Interview

‘Ik wilde de hele wereld in wit laten dansen’

Duncan Stutterheim

Zaterdag is de allerlaatste Sensation-show. Duncan Stutterheim over de opkomst en neergang van het internationale dancebedrijf ID&T.

Stutterheim: „Nu kan ik het loslaten.”

Duncan Stutterheim (1971) ligt ontspannen met zijn benen omhoog, de witte gympen over de rand van de fluwelen canapé, in zijn huis aan de Prinsengracht. Er is nog een stukje van het gabberembleem aan de binnenkant van zijn rechterarm te zien, anders zou je nooit vermoeden: hier ligt een dancetycoon in ruste. „Nu kan ik het loslaten”, zegt hij met een klap op het tegeldikke boek Celebrate Life, over zijn bedrijf ID&T.

Stutterheim stapte twee jaar geleden op als directeur van het grootste dancebedrijf van Nederland dat hij oprichtte met twee jeugdvrienden. Als eerste gingen zij de wereld rond met evenementen zoals gabberfeest Thunderdome en later Sensation, de muziekshow met spectaculaire decors die te zien was in 32 landen.

De allerlaatste editie van Sensation, zaterdag in de Amsterdam Arena, heet The Final, naar het eerste feestje dat Duncan (de D in ID&T) 25 jaar geleden met zijn jeugdvrienden Irfan van Ewijk (I) en Theo van Vliet (T) in de Jaarbeurshallen in Utrecht gaf.

De jongens uit Landsmeer hadden kennis gemaakt met de vroege house op illegale dancefeesten in schuren en loodsen. Speakers in de achterbak, klep open, jointje erbij. Terwijl clubs in Amsterdam rustige, melodieuze housemuziek draaiden, wilden de jongens op het platteland hárd. Stutterheim begon met een feestje in een buurthonk, een half jaar later volgde meteen de Utrechtse Jaarbeurs, op 20 juni 1992. Vader Cor, oprichter van softwarebedrijf CMG, sprong bij op de wc’s, moeder deed de garderobe. „We hadden nooit gedacht dat het een feest werd voor 10.000 man. We dachten 3.000 man en we zochten een halletje. Dat werd het grootste feest van Nederland. Ineens was dat de maatstaf. Dan gaan we nu naar Thialf, dachten we.”

Het feest werd Thunderdome gedoopt en werd de vlaggendrager van de gabberhype. Stutterheim tekende dj-team The Dreamteam. Dat perste er wekelijks nieuwe nummers uit voor de compilatie-cd’s die het fundament werden onder zijn imperium. Tot in Australië organiseerde ID&T evenementen. „Het kwam ook door internet, mensen begonnen te reizen. Ze kwamen uit honderd landen naar Amsterdam.”

Het overlijden van zijn vijf jaar jongere broer Miles in 2000 was een keerpunt. ID&T vroeg bezoekers van de volgende Sensation in het wit te komen. „Veertig procent gaf gehoor aan de dresscode. Dat was heel bijzonder. Ik weet niet of Sensation zonder die lading zo succesvol was geweest. Ik had het gevoel: we gaan de hele wereld in het wit laten dansen.”

Stutterheim begon zich te verdiepen in het boeddhisme, reisde naar India. Eenmaal terug opende ID&T in rap tempo strandtent Bloomingdale in Bloemendaal en restaurant Cineac en cocktailbar Mme Jeanette in Amsterdam. Het bedrijf waagde zich op de telecommarkt met ID&T Mobile en leende vier miljoen voor een eigen radiostation. Grootheidswaan? „Nee. De hele dag house op de radio, dat is toch kicken?” ID&T leed 200.000 euro verlies per maand door de huur van dure zendmasten en tegenvallende advertentie-inkomsten. Stoppen kon niet – aan die etherfrequentie zat een zendverplichting vast. „Stom, dat zou ik nu nooit meer doen.”

Stukgelopen deals

Een inspirator en een visionair, maar ook een dictator, zo noemen zakenpartners Sander Groet en Wouter Tavecchio hem. „Die eerste jaren was dat zo. Maar als je tachtig procent van de aandelen hebt, dan is het toch jouw bedrijf? Later heb ik mijn aandeel heel bewust teruggebracht naar een minderheidspositie.”

Na verschillende stukgelopen deals met onder meer Joop van den Ende moest een fusie met hardstylebedrijf Q-dance, ID&T redden.

Stutterheim vertrok voor een jaar naar Sydney met zijn gezin. Toen hij daar tegen het grootste stadion ter wereld aanliep, besloot hij met zijn vrouw Lisca de eerste Sensation Australië te organiseren. Er kwamen 55.000 man, de afterparty in de hotelsuite ging vier dagen door. Duncan liet een tattoo zetten, ‘veni, vidi, vici’.

Al in 2007 stuurde Stutterheim vanuit Australië een mailtje naar de ID&T-directie over Bob Sillerman, de Amerikaanse investeerder die het latere Live Nation had gekocht. Moeten wij ook niet zoiets doen? In 2013 werd ID&T overgenomen door Sillermans SFX Entertainment, voor 130 miljoen dollar. Stutterheim werd directeur, maar de beursgang flopte. „Mismanagement”, zegt hij nu. „Ze hadden een enorm kantoor gebouwd. Er werden te veel feesten opgezet in te korte tijd.” Spijt heeft hij niet, zegt hij. Maar nog voor in 2016 het faillissement van SFX werd aangevraagd, stapte Stutterheim op als directeur Europa. Zijn gezicht hing scheef van een virus, hij liep over van de stress. Tijdens een ayahuasca-ceremonie – waarbij de deelnemers onder invloed van een hallucinogene drank de hele nacht in hun ziel duiken – nam hij het besluit om te stoppen. „Onze derde dochter was net geboren, EDM (Electronic Dance Music) kwam op – voor het eerst trok ik een nieuwe stroming niet.”

Nu zit Stutterheim in de Nederlandse Sportraad en is hij mede-eigenaar van A’DAM Toren, het oude Shell-gebouw in Amsterdam-Noord waar bedrijven en horeca zitten. Zijn vrouw Lisca zette een vluchtelingenkamp op Lesbos op. Er wonen twee vluchtelingen bij het gezin in. „Ik wil dicht tegen de entertainmentwereld aan blijven zitten en daarbinnen een maatschappelijke rol vervullen. Zo heb ik een middag georganiseerd met Follow This over de verduurzaming van Shell in de A’DAM Toren. Die discussie vind ik heel belangrijk.”

Hij droomt nog, maar: „Ik denk niet dat er nog zo’n boek komt.”

Celebrate Life, Het verhaal van ID&T (deel 2), Gert van Veen, uitgeverij Mary Go Wild, 600 blz., 49,95 euro.