De mythe van de Turkse coup staat de feiten in de weg

Coup in Turkije Een jaar na de coup in Turkije is nog steeds niet duidelijk wat er precies is gebeurd en wie er verantwoordelijk voor was. Veel vragen blijven onbeantwoord – omdat Erdogan dat zo wil?

President Erdogan spreekt op 13 juli 2017 in Ankara tijdens een ceremonie waarop stil wordt gestaan bij de mislukte coup. Foto Adem Altan/AFP

Toen Turkse leerlingen in september vorig jaar terugkeerden naar school, kregen ze een vijftien minuten durende film te zien over het verraad waarmee de natie die zomer was geconfronteerd. De film begint met de beeltenis van Mustafa Kemal Atatürk, de vader van het moderne Turkije, terwijl president Erdogan met gedragen stem het volkslied reciteert.

Vervolgens komen enkele glorieuze veldslagen uit het verleden voorbij, zoals de slag bij Gallipoli in 1915, die de opmaat vormde voor de stichting van de Turkse republiek. Dan springt de film over naar de coup van 15 juli, met dramatische beelden van burgers die zich verzetten tegen tanks nadat president Erdogan hen heeft opgeroepen de straat op te gaan. De boodschap is duidelijk: Atatürk heeft de Turkse republiek gesticht, Erdogan heeft hem gered.

De film is nu een vast onderdeel van het curriculum waarin de ‘tweede revolutie’ wordt verheerlijkt. Daarnaast heeft het ministerie van Onderwijs lesmateriaal uitgebracht. Daarin wordt het verhaal van de coup verteld, met foto’s en verhalen van de 250 martelaren die die nacht vielen. De beweging van imam Fethullah Gülen wordt afgeschilderd als een ‘paard van Troje’ van buitenlandse machten, die in het verleden vaker opstanden in het Ottomaanse Rijk en coups in Turkije hebben gesteund.

Bekijk hieronder de film:

Het curriculum is lang niet de enige manier waarop de regering van de coup een nationale mythe probeert te maken. Vlak na de coup is 15 juli uitgeroepen tot een nationale feestdag: de Dag van Democratie en Martelaren. De naam van de Bosporusbrug, die bezet werd door tanks, is veranderd in de ‘15 juli Martelarenbrug’. In heel het land zijn straten, pleinen en scholen vernoemd naar degenen die zijn gekomen. En in april presenteerde het ministerie van Cultuur plannen voor een groot museum over de coup buiten Ankara, inclusief bibliotheek, café en souvenirwinkel.

Supporters van Erdogan zwaaien met Turkse vlaggen tijdens een proces tegen militairen die ervan beschuldigd worden dat ze de president wilden vermoorden op de nacht van de coup. Foto Kenan Gurbuz/EPA

Heldendaden

Deze mythologisering van de geschiedenis is niets nieuws in Turkije. Na de stichting van de Turkse republiek was het kemalisme decennialang de officiële staatsideologie. Op scholen werden de heldendaden van Atatürk (letterlijk: vader van de Turken) verheerlijkt. Hij maakte van Turkije na de val van het Ottomaanse Rijk een seculier, op het Westen gericht land. Zijn beeltenis siert munten, bankbiljetten, kantoren en winkels. Op het beledigen van Atatürk en het bezoedelen van zijn nalatenschap staat nog altijd één tot drie jaar celstraf.

Erdogan heeft lang ambities gekoesterd om de plaats van Atatürk in te nemen. Net als Atatürk presenteert hij zichzelf als een sterke leider die met mandaat van het volk de samenleving vormgeeft. Daarin moet het secularisme plaats maken voor meer islam. Maar het ontbrak Erdogan aan een mythe, een grote overwinning die de natie zou kunnen verenigen. De coup kwam wat dat betreft als „een godsgeschenk”, zoals Erdogan het uitdrukte.

