Reddingsoperatie

Brussel geeft Italië toestemming om geld te steken in redding oudste bank te wereld

Italië mag 5,4 miljard euro in de bank Monte dei Paschi di Siena steken. De Europese Commissie heeft het reddingsplan voor de bank dinsdag goedgekeurd, ook de Europese Centrale Bank is akkoord. Aandeelhouders en sommige obligatiehouders van de bank zullen verliezen moeten accepteren ter waarde van 4,3 miljard euro, waardoor de staat een kleiner bedrag aan de redding kwijt is dan het kapitaaltekort van de bank bedraagt.

De oudste bank van de wereld, opgericht in 1472 in de stadsstaat Siena, moet binnen vijf jaar reorganiseren en gaat zich richten op de detailhandel en het midden- en kleinbedrijf. Meer dan 26 miljard euro aan slechte leningen (leningen waarvan terugbetaling onzeker is) worden van de balans afgehaald. Deze worden overgenomen door particuliere investeerders. Voor een belangrijk deel neemt het fonds Atlante II, gefinancierd door andere Italiaanse banken, de probleemkredieten over.

Efficiënter worden

Topfunctionarissen van de bank mogen niet meer verdienen dan maximaal tien keer het gemiddelde salaris van de bankmedewerkers, aldus het reddingsplan. De bank moet daarnaast maatregelen nemen om efficiënter te worden. Het is nog niet duidelijk of en hoeveel banen daarbij verloren gaan.

Volgens EU-commissaris Margrethe Vestager (Mededinging) kon de kapitaalinjectie „alleen worden goedgekeurd omdat aandeelhouders en obligatiehouders bijdragen in de kosten van de herstructurering”, vermeldt het persbericht. Hierdoor wordt zo min mogelijk belastinggeld gebruikt. Brussel mag alleen onder bepaalde voorwaarden staatssteun aan financiële instellingen verlenen als de redding leidt tot winstgevendheid bij de bank op langere termijn.

De financiële stabiliteit in Europa is volgens de vicevoorzitter van de Commissie, Valdis Dombrovskis, met dit reddingsplan goed beschermd. „De lasten voor de belastingbetaler blijven laag.” Twee kleinere banken, Populare di Vicenza en Veneto, gingen onlangs failliet, maar ook daaraan is de Italiaanse staat geld kwijt. Intesa Sanpaolo, de tweede bank van Italië, krijgt 5,2 miljard aan staatssteun om de activiteiten van de twee banken over te nemen.