenfoto? Dat is hypermodern

Onderwijs Ouders gaan vaker naar de rechter bij een conflict met school. „Ze bemoeien zich met zaken waar ze geen verstand van hebben.”

Ouders stappen sneller naar de rechter, zeggen scholen. Foto Remko de Waal/ANP

Ze zijn in elk geval goed geïntegreerd, de ouders die een basisschool voor de rechter daagden vanwege het plannen van de schoolfoto tijdens het islamitische Offerfeest. Dat grapte D66-Kamerlid Paul van Meenen deze week op Twitter. „Nauw aansluitend bij de groeiende groep hoogopgeleide ouders die liefst hun advocaat zouden meenemen naar de ouderavond.”

Over ‘juridisering’ in het onderwijs werd deze week volop gedebatteerd, nadat een rechter de Haagse Maria Montessorischool maandag tot een schadevergoeding van 500 euro had veroordeeld – de ouders hadden 10.000 euro geëist. „Doorgeschoten consumentengedrag”, zei CDA-Kamerlid Michiel Rog op de radio over de zaak. „Toenemende juridisering is een gif dat de school zal binnensluipen én veranderen”, schreef publicist Sywert van Lienden in NRC. En de Algemene Onderwijsbond en de Algemene Vereniging voor Schoolleiders zeiden in een reactie dat ouders tegenwoordig te snel naar de rechter stappen.

Lees ook het opiniestuk van Sywert van Lienden: Klassenfotostrijd vraagt om een hoger beroep

Er zijn inderdaad meer onderwijszaken, zegt advocaat Wilco Brussee, gespecialiseerd in onderwijsrecht. Zijn kantoor groeide in bijna vijftien jaar tijd van één naar zes advocaten. „De markt groeit. Het is een cliché, maar ouders worden mondiger. Tegelijkertijd spelen meer interessante onderwerpen zoals passend onderwijs – wanneer zit een kind op de goede school?”

Gelijk willen hebben

Veel uit de hand gelopen conflicten met ouders gaan over schooladviezen of extra zorgondersteuning. Brussee ziet daarnaast ook veel „integratiezaken”. Zo stond hij de Volendamse katholieke school bij die in 2011 door een vader werd aangeklaagd omdat zijn dochter er geen hoofddoek mocht dragen – de school won de zaak, vanwege de katholieke grondslag. In een andere zaak, die draaide om het dragen van een sporthoofddoek, oordeelde de rechter juist dat de school dat niet had mogen verbieden.

Ook Kees Verhaart, advocaat voor schoolbesturen bij Verus, de landelijke organisatie voor christelijke en katholieke scholen, ziet het aantal zaken gestaag toenemen. En ook hij noemt de ‘mondigheid’ van ouders als oorzaak. „Dat vertaalt zich bij sommigen in gelijk willen hebben. Een ouder hoeft natuurlijk niet alleen maar ‘ja en amen’ tegen een leerkracht te zeggen, maar ik merk dat de professionaliteit van een docent vaker in twijfel wordt getrokken. En ouders zijn sneller geneigd zich te bemoeien met het beleid van de school.”

In een enquête die CNV Schoolleiders deze week uitvoerde onder 134 schoolleiders, gaf het merendeel aan last te hebben van de veeleisende houding van ouders. Tweederde heeft weleens te maken gehad met ouders die met juridische stappen dreigen. „Ouders vragen heel veel tijd en aandacht en bemoeien zich met zaken waar ze geen verstand van hebben”, schreef een schoolleider.

Ouders trekken de professionaliteit van de leraar vaker in twijfel

In de eerste tien jaar dat basisschooldirecteur Rijk van Ommeren in het onderwijs werkte, had hij twee keer te maken met juridische stappen. Het afgelopen jaar wel zes keer. Ouders leggen vaker eerst een claim neer en gaan dan pas het gesprek aan, ziet hij. „De trend dat ouders meer betrokken zijn bij hun kind, juich ik toe. Maar het schuurt als dat synoniem gaat staan voor je recht willen halen.”

Van Ommeren, directeur van de Margrietschool in Woerden, heeft zowel met praktische als inhoudelijke zaken te maken. Een verfvlek op een nieuwe trui waarvan ouders willen dat de school de schade vergoedt, een voorlicht dat kapot ging toen de fiets op school gestald stond. „Dan ga ik met ouders om tafel en leg ik ze uit dat een school een gemeenschap is en wij voor dat soort kosten niet opdraaien.” De zaken over onderwijs zelf zijn ingewikkelder, zegt hij. „Daarbij krijg je het gesprek minder snel uit de welles-nietes-sfeer.”

Wat er achter die ‘mondigheid’ zit? Hij denkt: een maatschappelijke trend van wantrouwen en alles indekken. „Alsof we minder in staat zijn het perspectief van de ander te waarderen. Wat dat betreft ligt er een opdracht voor het onderwijs.”

Dan maar een advocaat

Maar de suggestie dat ‘juridisering’ alleen aan veeleisende ouders zou liggen, klopt niet, vindt Peter Hulsen van Ouders & Onderwijs. Per maand krijgt dit informatiepunt zo’n 800 telefoontjes van ouders die een probleem hebben met de school of onderwijsinstelling van hun kind. Vaak zijn dat zaken waarbij al langere tijd iets speelt, zegt Hulsen. „Als het moment komt dat het misgaat, weten ouders niet met wie ze dat moeten bespreken. Omdat scholen niet altijd makkelijk benaderbaar zijn. Sommige ouders denken: dan maar een advocaat.”

Hulsen denkt dat de verhouding tussen ouders en onderwijs is veranderd. „De manier van aanspreken is gelijkwaardiger geworden. Ik denk ook dat meespeelt dat de status van leraar is gedaald. Toen mijn moeder mij vroeger bij de basisschool afzette, had ze veel respect voor de docent.” Dat heeft gevolgen voor de beoefening van het vak leerkracht, denkt Hulsen. „Het zou voor het onderwijs goed zijn als leerkrachten weten hoe ze met directe ouders moeten omgaan. Communicatie is heel belangrijk. De pabo zou daar aandacht aan moeten schenken.”

Ook ouders moeten aan hun relatie met de school wennen. Uit een enquête die Ouders & Onderwijs dit jaar liet uitvoeren onder duizend ouders, kwam naar voren dat ze zoekende zijn in hun rol. Vroeger was die helder: onderwijs was de zaak van de school, opvoeding van de ouders. Die grens loopt tegenwoordig minder strikt. Ouders zouden graag meer samenwerken met de school, gaven ze aan, maar weten niet goed hoe.

Wat is er waar van het clichébeeld dat het vooral hoogopgeleide ouders zijn die hun weg naar de rechter vinden?

„Bij uit de hand gelopen conflicten”, zegt advocaat Verhaart, „zie je vaak ouders die zeer overtuigd zijn van hun eigen gelijk. Die vind je in alle lagen van de samenleving.”