Deze week staat Turkije uitgebreid stil bij de gebeurtenissen van vorig jaar. Erdogan heeft de herdenkingen aangegrepen om de mythe van de coup, en zijn rol daarin, kracht bij te zetten. Dinsdag bezocht hij de graven van de martelaren, waarna in moskeeën in heel Turkije de Koran werd gereciteerd. Zaterdag leidt hij een ‘Mars voor Nationale Eenheid’ in Istanbul en vliegt hij naar Ankara voor een speciale zitting van het parlement. Als apotheose geeft hij een toespraak om half drie ’s nachts, het tijdstip waarop het parlement werd gebombardeerd.

Turkse Nederlanders stonden stil bij de mislukte couppoging in Turkije: ‘Ik vroeg die soldaten, dat doen jullie?’

Waarheidsvinding

De mythologisering van de coup staat waarheidsvinding in de weg. Een jaar na dato weten we nog steeds niet wat er precies is gebeurd. De regerende AKP van Erdogan en de oppositie zijn ervan overtuigd dat de coup het werk was van de Gülenbeweging. Maar sluitend bewijs ontbreekt en er zijn veel onbeantwoorde vragen. Het heeft er alle schijn van dat de regering die liever onbeantwoord laat.

Vooral de uren voordat opstandige troepen de Bosporusbrug bezetten, zijn in nevelen gehuld. We weten inmiddels dat ene majoor O.K. (of H.A., zijn initialen zijn in de loop der tijd veranderd) al om 14.45 uur bij het hoofdkwartier van de militaire inlichtingendienst (MIT) in Ankara aanklopt om te waarschuwen voor een ophanden zijnde opstand binnen het leger, of een moordaanslag op MIT-baas Hakan Fidan – er zijn verschillende versies van het verhaal. Zijn waarschuwing wordt serieus genomen.

MIT-baas Hakan Fidan belt om 16:30 met de chef-staf van het Turkse leger, Hulusi Akar, en gaat twee uur later bij hem langs. Wat ze precies hebben besproken is onduidelijk. Fidan zou hebben verteld over de mogelijke opstand of aanslag en zou de luchtmachtbasis Akinci hebben genoemd – naar later blijkt is dat het zenuwcentrum van de coup. Fidan verlaat later het hoofdkwartier en blijft een groot deel van de avond onvindbaar. Vreemd genoeg licht hij Erdogan en premier Yildirim niet in over de dreiging.

Ook Akar lijkt niet erg onder de indruk. Hij sluit weliswaar het luchtruim voor militair vliegverkeer, om troepenverplaatsingen naar Ankara te voorkomen, maar waarschuwt delegertop niet. Ook hij belt niet met Erdogan en Yildirim. Wel stuurt hij de commandant van de landmacht naar de luchtmachtbasis Akinci om poolshoogte te nemen, omdat de informatie die ze hadden „mogelijk onderdeel was van een groter plan”. De commandant wordt op de basis gevangen genomen door de couppplegers en enkele uren later wordt Akar zelf in zijn kantoor gegijzeld.

Turkse militairen staan op wacht op 16 juli 2016 op het Taksimplein terwijl mensen met Turkse vlaggen zwaaien in Istanbul. Foto Murad Sezer/Reuters

Wie is de mysterieuze majoor O.K.? Wat heeft hij precies verteld over het complot? Waarover spraken Fidan en Akar? Waarom hebben ze Erdogan en Yildirim niet gewaarschuwd? Erdogan zegt dat hij het nieuws over de coup pas ’s avonds vernam van zijn zwager. Maar waarom noemde hij vier keer een ander tijdstip? En waarom zijn Fidan en Akar nog steeds in functie, terwijl ze zo opzichtig hebben gefaald?

Op deze en andere vragen had de parlementaire onderzoekscommissie, die in oktober aan het werk ging, een antwoord kunnen vinden. Maar de hoofdrolspelers – Fidan, Akar, Yildirim en Erdogan – zijn niet door de commissie verhoord. Dat werd geblokkeerd door Erdogans AKP, die een meerderheid had in de commissie. Fidan en Akar stuurden wel schriftelijke verklaringen, maar die lieten de belangrijkste vragen onbeantwoord. Begin december besloot de commissie abrupt haar onderzoek af te ronden, na een oproep van Erdogan. De toedracht van de coup was volgens hem al duidelijk.

