Hoe minister Schippers de formatie beïnvloedde

Kabinetsformatie

Met opzet deed de ex-informateur het niet. Maar de voorstellen over controversiële medisch-ethische thema’s waarmee Edith Schippers als minister kwam, bemoeilijken de formatie tussen VVD, CDA, D66 en de ChristenUnie.

Foto Lex van Lieshout/ANP

In kringen van onderhandelaars zeggen ze het al langer: het wetsvoorstel-voltooid leven krijgt veel aandacht, maar er zijn méér moeilijke medisch-ethische discussies gaande aan de formatietafel. En wie denkt dat de onderhandelaars Mark Rutte (VVD), Sybrand Buma (CDA), Alexander Pechtold (D66) of Gert-Jan Segers (ChristenUnie) daarvoor hebben gezorgd, die heeft het mis. Het was Edith Schippers (VVD), de voormalig informateur, die deze kabinetsformatie – zonder dat ze die bedoeling had – in een lastige uitgangspositie bracht.

Dat zit zo. In haar laatste ambtsjaar als minister van Volksgezondheid was Schippers zeer actief op lastige medisch-ethische thema’s. Ze diende, vanaf mei vorig jaar, voorstellen of wetswijzigingen in die beogen de abortuswet te verruimen, de Embryowet op te rekken en een voltooid leven-wet te creëren. Behandeling in de Tweede Kamer bleek op korte termijn niet mogelijk. Hoewel Schippers benadrukt dat het niet haar intentie was de formatie te beïnvloeden, is het een feit dat haar voorstellen drie van de meest controversiële onderwerpen van Den Haag rechtstreeks op de formatietafel brachten.

Liberale idealen

Edith Schippers (Utrecht, 1964) is zeven jaar minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De eerste jaren van haar ministerschap wijdde ze vooral aan het zorgstelsel: Schippers wilde de zorgkosten terugdringen, zodat het sociale vangnet in de toekomst overeind blijft. Er waren moeilijke maatregelen voor nodig: een verhoogd eigen risico (385 euro) en ingrijpende stelselwijzigingen inclusief bezuinigingen. Maar: het doel werd bereikt. Voor het eerst in decennia stokte de groei van de zorgkosten. Het kabinet geeft er nu ruim 75 miljard euro aan uit, maar als percentage van het bruto binnenlands product dalen de uitgaven al vier jaar op rij.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws over de formatie met ons formatieblog

Schippers koos er het laatste jaar regelmatig voor onderwerpen aan te kaarten die haar persoonlijk raken. In september hield ze in de jaarlijkse H.J. Schoolezing een fel pleidooi voor individuele vrijheid. Ze sprak zich uit over de „sluipende toenemende intolerantie” in de samenleving. In haar beleid is zo’n beweging afgelopen jaar ook te zien, al is de planning voornamelijk afhankelijk van toeval.

In mei vorig jaar kondigde Schippers aan dat ze specifiek wetenschappelijk onderzoek wil toestaan met buiten het lichaam gecreëerde embryo’s, onder zeer strenge voorwaarden. Het is een wijziging die in 2012 al werd aanbevolen in de wetsevaluatie. Niet eerder maakte Schippers de wetswijziging zo concreet. Een paar maanden later pleitte ze in een brief aan de Tweede Kamer voor een voltooid leven-wet, bedoeld om euthanasie mogelijk te maken voor ouderen die niet ziek zijn maar hun leven voltooid vinden. Dit was een reactie op een onderzoeksrapport een half jaar eerder. En een maand voor de verkiezingen, in februari, kwam Schippers’ aangekondigde voorstel voor verruiming van de abortuswet – die het ook voor huisartsen mogelijk zou maken de ‘abortuspil’ voor te schrijven. Het was een voorstel waar op het ministerie twee jaar werd gewerkt.

