Maagzuurremmers verhogen het sterfterisico

Maagzuurremmers

Een groot Amerikaans onderzoek laat zien dat mensen die langdurig zware maagzuurremmers slikken eerder doodgaan.

Illustratie Getty Images/iStockphoto

Het slikken van protonpompremmers, medicijnen die werken tegen brandend maagzuur, geven waarschijnlijk een verhoogd risico op vervroegd overlijden. Dat schrijven Amerikaanse artsen naar aanleiding van een grote vergelijkende studie onder veteranen van het Amerikaanse leger. Ze publiceerden hun bevindingen dinsdag in het medische tijdschrift BMJ Open. Andere onderzoeken lieten al zien dat deze klasse maagzuurremmers het risico op uiteenlopende aandoeningen verhogen, zoals nierziekte, dementie, ernstige darminfecties en botbreuken bij mensen die lijden aan botontkalking.

In de nieuwe analyse werden de gegevens vergeleken van bijna 350.000 mensen die een protonpompremmer voorgeschreven kregen of een maagzuurrremmer uit een andere klasse, een zogeheten H2-receptorantagonist. Mensen met protonpompremmers bleken in de studieperiode van bijna zes jaar een hoger risico te lopen om te sterven dan mensen die voor dezelfde soort klachten een zogeheten H2-receptorantagonist kregen. (Het overlijdensrisico per geleefd jaar nam toe van ruim 3 procent naar bijna 5 procent). In de analyse bleek het verhoogde sterfterisico nog duidelijker aanwezig bij mensen die de maagzuurrremmer zonder gedocumenteerde medische indicatie kregen voorgeschreven. Ook gold: hoe langer de protonpomremmers werden geslikt, hoe hoger het sterfterisico.

De nieuwe studie bevestigt de uitkomst van eerdere kleinere studies. De geconstateerde verhoogde sterftekans is waarschijnlijk een optelsom van de ernstige bijwerkingen die geconstateerd zijn.

Het bewijs dat deze klasse van maagzuurremmers leiden tot vervroegde sterfte is overigens niet spijkerhard, geven de onderzoekers zelf toe, maar dit effect is nu wel in die mate aangetoond dat er alle reden is voorzichtiger voor te schrijven, schrijven de Amerikanen. Ze wijzen erop dat de middelen in de helft tot tweederde van de gevallen ten onrechte worden voorgeschreven. Daarnaast letten artsen er te weinig op hoelang hun patiënten deze middelen blijven doorslikken. Het Nederlands Huisartsen Genootschap pleitte er al voor om deze ‘zware middelen’ uit de vrije verkoop te halen.

De onderzoeksgroep bestond voornamelijk uit mannen, meestal oud en blank. Degenen die protonpomsremmers kregen, waren over het algemeen iets minder gezond. Ze leden gemiddeld iets vaker aan diabetes, hart- en vaatziekten en maagzweren. Volgens de onderzoekers is die slechtere gezondheid niet genoeg om het sterfte-effect te verklaren.