Het rapport van de commissie volgt de officiële lezing van de gebeurtenissen. De jarenlange alliantie tussen de AKP en de Gülenbeweging wordt gebagatelliseerd. In plaats daarvan stelt het rapport dat de Gülenbeweging hulp kreeg van alle partijen die sinds de jaren zeventig aan de macht waren. Ook claimt het rapport, zonder bewijs, dat de beweging steun kreeg van de Amerikaanse inlichtingendienst, de CIA.

De massale zuiveringen en het referendum over het presidentiële systeem hebben de verhoudingen verder op scherp gezet.

De oppositiepartijen hebben daarna hun eigen rapport uitgebracht. De sociaal-democratische CHP spreekt van een ‘gecontroleerde coup’: Erdogan wist dat een staatsgreep ophanden was, en heeft die bewust laten plaatsvinden op een moment dat die weinig kans van slagen had. Het zou hem de kans geven de zuivering van gülenisten op te voeren en uit te breiden naar de rest van de oppositie. De theorie is gebaseerd op het feit dat Fidan en Akar ’s middags al wisten van de aanstaande opstand binnen het leger, de vele tegenstrijdigheden in het officiële verhaal, en de weerzin van de AKP om de waarheid boven tafel te krijgen.

De CHP hamert voortdurend op de ‘politieke vleugel van de coup’. Daarmee doelt de partij op de gülenisten binnen de AKP. Sinds het conflict met Gülen uitbrak, zijn de politie, justitie, scholen, universiteiten en het leger gezuiverd. Maar de AKP zelf is tot nu toe gespaard gebleven. Volgens de oppositie omdat dan duidelijk zou worden hoe nauw de banden met de Gülenbeweging waren. Dat zou ook de reden zijn dat de lijst met ByLock-gebruikers, een app waarmee gülenisten zouden hebben gecommuniceerd, niet openbaar is gemaakt.

Bekijk hier een overzicht van de massa-arrestaties en -ontslagen sinds de mislukte coup. En een tijdlijn.

Proces

Inmiddels zijn in Ankara, Istanbul en Izmir tientallen rechtszaken begonnen tegen de vermeende daders van de coup. Samen vormen die de grootste strafzaak in de geschiedenis van Turkije. Volgens Turkse journalisten die de processen nauwgezet volgen, wijst alles in de richting van de Gülenbeweging. Maar ze geven toe dat er weinig bewijs is.

Er zijn camerabeelden, maar die zijn schaars. Er zijn lijsten van de inlichtingendienst met vermeende gülenisten in het leger. Er zijn vluchtgegevens van vermeende coupplegers naar Pennsylvania in de VS, waar Fethullah Gülen in ballingschap leeft. Er zijn gesprekken via ByLock en WhatsApp, en tussen gevechtspiloten en verkeerstorens. De hoofdverdachten ontkennen dat ze iets met de coup de maken hadden. Volgens journalisten is hun verdediging opmerkelijk gedisciplineerd. Soms geven ze zelfs woord voor woord dezelfde verklaring. Het kan nog jaren duren voordat er een definitief vonnis is.

De massale zuiveringen en het referendum over het presidentiële systeem hebben de verhoudingen verder op scherp gezet. De AKP wijst de theorie van een ‘gecontroleerde coup’ resoluut van de hand. De suggestie is volgens de partij oneerbiedig tegenover de mensen die die nacht om het leven kwamen. De AKP stelt dat het Turkse volk allang een duidelijk beeld heeft van de gebeurtenissen en de verantwoordelijken. De graven van de 250 martelaren zijn daar stille getuigen van.

Mensen lopen op 10 juli 2017 langs een monument voor sergeant Omer Halisdemir in Nigde, een kleine stad in Turkije. Hij werd vermoord tijdens de mislukte coup vorig jaar. Foto Yasin Akgul/AFP