Column

Het leven als een valluik

‘Geniet ervan.” Het is een advies dat je als consument tot vermoeiens toe steeds vaker krijgt toegevoegd. Overbodig bovendien, omdat je helemaal niet van plan was met grote tegenzin iets te consumeren waar je nota bene voor betaald had. Toch gaat er achter dit advies een gedachte schuil die zo gek nog niet is.

Ik las een treffende column uit 1926 van Milena Jesenská (1896 – 1944), de interessantste vriendin die Franz Kafka heeft gehad. „Liefde is dat jij het mes bent waarmee ik in mijzelf wroet”, schreef hij haar eens. Milena’s column staat in De weg naar eenvoud, vertaald door Irma Pieper en in 2013 uitgekomen bij Stichting Voetnoot. Een dun boekje, maar alles wat erin staat is de moeite waard, want Milena (ze is vooral bekend onder haar voornaam) was een voortreffelijke journalist, die ook als auteur door Kafka werd gewaardeerd.

De column heet ‘Verheug je niet op de dag van morgen’ (‘Es ist nicht gut, sich auf etwas zu freuen’). De beginzin: „Heb je er wel eens bij stilgestaan dat we ons hele leven eigenlijk niets anders doen dan ons ergens op verheugen en dat we niet leven kunnen als we niets hebben om naar uit te kijken?”

Milena legt uit dat ze al als klein meisje te weinig in het heden opging. De dingen en gebeurtenissen waar ze zich op verheugd had, gingen aan haar voorbij en waren lang niet zo mooi als de voorpret, ze werden pas mooi als ze eraan terugdacht. Het leven leek wel een valluik waar het heden doorheen viel.

„We sparen het verleden en beramen de toekomst, maar we verknoeien op zo’n hopeloze manier het heden dat we amper tot het besef komen dat dat het leven is, dat alleen dát het leven is.”

Ze pleit er hartstochtelijk voor van de kleine dingen te genieten, een kop thee, een open plekje in het bos. „Leef in de tegenwoordige tijd, in het heden en wees in staat, wees in godsnaam in staat alleen dit moment te zien en er alles uit te halen wat erin zit. (…) Niemand zal je ooit datgene kunnen teruggeven wat je zojuist door je vingers hebt laten glippen, maar om de pijn van vandaag zul je morgen lachen. Je hebt nog nooit iets meegemaakt wat je niet morgen in een ander licht zou zien, en overmorgen in weer een ander, en je kunt er dus gerust van op aan dat geen enkele zaak van levensbelang is, hoezeer dat ook zo lijkt te zijn.”

Leven in het nu – Milena lijkt aangeraakt door het boeddhisme, maar bij haar voel ik geen vaag mysticisme, geen zweverigheid, alleen de behoefte de vruchten van een actief leven te plukken en te koesteren, zowel in haar werk als in de liefde en de politiek. Kafka schreef haar eens: „Die Du Dein Leben bis in solche Tiefen lebendig lebst.

Ze had tal van inzinkingen, maar kwam er steeds weer bovenop. Uiteindelijk trof haar een treurig lot: na mislukte relaties met mannen, ook met Kafka, een vreselijke dood in vrouwenconcentratiekamp Ravensbrück. „Milena behoorde tot de weinigen die niet in staat waren onverschillig en afgestompt te raken”, schreef kampgenote Margarete Buber-Neumann over haar.

Milena was te optimistisch geweest, zou je kunnen zeggen, ze had te weinig oog voor de hel die het heden kan zijn – maar zonder haar levenswil zou ze de moed al vroeg hebben opgegeven. Ze genoot zolang als het kon. Lebendig leben.