Voor hen gaat de Zwarte Cross nog echt om het crossen

Rennerskwartier

Van koeienbrommer tot metershoog piratenschip: dit weekend wordt er op alle denkbare voertuigen geracet tijdens de Zwarte Cross. Deelnemers slapen op een eigen camping: het rennerskwartier.

Achterhoeker Leon Froeling (links) met vier vrienden. Ze doen mee aan de Brommerklasse. Foto Eric Brinkhorst

In de Achterhoek staat bijna nooit file. Maar deze donderdag wel. Op de A18, die ook wel ‘de racebaan van de Achterhoek’ wordt genoemd, is het druk. Vanuit heel Nederland zijn mensen op weg naar de plaats waar dit weekend écht wordt geracet: de Zwarte Cross in Lievelde.

De festivalcamping gaat donderdagmiddag open. Net als het rennerskwartier, het heiligste plekje van de Zwarte Cross: een apart gedeelte op het terrein waar reguliere festivalbezoekers niet mogen komen. Hier kamperen de deelnemers van de cross.

Het rennerskwartier is donderdagavond nog in rust. De campers, caravans, vrachtwagens, auto’s, busjes en tenten staan keurig in rijtjes opgesteld. Het gras is nog groen, de crossbrommers schoon.

Vier jongens uit Zeeland liggen op matrassen onder een partytent. Een van hen is zo diep in slaap dat hij zelfs niet wakker wordt als z’n vrienden het matras omkiepen. „Ik doe mee op de koeienbrommer”, zegt Matthijs Almekinders (21) en hij wijst naar een brommer die bekleed is met stof in koeienprint.

Rust op het rennerskwartier. De reis vanuit Zeeland heeft deze renners uitgeput.
Foto Eric Brinkhorst
Rust op het rennerskwartier. De reis vanuit Zeeland heeft deze renners uitgeput.
Foto Eric Brinkhorst

Carnavalesk

Op de Zwarte Cross wordt niet alleen gecrosst met motoren en brommers. Er zijn ook de Specialklasse en de Zwaargewichtklasse: denk aan combines die omgebouwd zijn tot carnavaleske creaties. Een metershoog piratenschip trekt de aandacht. Een groep van vijftien mannen en vrouwen uit Emmeloord heeft een half jaar aan dit schip gebouwd: „Wij zijn de harde kern uit de polder.” De Zwarte Cross is voor hen „het feest der feesten”.

Maarten van Hoeve (45) deed al elf keer mee. „Ik ken de baan uit m’n hoofd.” Ze hebben veel pech gehad met hun voertuigen de afgelopen jaren. Van Hoeve durfde ook niet mee te rijden met het testrondje, bang dat er weer iets zou misgaan. Gelukkig is op het festivalterrein de muziek al begonnen. Van Hoeve: „Ik ben maar naar een optreden van Bökkers gegaan, tegen de zenuwen.”

De groep uit Emmeloord in vol ornaat op het piratenschip. Als ze de crossbaan opgaan moeten ze nog een helm op. Foto Eric Brinkhorst

Iets verderop heeft een groep van zestien Groningers – „We wonen op de gasbel.” – hun kamp opgeslagen. „Een heel jaar zijn we bezig geweest, elke maandagavond”, zegt Freddy Visser (62), terwijl hij wijst naar een reusachtige blauwe gereedschapskist op wielen.

Het is de derde keer dat ze meedoen, vertelt Visser. De jongste van de groep is 17, de oudste 63. „De een is timmerman, de volgende monteur, weer een ander heeft een ruimte beschikbaar waar we kunnen bouwen.” Vrijdag zal een deel van de groep in de vakjes van de kist klimmen met stukken gereedschap van piepschuim. „Volgens de regels mogen er niet meer dan acht mensen op een wagen de baan op, dus we wisselen af.”

Veiligheid

Omwille van de veiligheid zijn er veel regels voor deelnemende voertuigen. Iedereen die een brommer of voertuig bestuurt moet bijvoorbeeld blazen bij de start. Dat ondervond de Achterhoekse Leon Froeling (34), die samen met vier vrienden op het rennerskwartier staat. Ze doen mee aan de Brommerklasse. Vorig jaar mocht Froeling op zaterdagochtend niet starten: te veel bier gedronken de avond ervoor.

De mannen hebben kosten noch moeite gespaard. „De deelnemerskaarten waren binnen 1 minuut en 37 seconden weg”, vertellen ze. Omdat ze dat al van voorgaande jaren wisten, hadden ze andere vrienden gevraagd ook klaar te zitten achter hun computer om kaarten te bemachtigen. Uiteindelijk bleken ze zelfs een kaart te veel te hebben. „Toen hebben we gewoon een extra brommer gekocht.”

Allemaal hebben ze een outfit waarin ze vrijdag de baan opgaan: Pikachu, een tijger, een camouflagepak. Froeling haalt een geel met rood berenpak uit de tent tevoorschijn. „Ik ga als Winnie de Puch.” Op de petten die de mannen dragen staat ‘Vaak bu-j te bang’, het motto van de Zwarte Cross dit jaar. Wat betekent dat? „Eerst doen, dan denken.”