Britse spierballen over visserij voorbode Brexit

Verdrag 12-mijlszone

De Britten zeggen een oud visserijverdrag op. Een bescheiden verlies voor het continent. Maar vissers vrezen dat ze bij de Brexit nog veel meer kwijtraken.

Een Nederlands vissersschip op zee. Nederlandse vissers halen 46 procent van hun vangst uit het Britse deel van de Noordzee. Foto Ton Koene/Hollandse Hoogte

Alsof de campagne voor Brexit nog in volle gang was. „We’re taking back control”, zei Michael Gove zondag in The Andrew Marr Show bij de BBC. De kersverse Britse minister van Milieu, overtuigd Brexiteer, kondigde aan dat het Verenigd Koninkrijk een visserijverdrag met vijf Europese landen opzegt, waardoor vissers uit die landen over twee jaar niet meer kunnen vissen langs Britse kusten. Niet Brussel maar Londen gaat over toegang tot de Britse wateren, aldus Gove.

„Een scherp politiek signaal voor de eigen achterban”, noemt Peter van Dalen de zet van Gove. Van Dalen, Europarlementariër namens de ChristenUnie, is beleidscoördinator visserij in de fractie van Europese Conservatieven en Hervormers (ECR). „De onderhandelingen over de Brexit zijn koud begonnen of hij geeft al een schot voor de boeg. Ik ben daar ongerust over.” In de ECR-fractie zitten ook twintig Britse Conservatieve parlementariërs. Een gezamenlijk standpunt over visserij wordt steeds lastiger, erkent Van Dalen. „We gaan daar deze week over praten.”

Visserij op de Noordzee heeft alles in zich om een speerpunt te worden van de Brexit-onderhandelingen tussen de EU en het VK. Het is een helder afgebakend dossier en laat zich publicitair goed gebruiken: het gaat over landsgrenzen, toegang voor andere landen en werkgelegenheid.

NRC/Studio

Niet voor niets voer UKIP-leider Nigel Farage vorig jaar met een vloot vissersboten over de Theems. ‘Fishing for Leave’ heette zijn breed uitgemeten actie vlak voor het referendum. Michael Gove, uit het Schotse Aberdeen, wijt de neergang van zijn vaders visverwerkingsbedrijf aan ‘Europa’. Iets wat zijn vader overigens bestrijdt.

Vooralsnog zijn de Britse spierballen vooral symbolisch, zeggen betrokkenen. De nu aangekondigde stap heeft zeer beperkte gevolgen voor Nederlandse vissers. Ze vrezen echter wel dat het de opmaat is voor een harde lijn bij de onderhandelingen in Brussel. Verlies van toegang tot álle Britse wateren is een „rampscenario”, zegt Gerard van Balsfoort, voorzitter van de jonge lobbygroep European Fisheries Alliance (EUFA). Maar zover is het nog niet.

Buurmansrechten

Met de opzegging van de London Fisheries Convention uit 1964 – waarin eeuwenoude ‘buurmansrechten’ (voisinage) werden vastgelegd – verliezen vissers uit Nederland, Frankrijk, Duitsland, België en Ierland het recht om binnen de Britse 12-mijlszone te vissen, tussen 6 en 12 zeemijl (11 en 22 kilometer) voor de kust. Britse vissers mogen niet langer voor de vijf vreemde kusten vissen. De tweejarige opzegtermijn loopt af kort na de datum waarop de Brexit-deal klaar moet zijn, eind maart 2019.

In 2015 brachten Britse vissers 708.000 ton vis aan land, ter waarde van 880 miljoen euro. Wat continentale vissers dat jaar uit de Britse 12-mijlszone haalden, was in vergelijking een schijntje: 10.000 ton, ter waarde van 19 miljoen euro. De totale visvangst van de EU-vloot in de Britse 200-mijlszone was de laatste tien jaar gemiddeld 647.000 ton per jaar, met een waarde van 548 miljoen euro per jaar. Sluiting van de 12 mijlszone is dus een bescheiden verlies voor het continent, maar eventuele sluiting van de 200-mijlszone is van een heel andere orde.

Volgens Van Dalen zijn slechts enkele schepen onder Nederlandse vlag actief in de 12-mijlszone, en „enkele tientallen” onder Belgische en Britse vlag. Ze vissen er op schol en tong, met haring de belangrijkste soorten voor Nederlandse vissers. Hun Britse collega’s vissen in de zone op kabeljauw en schelvis, de basis voor fish & chips.

Waar het echt om gaat, is de Britse 200-mijlszone. Dat gebied beslaat de halve Noordzee en wordt volop bevist door Nederlandse vissers. Van Balsfoort: „Acht visserijlanden halen gemiddeld eenderde van hun vangst uit Brits gebied. Voor Nederland is dat 46 procent, veel meer dus. Onze haring komt de laatste tien jaar gemiddeld voor 80 procent uit Britse wateren. Voor makreel is dat 60 procent, voor schol 35 procent. Als dat wegvalt …”

De Nederlandse zee- en kustvisserij telt 600 bedrijven, met evenveel schepen en circa 2.000 opvarenden. Het ministerie van Economische Zaken had opzegging van het verdrag al verwacht, zegt een woordvoerder. „Dit betekent nog niet veel, het gaat om de onderhandelingen.”

Politieke dynamiek

Afspraken over de 200-mijlszone zijn vastgelegd in het Gemeenschappelijk Visserijbeleid van de EU, en onderdeel van de Brexit-onderhandelingen. EU-onderhandelaar Michel Barnier twitterde in reactie op de Britse opzegging dat er niets verandert, omdat het oude verdrag al was opgenomen in het EU-beleid. „Voer voor juristen”, zegt Van Balsfoort. „De politieke dynamiek is grillig. Na het verlies van May hoopten we op een ‘soft Brexit’, maar misschien is visserij juist een gebied waar ze iets kan laten zien voor de Brexit-stemmers. De Schotse conservatieven hebben gewonnen en willen een harde Brexit.”

Europa heeft nog wel een flinke stok achter de deur, zegt Van Dalen. Als de Britten de toegang tot hun wateren verbieden moet Barnier dat eerst aanvechten bij de Verenigde Naties omdat het in strijd is met het internationale zeerecht. „En als dat niet lukt moet de EU de Britse export van visserijproducten naar de EU onmogelijk maken door hoge importheffingen. Dan kunnen ze hun vissticks niet meer kwijt. Maar ik hoop dat het niet zover komt.”