Sandra heeft spijt dat ze peuken ging halen

Wie: Sandra K.

Kwestie: rijden onder invloed

Waar: rechtbank Amsterdam

‘Ik ga gewoon eerlijk m’n verhaal doen”, zegt Sandra K. op het bankje in de gang. „Anders ga ik mezelf klem lullen.” Ze zucht. „Ik had liever op het strand gezeten.”

„Over een half uur ben je d’r vanaf”, zegt moeder. De twee, blond en gebruind, wachten tot de strafzaak begint. Het is hun eerste keer. „Misschien moet ik wel blijven, hè mam. Dan haal jij de honden op.”

De honden, Diva en Tijger, waren erbij toen Sandra K. (40) uit Amstelveen op 4 oktober 2015, Dierendag, vlak na middernacht beneveld in haar auto stapte om peuken te halen en zo de bosjes in reed. „Om de hoek bij m’n huis. Zó lullig.” De politie vond Sandra in haar Renault cabrio met het dak open en de lichten aan, hangend over het stuur. Toen ze de volgende dag wakker werd op het politiebureau zat Diva trillend op schoot. Tijger sjokte het hele bureau door.

De deuren van de rechtszaal zwaaien open. Sandra begint te draaien en te zuchten en werpt een blik naar binnen. Ze baalt. Een vrouwelijke rechter. Een vrouwelijke officier van justitie. „Als het mannen waren geweest had ik m’n haar losgegooid.”

„Ze bijten niet hoor”, zegt de bode vriendelijk bij de deur. „En anders bijt ik hen…” zegt moeder in het voetspoor van haar dochter.

„U had een slaappil en mdma gebruikt en was niet tot behoorlijk besturen in staat”, zegt de rechter.

„Ja dat wist ik”, zegt Sandra schuldbewust. Ik had ’s middags met een vriendin een jointje gerookt. Toen ging ik naar bed, maar ik had geen sigaretten in huis en dacht: hé, ik ben nuchter, ik kan nog wel rijden. Ik was vanuit bed nog op één van m’n hondjes gestapt.”

„U zei op het politiebureau: ik heb een paar wijntjes gedronken en ik heb wiet nodig.”

„Ik heb er spijt van. Ik ben mijn rijbewijs kwijt, heb mijn auto verkocht en mijn ouders zijn een flinke tijd pissed op me geweest. Sorry voor alles, sorry.”

Sandra heeft geen strafblad. Ze heeft vanwege dit feit al een rijontzegging gekregen en vertelt de rechter dat ze haar rijbewijs niet meer gaat verlengen. „Ik merk aan mezelf dat ik snel ben afgeleid. Ik ben onzeker achter het stuur, heb het idee dat de bomen op me af komen.” Sandra heeft sinds haar 21ste MS, ze is arbeidsongeschikt verklaard. Volgend jaar emigreert ze vanwege haar ziekte met haar hondjes naar de Zuid-Spaanse zon.

De officier van justitie eist een rijontzegging van 12 maanden en een geldboete van 1.200 euro, de helft voorwaardelijk.

„Oké… uit m’n Spanjepotje dan…”

„Het had zó naar kunnen aflopen”, zegt de rechter. „U had alles kunnen verliezen op dat kruispunt. Maar dat beseft u wel.”

„Ja.”

Naast de rijontzegging legt de rechter een boete op van 450 euro, waarvan 200 voorwaardelijk. Sandra knikt opgelucht. „Ik mag weg?”

„Sterker, u móét weg.”

Opgelucht zwaait ze naar de magistraten. „Dag dames.”

„Pfff… ik ben ervan af”, zegt ze op de gang. „Aardige vrouw die rechter.”

„Ik vond die officier van justitie wel erg streng”, zegt moeder.

„Ik hoorde je achter me de hele tijd zuchten mam.”

„Twaalfhonderd euro wilde ze opleggen!”

„Toen dacht ik: dat wordt weer m’n vader bellen.”

„Ze keken ook af en toe naar mij, hè”, zegt moeder. „Ik dacht: hoe kunnen ze je dit áándoen! Ik zag die officier van justitie en dacht: wat móét die snotneus nou…”

Tijd voor een sigaretje. Sandra gaat door de draaideur en zwaait naar de receptionisten. „Hálleluja.”

„Eerst naar huis?” vraagt moeder.

„Wijntje drinken.”

„Ooh, ik heb lekkere champagne gehaald.”

„Gaan we proosten op een boete van 250 euro?”

De telefoon gaat, tante Kokke aan de lijn. „We komen net naar buiten…”, zegt moeder. „Ja, die officier had ik zo achter d’r toga vandaan willen trekken.” Sandra schudt het hoofd. „Als ik m’n moeder het woord had laten doen, zat ik nu in de gevangenis.”