Frankrijk zoekt voor 60 miljard euro aan bezuinigingen

Overheidsfinanciën

Dat de broekriem verder aangetrokken moet worden, wijt premier Philippe aan „onacceptabele” overschrijdingen onder de in mei afgezwaaide Hollande.

Premier Édouard Philippe gaf dinsdag zijn toespraak in de Assemblée. Foto Reuters

Frankrijk „danst op de rand van een vulkaan die steeds harder rommelt”. Tot die conclusie over de overheidsfinanciën kwam de nieuwe Franse premier Édouard Philippe dinsdag in zijn eerste optreden in de Assemblée Nationale. Om aansluiting te vinden bij andere EU-landen, beloofde hij in zijn regeringsverklaring de komende vijf jaar de Franse publieke uitgaven, de hoogste in de eurozone, terug te brengen van de huidige 55 procent van het bruto binnenlands product naar 52 procent.

Daarvoor moet hij op zoek naar zo’n 60 miljard euro aan bezuinigingen. Maar waar hij die besparingen gaat vinden, bleef in zijn anderszins tamelijk concrete toespraak onduidelijk. Philippe en president Emmanuel Macron hopen bovenal dat na liberalisering van de arbeidswetgeving, deze zomer, de Franse economie sneller gaat groeien. De Franse staatsschuld nadert de 100 procent van het bbp. Dat kost het land dit jaar 42 miljard euro, zei de premier. „Er bestaat een Franse verslaving aan publieke uitgaven. Zoals bij elke verslaving is er wil en moed voor nodig om af te kicken.”

De uitspraak van Philippe:

Hij heeft eerder gezegd al dit jaar, in 2017, het Franse begrotingstekort onder de Europese norm van 3 procent te willen krijgen. Dat lukte het land voor het laatst in 2007. Eurocommissaris en ‘begrotingstsaar’ Pierre Moscovici, zelf minister van Financiën onder Macrons voorganger François Hollande, meldde vorige week dat Frankrijk niet nogmaals uitstel krijgt.

Een aantal belastingverlagingen waar Macron tijdens de campagnes mee schermde is daarom vooruit geschoven. Aan de inkomstenkant viel vooral op dat Philippe de prijs van een pakje sigaretten „progressief” wil verhogen tot 10 euro (bijna een verdubbeling) en dat de accijnzen op diesel op hetzelfde niveau komen te liggen als die voor benzine.

Dat de broekriem verder aangetrokken moet worden, wijt Philippe aan „onacceptabele” overschrijdingen onder de in mei afgezwaaide Hollande. De Franse rekenkamer rapporteerde vorige week dat de socialistische regering in zijn laatste jaar voor 8 miljard euro aan uitgaven geen financiering bleek te hebben. Het merendeel van dat geld ging naar herkapitalisatie van kernenergiegigant Areva.

Nadat Macron maandag in Versailles de koers voor de komende vijf jaar uitstippelde, leverde Philippe dinsdag de politieke vertaling. Na zijn toespraak volgde, zoals gebruikelijk bij een nieuwe regering, een vertrouwensstem. Macrons eerste regering kon rekenen op de steun van 370 van de 577 parlementariërs. Niet eerder sinds 1959 was de oppositie zo gering: tegen: 67 leden van de Assemblée stemden tegen.