Raven kunnen goed vooruit plannen

Evolutie

Plannen leek voorbehouden aan mensen en mensapen. Uit recent onderzoek blijkt dat ook raven over deze eigenschap beschikken.

Plannen is vooruitdenken. Wie morgenochtend muesli of cornflakes wil eten, weet wat daarvoor nodig is: ontbijtgranen, (soja)melk, een schone lepel en een kom. Dat betekent dus: boodschappen doen en afwassen. Mensen kunnen dat. Mensapen ook. Maar nu blijken ook raven die vaardigheid te beheersen, ontdekten biologen van de universiteit van Lund in Zweden.

In vakblad Science beschrijven Can Kabadayi en Mathias Osvath deze week hoe raven gereedschapsgebruik en ruilhandel kunnen inplannen. Ook zijn ze bereid om een directe beloning aan zich voorbij te laten gaan als daar later een grotere tegenover staat.

Raven zijn dus even goed in planning als mensapen, concluderen de onderzoekers, en presteren zelfs beter dan vierjarige kleuters in vergelijkbare experimenten. Dat chimpansees ook zo goed vooruit kunnen plannen werd in 2009 ontdekt, toen een chimp in de dierentuin ’s morgens al stenen klaar bleek te leggen waarmee hij pas ’s middags naar bezoekers ging gooien.

Uit eerder onderzoek van raven was al bekend dat ze voedsel doelbewust verstoppen om het later op te eten, maar dat werd gezien als specifieke handigheid, een instinct zoals ook eekhoorns hebben.

Nieuwe kijk op de cognitieve evolutie

Nu raven over algemenere planvaardigheden blijken te beschikken, geeft dat een nieuwe kijk op de cognitieve evolutie. De meest recente gezamenlijke voorouder van raven en mensapen leefde 320 miljoen jaar geleden. Het is onwaarschijnlijk dat die ook al over dergelijke complexe vaardigheden beschikte. Vermoedelijk is een ingewikkeld cognitief proces als plannen dus tweemaal ontstaan in de evolutie: zowel bij mensapen als bij raven.

Kabadayi en Osvath onderwierpen de raven aan vier experimenten, die elk in twee varianten werden uitgevoerd – één met gereedschapsgebruik en één met ruilhandel. Aan elk experiment deden vier raven mee. Bij het eerste experiment werden de vogels getraind om met bepaald gereedschap een kistje te openen waar voedsel in zat. Vervolgens kregen ze alleen het kistje te zien, zonder ‘sleutel’. Later werd juist alleen die sleutel getoond, samen met enkele nepsleutels. De vier raven kozen vrijwel altijd het juiste exemplaar, en zodra ze vervolgens het kistje zagen lukte het meestal ook om dat te openen. Het soortgelijke ruilhandelexperiment bestond eruit dat de raven verschillende tokens zagen en leerden dat één hiervan te ruilen was tegen voedsel.

Zeventien uur wachten

Het tweede experiment leek op het eerste, maar na de keuze voor een bepaald gereedschap of ‘muntstuk’ moesten de raven zeventien uur wachten voor ze het konden gebruiken. Ze moesten dus vooruitdenken.

In een ander experiment moesten de raven kiezen tussen een kleine directe beloning en materieel dat na een kwartier toegang gaf tot een veel groter lekker hapje. In bijna driekwart van de gevallen kozen ze voor de uitgestelde beloning.

Twee psychologen van de universiteit van Cambridge, niet betrokken bij het onderzoek, reageren in Science enthousiast op de resultaten. Volgens hen duiden de uitkomsten erop dat raven, net als mensen, herinneringen gebruiken om beslissingen op de lange termijn te maken, in plaats van zich over te geven aan instantbehoeftebevrediging.