Staten VS weigeren deelname aan onderzoek kiesfraude

Kiesstelsel Zeker twintig staten dwarsbomen onderzoek naar fraudeclaim Donald Trump.

Stembureau in New York tijdens de verkiezingen van 2016 Foto JASON SZENES/EPA

Het onderzoek dat de regering-Trump instelt naar mogelijke grootschalige stemfraude is nog niet begonnen of het stuit al op fikse weerstand. De staten werken niet mee.

Ruim twintig Amerikaanse staten weigerden de afgelopen dagen te voldoen aan een verzoek van de Presidentiële Adviescommissie voor Verkiezingsintegriteit om complete kiesregisters aan Washington te overleggen. De staten weigeren de premisse te accepteren waarop de commissie opereert: dat bij de verkiezingen van november op grote schaal is gefraudeerd. Ook zeiden de staten privacywetten te schenden als ze meewerkten.

In mei riep Trump de commissie in het leven om de veronderstelde stemfraude te onderzoeken. Tijdens de verkiezingscampagne stelde Trump vaak dat de verkiezingen ‘gemanipuleerd’ zouden worden. Na zijn overwinning blééf hij het erover hebben. Trump had de meeste kiesmannen achter zich gekregen, maar Clinton won de popular vote: ze kreeg bijna 3 miljoen stemmen meer dan Trump. Deze claimde daarop dat híj het hoogste aantal stemmen zou hebben gekregen als niet 3 miljoen mensen, zoals illegalen, ten onrechte hadden gestemd.

Geen bewijs

Voor Trumps claim is geen bewijs. Verkiezingsfraude is veelvuldig onderzocht en nooit zijn er meer dan incidentele gevallen van gevonden. Het Brennan Center for Justice, een democratiewaakhond, constateerde in 2007 dat een Amerikaan „meer kans heeft getroffen te worden door de bliksem dan dat hij zich als een ander zal voordoen bij het stemhokje”.

Toch toog Trumps commissie aan het werk. Vorige week kwam ze met haar verzoek aan de staten – en verzocht hen direct om vele andere gegevens: de burgerservicenummers, geboortedata, adressen, partijvoorkeur en informatie over eventuele strafbladen en militaire dienst.

Zestien staten, de meeste met een Republikeinse regering, zegden hun medewerking toe. Maar twintig andere stonden meteen op hun achterste benen. Republikeinse omdat ze allergisch zijn voor inmenging vanuit Washington. Democraten omdat ze de commissie diep wantrouwen.

Alleen al de leden van Trumps kiesfraudecommissie deden afgelopen weken bij Democraten de alarmbellen afgaan.

“Ze kunnen in de Golf van Mexico springen”, reageerde de Republikein Delbert Hoseman, de verantwoordelijke ambtenaar in Mississippi.

Ook burgerrechtenorganisaties verwijten de commissie dat ze niet duidelijk maakt waarom ze deze gegevens opvraagt en hoe ze die wil gebruiken en beschermen. Zo kregen de staten de optie de gegevens per e-mail te sturen. Een mogelijke goudmijn voor hackers, aldus experts.

Niemand betwist dat de Amerikaanse kiesregisters vaak verouderd zijn. Maar Democraten zien het fraudeonderzoek als een nauwelijks verhulde poging van de Republikeinen het kiesstelsel voorgoed naar hun hand te zetten door met behulp van de stemgegevens de regels zó te veranderen dat stemmen voor Democratische kiezers moeilijk tot onmogelijk wordt.

Hun argwaan heeft een voorgeschiedenis. Republikeinen pleiten steeds feller voor strengere stemregels; ze blijven volhouden dat er wordt gefraudeerd. Democraten beschuldigen de Republikeinen ervan groepen kiezers die doorgaans Democratisch stemmen, zoals armen, Afro-Amerikanen, migranten en jongeren, het stemmen te bemoeilijken door de eisen ervoor op te schroeven.

‘Gerrymandering’

Ook waren Republikeinen afgelopen jaren goed in gerrymandering, het hertekenen van stemdistricten in hun voordeel. Vorige maand besloot het Hooggerechtshof de grondwettelijkheid van deze praktijk te zullen toetsen, naar aanleiding van het radicaal hertekenen van kiesdistricten door de staat Wisconsin.

Alleen al de leden van Trumps kiesfraudecommissie deden afgelopen weken bij Democraten de alarmbellen afgaan. Trump maakte vicepresident Mike Pence voorzitter, maar de dagelijkse leding berust bij vicevoorzitter Kris Kobach, een top ambtenaar uit Kansas die door de burgerrechtenbeweging ACLU ‘koning van de kiezersonderdrukking’ werd gedoopt.

Kobach was de drijvende kracht achter een wet in Kansas die paspoort én geboorteakte verplicht stelde als je je als kiezer wilde registreren, dure documenten die arme – vaak Democratisch stemmende – kiezers vaak niet kunnen betalen. Rechtszaken over de wet zijn nog gaande. En commissielid Ken Blackwell bijvoorbeeld bepaalde toen hij nog ambtenaar was in Ohio dat stemregistratieformulieren alleen geldig waren als ze geprint waren op papier van een bepaalde dikte.

Bij zijn aantreden zei Kris Kobach dat zijn commissie het onderzoek met ‘een open mind’ begon en dat zij tot doel had ‘de cijfers en feiten op tafel te krijgen’. Maar Democraten houden vol dat het hele bestaan van de commissie bewijst dat feiten allang geen rol meer spelen in de taaie politieke strijd om de stembusgang.

Lees ook het stuk dat Guus Valk in 2014 schreef over het hertekenen van kiesdistricten: Eerlijke verkiezingen? Lees dit, en oordeel daarna