Column

Lief dagboek, vandaag was ik zowaar op tijd!

Column Ykje Vriesinga Deze zomer bespreekt NRC-redacteur methodes om beter te werken. Vandaag: het succesdagboek.

Vlak voor sluitingstijd ren ik de schrijfwarenafdeling van de Hema op. Deze wordt het. Een schrift met een harde kaft, versierd met oranje, gele en glinsterende blauwe driehoekjes. Perfect boekje voor mijn avondritueel.

Inmiddels is het voor mij net zo’n automatische gewoonte als tandenpoetsen: voor het slapengaan noteer ik tien minuten mijn successen van die dag. Dat varieert van ‘op tijd op mijn afspraak’ (vrij uniek, zal iedereen die me kent beamen) tot ‘yeah, wat leuk, ik ga deze zomer een column schrijven’.

Het duurde een paar maanden om consistent te worden, maar tegenwoordig pak ik zelfs mijn notitieboekje als ik na middernacht mijn bed inrol met twee rum-cola op (binge drinking voor mijn doen). Omdat ik weet dat het werkt. Altijd.

Ik begon deze gewoonte in een turbulente en verdrietige periode in mijn leven. De details zijn niet relevant voor dit stukje, maar laat ik zeggen dat ik liever al mijn teennagels laat uittrekken, en al mijn vingernagels, dan dat nog een keer mee te maken.

In die tijd greep ik alles aan om verder te komen (van schreeuwen in groepsverband tot hallucinogeen liaansap uit de Amazone). Zo kwam ik ook terecht bij een zelfontwikkelingscursus, gegeven in een geblindeerd zaaltje op een industrieterrein in Amsterdam.

En wie geeft jou dat schouderklopje als je eigen baas bent? Blaas zelf op die trompet!

Ik en de zo’n zestig andere zoekende zielen moesten beloven de exacte leerprocessen van de vijfdaagse cursus geheim te houden. Voor mij niet zo moeilijk, want stress schaadt het geheugen, dus veel uit die tijd ben ik weer vergeten. Een van de dingen die wel is blijven hangen is het succesdagboek.

Er zijn momenten geweest dat ik aan het einde van mijn dag maar één prestatie kon bedenken. ‘Ik adem nog’. Grappig genoeg kwam er daarna steevast meer bij me naar boven. ‘Ik heb een fout verbeterd in het artikel van een collega’. En: ‘Rustig bemiddeld toen de kinderen ruzie hadden over de duplo.’ Tot de hele pagina vol stond.

Eén van de krachten van deze gewoonte is dat ik de kleine succesjes vang die ik voorheen ongemerkt voorbij liet vliegen. Zelfs een dag die ik op het eerste gezicht uit mijn leven zou willen schrappen, blijkt vol dingen die ik waardeer in mezelf en anderen. Net zoals je in de avondlucht, wanneer je langer kijkt, steeds meer sterren ziet.

Voor mijn werk doet het wonderen, merk ik. Het is onderzocht dat het motiveert als je leidinggevende regelmatig oprechte complimenten geeft. Maar hoeveel managers vergeten dat niet? Of hebben het simpelweg te druk? En wie geeft jou dat schouderklopje als je eigen baas bent? Blaas zelf op die trompet!

Vind ik mezelf wel eens een zielig wezen als ik in mijn boekje noteer dat ik eindelijk mijn nietapparaat heb bijgevuld? Absoluut. Maar het werkt. Ik val met een tevreden gevoel in slaap én ik weet steeds beter welk gedrag ik moet herhalen om een vrolijke, productieve dag te hebben.

Een bijwerking is dat mijn reflex voor complimenten is versterkt, ook tegen anderen. Best een succes voor iets dat tien minuten per dag kost en drie euro bij de Hema.