Hoe overtuigd Schippers van de plannen is, blijkt wel uit het feit dat zij twee keer zeer gezaghebbende adviezen naast zich neerlegde. Voor het veranderen van de abortuswet vroeg Schippers om advies bij de Raad van State. Die vond een wetswijziging niet nodig, maar de minister zette toch door.

Hetzelfde gebeurde bij haar aankondiging van een voltooid leven-wet. Dat was officieel een reactie op het rapport van de onderzoekscommissie-Schnabel. Die ‘commissie van Wijzen’ had op verzoek van het ministerie ruim twee jaar – het rapport werd twee keer uitgesteld – onderzoek gedaan naar de mogelijkheden om de wet te verruimen voor mensen die vonden dat hun leven voltooid was. D66-senator Schnabel kwam tot een verrassende conclusie: een nieuwe wet was absoluut niet gewenst – deze zou de bestaande en goed functionerende euthanasiewet (2002) „uithollen”.

Advies inwinnen

De verbazing bij Schnabel en zijn commissieleden kon niet groter zijn toen Schippers zeven maanden na hun advies precies het tegenovergestelde voorstelde. Ook verschillende Tweede Kamerleden waren verbaasd. Hanke Bruins Slot (CDA) wilde in een debat weten waarom Schippers haar eigen commissie negeerde. Schippers zei dat het kabinet „tot andere politieke conclusies” was gekomen na lezing van het rapport-Schnabel. „Je kunt daar honderd onderzoeken naar doen maar op een gegeven moment kies je ervoor om een bepaald standpunt in te nemen.”

Bruins Slot vroeg de minister ook expliciet met wie haar ministerie contact had gehad over de bepaling van dat standpunt. Het was een „intern proces” geweest in het kabinet, zei Schippers. Uit vragen die NRC heeft neergelegd bij verschillende belangenorganisaties blijkt echter dat de ambtenaren die bezig waren met de kabinetsreactie op de commissie-Schnabel wel degelijk elders hebben gevraagd om een zienswijze. Dat vroegen ze, opmerkelijk genoeg, niet aan de kritische artsenfederatie KNMG, maar wél aan erkende voorstanders van een voltooid leven-wet, zoals de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) en de Coöperatie Laatste Wil. Woordvoerders van de laatste twee partijen bevestigen dat het ministerie om hun bijdrage heeft gevraagd.

Op 15 maart 2016 stuurde de Coöperatie Laatste Wil een position paper naar de ambtelijke werkgroep ethiek van het ministerie, die zich bezighield met de kabinetsreactie. Daarin werd onder meer gepleit voor een ‘proeftuin’ waarin een legaal ‘laatstewilmiddel’ wordt verstrekt. Een ‘laatstewilmiddel’ kwam niet in het wetsvoorstel te staan. Maar, zo zegt bestuurslid Jos van Wijk: „De eerste negen pagina’s van het kabinetsvoorstel, die zijn helemaal in lijn met ons verhaal.”

Voorzitter René Héman van de KNMG vindt dat Schippers zelf mag weten wie ze bevraagt, maar áls zijn mening was gevraagd had de minister geweten dat veel artsen tegen haar voorstel zouden zijn.

Volgens het ministerie is binnen de ministerraad „langdurig en uitvoerig” gesproken over het wetsvoorstel-voltooid leven. Consultatie van alle veldpartijen vond het ministerie niet nodig, omdat de commissie-Schnabel dat al had gedaan. „Het kan zijn” dat ambtelijk contact is gezocht „met derden” om antwoord op vragen te krijgen, aldus de woordvoerder van Schippers.

De minister „staat niet neutraal” in de drie medisch-ethische onderwerpen, vervolgt ze, maar „ze gaan haar aan het hart”. Schippers wil niet ingaan op het gegeven dat deze thema’s op de formatietafel zijn terechtgekomen als gevolg van haar voorstellen. De plannen hadden volgens haar op zichzelf „geen relatie” met verkiezingen of de formatie.