Cultuur

Interview

Interview

Burn-out onderzoekster: „Mensen die hun werk lastig loslaten, kunnen zich in mijn programma ten doel stellen maximaal twee avonden per week te werken.”

Foto Peter de Krom

‘Geen rust? Slecht voor jezelf én je baas’

Burn-out-preventie

Een Nederlandse is finalist voor een prijs vanwege haar project tegen burn-outs. „Managers moeten hun rol in de werkdruk zien.”

Op het podium van een wereldcongres voor psychologen in Montréal, Canada, staat aanstaande zondag een Nederlandse vrouw tegenover een gerenommeerde vakjury. Jessica van Wingerden (39) is een van drie finalisten van een wereldwijde prijsvraag van de internationale vereniging voor positieve psychologie naar succesvolle organisatieveranderingen. De Nederlandse bereikte de finale met een programma om het plezier in het werk te vergroten en het risico op burn-out te verlagen.

Van Wingerden is directeur research van organisatieontwikkelingsinstituut Schouten & Nelissen. „Ik ben altijd gefascineerd geweest hoe het komt dat de één fluitend naar zijn werk gaat en de ander, met dezelfde baan in hetzelfde bedrijf, zijn werk als een last ervaart”, zegt ze.

Tussen 2012 en 2016 toetste ze als promovendus aan de Erasmus Universiteit Rotterdam in verschillende organisaties welke beschermende maatregelen op de werkvloer het best werkten. Dat deed ze naast haar toenmalige baan als Human Resource-directeur van een grote zorg- en onderwijsinstelling.

Het programma ‘Vanuit Passie en Energie naar Prestatie’ (PEP) waarmee ze de finale bereikte, is een op maat gemaakt actieplan dat twee maanden duurt. Deelnemers krijgen inzicht in wat energie geeft op het werk en wat energie vraagt, en ervaren wat ze zelf kunnen doen om hier een goede balans in te krijgen. Het programma is bedoeld voor alle opleidingsniveaus en functies.

Wat leren we van zo’n PEP-programma?

„Iedere baan bestaat uit taakeisen en energiebronnen. Taakeisen kunnen bijvoorbeeld zijn: een hoge werkdruk en emotionele situaties in het werk. Energiebronnen zijn onder meer erkenning, collegialiteit en support van de leidinggevende. Als dat wat energie kost vermeerdert, en dat wat energie geeft slinkt, ontstaat er een disbalans die een voedingsbodem is voor werkstress. Langdurige werkstress put medewerkers uit, met risico op een burn-out als gevolg. Met het PEP-programma leren leidinggevenden en medewerkers hier meer evenwicht in te brengen.”

Hoe werkt dat programma?

„De methode begint met een persoonlijke scan: hoe scoor je op bevlogenheid, hoe scoor je op mogelijkheden voor herstel? Werknemers maken op basis van de uitkomst een actieplan. Gedurende vier weken gaan ze aan de slag om hun werksituatie te verbeteren. Onderdeel daarvan is ‘job crafting’: zelf initiatief nemen om je baan aan te passen aan je veranderende behoeften en interesses.”

Hoe weet je nu of dit programma zin heeft?

„Aan het begin vullen mensen de vragen in. Twee weken na afronding van het programma nemen we de scan opnieuw af. Iedereen zit anders in de wedstrijd, de een begint met een hoog energiepeil, de ander is uitgeput, maar we zien een afname van het burn-outrisico. Onder de zeshonderd medewerkers die recent aan het PEP-programma deelnamen, waaronder vijfhonderd van een divisie in gezondheidstechnologie, verminderde het burn-outrisico van 39 procent naar 14 procent.”

Houdt dat effect op lange termijn aan?

„In een eerdere studie met 75 basisschoolleerkrachten zagen we dat het programma een jaar na dato nog effect had.”

U deed eerder onderzoek naar bevlogenheid op de werkvloer. Wat verstaat u daaronder?

„Bevlogenheid bestaat uit drie componenten: vol energie zijn, toegewijd zijn, kunnen opgaan in je werk. Mensen die bevlogen zijn, presteren beter, dat is niet zo gek. Maar het is de kunst bevlogen te blíjven. Ook mensen die bevlogen zijn, moeten herstellen. Dat we regelmatig onze smartphone moeten opladen vinden we vanzelfsprekend, het opladen van onze eigen accu willen we nog weleens vergeten. Ons lichaam gaat dan net zoals de smartphone op de energiebesparende stand, en het risico op burn-out neemt toe.

„Het lijkt misschien van loyaliteit te getuigen als je altijd doorwerkt, maar als je geen rust neemt, benadeel je jezelf én de organisatie. Mensen die hun werk lastig loslaten, kunnen zich in het PEP-programma bijvoorbeeld ten doel stellen maximaal twee avonden per week te werken.”

Waardoor verliezen mensen hun ‘passie en energie’ in het werk?

„Wanneer de opgedrongen werkwijze haaks staat op de reden dat iemand zijn of haar vak heeft gekozen. Bijvoorbeeld iemand die de zorg kiest om verschil te maken en alleen maar staat te vinken om in de afgemeten tijd handelingen te verrich-ten. Als mensen geen erkenning en waardering krijgen en aan één stuk door keihard moeten werken. Van eindeloze reorganisaties waarvan het nut niet duidelijk is. Ook een killer is de baas zonder kennis van de werkvloer die op basis van een spreadsheet zegt ‘dat de productiviteit omhoog kan’.”

Maar daar kan een werknemer met zo’n PEP-programma toch nauwelijks invloed op uitoefenen?

„Daarom beginnen we in een organisatie eerst met de leidinggevenden. Het is belangrijk dat zij inzicht krijgen in hun aandeel in de werkdruk. Als zij hun gedrag niet veranderen, verandert er uiteindelijk niets.

„De overheid maakt enorme budgetten vrij om werkstress te voorkomen, maar die is niet afgenomen, sterker: die neemt toe. Bij de divisie in health technology waar we dit programma hebben gedaan, is het nu de regel dat leidinggevenden hun me-dewerkers niet meer in het weekend en ’s avonds mailen.

„Als je echt werk wilt maken van de verlaging van het burn-outrisico, moet dat vanuit de top van het bedrijf gestimuleerd worden.”