Op het keurmerk mochten dokter en ziekenhuis varen

Deze rubriek belicht elke woensdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week civiel recht: onverhaalbare schade door borstimplantaten.

Foto iStock

In 2003 liet een vrouw in Heerlen om medische redenen haar borsten corrigeren met implantaten van de Franse firma Poly Implant Prothèse, destijds netjes voorzien van een CE-keurmerk. Daarna kreeg ze klachten over haar gewrichten, spieren en darmen. Zij verloor 35 kg gewicht, de lymfeklieren raakten opgezet, de ontstekingswaarden in haar bloed liepen onverklaarbaar hoog op. In 2004 werden verschillende auto-immuunziekten geconstateerd. Zij vordert gezondheidsschade van zo’n acht ton, bij het ziekenhuis. Vaststaat dat PiP-implantaten makkelijk lekten en industriële siliconen bevatten, niet medicinale.

Het ziekenhuis zegt niet te weten of destijds bij haar gebrekkige implantaten zijn geplaatst. En als dat al zo was, betwijfelt het of haar klachten zijn veroorzaakt door de gel. Toerekening van aansprakelijkheid is dus onredelijk. De patiënt vindt dat juist wel redelijk. De producent en de importeur zijn namelijk failliet. De schade wordt niet gedekt door een verzekeraar. Het ziekenhuis bepaalde zelf het type en behoorde daarover goed geïnformeerd te zijn. Het ziekenhuis deed zelf zaken met de producent. Als ‘importeur’ mag het dus geacht worden deskundig te zijn – afgaan op het keurmerk is niet genoeg.

De rechtbank Limburg wijst alle claims af. Doorslaggevend is dat het ziekenhuis niet op de hoogte van de gebreken was en dat ook niet hoefde te zijn. Het CE-keurmerk is door ‘ingenieuze’ fraude verworven; het ziekenhuis behaalde geen enkel voordeel door juist deze implantaten te gebruiken in plaats van andere. Op het CE-keurmerk mocht dus worden vertrouwd. Zelfstandig onderzoek op deugdelijkheid hoeft niet. De patiënte verliest en moet nu 2.800 euro proceskosten van het ziekenhuis vergoeden.

ECLI:NL:RBLIM:2017:4981