Bij de grootste comedyshow ooit bleek comedy ondergeschikt

Comedyshow

In Comedy & Concert van Jandino Asporaat en Najib Amhali in de Kuip was de comedy ondergeschikt.

Jandino Asporaat en Najib Amhali waren zaterdagavond in de Kuip in Rotterdam een pauze-act in hun eigen show. Foto ANP

‘Mammie, we hebben een stadion uitverkocht.” Jandino Asporaat was als een kind zo blij met de 40.000 bezoekers die waren gekomen voor zijn show met Najib Amhali, zaterdagavond in de Kuip in Rotterdam. Ook na zijn duet met Trijntje Oosterhuis riep hij zijn moeder toe en de mannen namen de tijd om te genieten van een volle Kuip. Al even sentimenteel en op zichzelf gericht was het slot waarin ze hun kinderen op het podium ronddroegen.

Al die trots is het tweetal gegund. Ook omdat Jandino vertelde dat hij vroeger een bril moest dragen die van plakband aan elkaar hing. Jammer dat het vermaken van het publiek erbij inschoot.

Hun Comedy & Concert werd geafficheerd als ‘de grootste comedyshow ooit in Nederland’, maar comedy bleek een ondergeschikt onderdeel. In de drie uur dat het programma duurde, deden beide mannen elk een blokje van nog geen twintig minuten cabaret, alsof ze met z’n tweeën een pauze-act waren in hun eigen show. Collega Roué Verveer mocht als opwarmer tien minuutjes doen.

Vuurwerk en showdanseressen

Comedy & concert was vooral een lukrake stroom gastoptredens van artiesten die één of twee nummers deden, aangekleed met vuurwerk en showdanseressen. Sevn Alias deed een spetterende versie van zijn Gass en Broederliefde bracht opwinding met geïnspireerde uitvoeringen van twee hits. Maar evengoed kweelde Jan Smit twee liedjes en schreeuwde Gerard Joling amechtig over een dancebeat heen dat hij „handjes” wilde zien. Het beoogde „feestje” kwam nooit echt op gang.

Hoe onbegrepen die mix van plat amusement en sterke popacts uitpakte, bleek toen de Nederlandse latin zanger Rolf Sanchez de muziek van één van zijn hits stil legde om het publiek het refrein te laten zingen. Het publiek bleef nagenoeg stil. Sanchez keek het verbaasd aan.

Jandino en Amhali babbelden de acts aan elkaar. Dat begon met mopjes over elkaars afkomst. Jandino: „Gaat een Marokkaan naar zijn werk.” Amhali: „Dat is het? Dat is de grap?” Hij sloeg terug met een grap over een Antilliaan die zijn tien jaar oude auto inruilt met 30 kilometer op de teller. Want hij gebruikte hem voor zijn werk.

De korte solo’s waren al even pover. De grappen van Jandino over zijn gebrek aan ouderlijk gezag en zijn relatie waren aan de veilige kant, net als de ironie over het niet besmettelijk zijn van homoseksualiteit. Amhali bouwde zijn optreden op rond het idee dat we allemaal van Marokkanen afstammen – naar aanleiding van de vondst van de oudste fossielen ooit van de moderne mens, in Marokko, drie weken terug. In het verlengde daarvan lagen grappen over hoe Marokkanen de economie stimuleren. Ze houden bijvoorbeeld van kickboksen: „Vroeger had Amsterdam maar vier ziekenwagens, nu 38.”

Raadselachtig was zijn idee dat veel Marokkanen vanwege de economie op de PVV hadden gestemd. De uitleg: „Die grote witte leider van jullie” bedoelde eigenlijk „meer-meer” en niet „minder-minder”. Waarbij dat „jullie” voorbij ging aan het feit dat het publiek allesbehalve monochroom wit was. Het was een slordigheid die tekenend was voor een stadionshow die in veel opzichten en details ondoordacht aandeed.