Zenuwen alom om hogere rentes

Financiële markten

Een paar woorden van centrale bankiers waren genoeg om de euro, het pond en de obligatierentes deze week op te stuwen.

Toen de euro woensdag wel erg hard in waarde steeg, lieten anonieme ECB-bronnen weten dat Draghi’s toespraak ook weer niet als koerswending bedoeld was. Foto Bloomberg

Een „best enerverende” week was het op de financiële markten, zegt Jeroen Blokland, portfoliomanager bij Robeco. „Hoogtevrees”, neemt Carsten Brzeski, econoom bij ING, bij beleggers waar. „Nervositeit” ziet Lodewijk van der Kroft, partner bij vermogensbeheerder Comgest Benelux.

De zenuwen gaan over een scenario dat door analisten al veel langer wordt voorspeld, maar nu dan echt dichterbij lijkt te komen: centrale banken gaan minder geld in de economie pompen. Dat betekent dat ze minder staats- en bedrijfsleningen gaan opkopen en de ultralage rente weer gaan verhogen.

Op dat scenario kregen de valuta-en obligatiemarkten afgelopen week een voorproefje. De euro zat in een achtbaan. Dinsdag, na een speech van Europese Centrale Bank-president Mario Draghi, schoot de koers van de munt tegenover de dollar met ruim 2 cent omhoog, dook weer met een halve cent op woensdag, zette daarna zijn opmars voort en stond vrijdag rond 1,14 dollar, tegen minder dan 1,12 aan het begin van de week. Het Britse pond maakte een dubbele klim omhoog na uitlatingen van Mark Carney, de baas van de Bank of England, en van Andy Haldane, de hoofdeconoom van de Britse centrale bank. Het pond begon de week op ruim 1,27 dollar en steeg naar 1,30 dollar op vrijdagmiddag.

Ook de obligatierentes veerden omhoog. De rente op tienjarige Duitse, Nederlandse en Britse staatsleningen stond vrijdag rond de 0,2 procentpunt hoger dan maandag, op respectievelijk 0,45, 0,65 en 1,25 procent.

Lastig communiceren

Een paar woorden van centrale bankiers waren genoeg om beleggers in beroering te brengen. Draghi had het voor het eerst over „reflatie”, het herstel van prijsstijgingen door economische groei. Hij suggereerde ook dat het huidige monetaire beleid – de ECB koopt maandelijks 60 miljard euro aan staats-en bedrijfsleningen op – te ruim is, nu de economie in de eurozone het zo goed doet.

Dat klonk beleggers begrijpelijkerwijs in de oren als: dat opkoopbeleid zal worden afgebouwd. Want de obligatiekoop is bedoeld om de inflatie aan te jagen. Als de ECB straks echt de voet van het gaspedaal haalt, zullen er minder euro’s in de markten komen, waardoor de euro relatief schaarser wordt en in waarde stijgt. Obligaties worden juist minder schaars (de ECB koopt minder op) en daardoor goedkoper. De prijs van obligaties is omgekeerd evenredig aan de rente. „Draghi’s speech bevestigt voor ons dat ook de ECB, die van de centrale banken het laatst begon met stimuleringsbeleid, in elk geval nu aan het nadenken is over afbouw ervan”, zegt Blokland van Robeco.

Toen de euro woensdag wel erg hard in waarde steeg, lieten anonieme bronnen vanuit de ECB weten dat Draghi’s toespraak ook weer niet als koerswending bedoeld was, waarna de eurokoers weer tijdelijk daalde. Communiceren blijkt lastig voor centrale banken, zegt Blokland, zeker nu de boodschap van de ECB is dat ze minder gaat doen, niet méér. „Hoe ze die boodschap precies gaan verpakken, daar zijn ze nog niet uit.”

Ook de Bank of England communiceert niet eenduidig, vooral omdat bestuursleden het oneens zijn over een renteverhoging om de hoge Britse inflatie (2,9 procent, tegen 1,3 procent in de eurozone) in te dammen. Wat het pond afgelopen week een duw omhoog gaf, was vooral de opmerking van Carney dat de „tolerantie”  voor de hoge inflatie op haar einde loopt.

De vin van de haai

Financiële instellingen hollen achter de centrale banken aan. Veel valutastrategen voorspelden eind vorig jaar nog ‘pariteit’ tussen euro en dollar (1 dollar = 1 euro). Afgelopen week gooiden ze hun prognoses van de eurokoers omhoog, ABN Amro bijvoorbeeld van 1,10 naar 1,15 dollar. Veel beleggers vrezen nu hogere rentes, dalende obligatieprijzen en in het kielzog daarvan ook dalende aandelenkoersen. De Europese beurzen verloren deze week rond de 2 procent van hun waarde.

„Er heerst nervositeit dat de rentestand toch een beetje te laag is geweest”, zegt Van der Kroft van Comgest. „Ik moet denken aan de poster van de film Jaws”, zegt hij. Op die poster staat een vrouw die in zee zwemt, zonder dat ze de grote haai onder haar lijkt te zien. „Boven water zag het er lang allemaal prima uit”, zegt Van der Kroft. „Maar deze week zagen we misschien even de vin van de haai boven water komen.”

Veel van de onzekerheid, zegt Van der Kroft, komt door de rare situatie waarin de ECB zich bevindt. De economische groei gaat in de eurozone nauwelijks gepaard met hogere inflatie. Daarom is ook moeilijk te voorspellen wanneer en hoe snel de ECB haar opkoopbeleid gaat afbouwen.

De „hoogtevrees” die Brzeski noemde gaat over hetzelfde. Beleggers zijn gewend aan een omgeving waarin de lage rente zorgt voor steeds maar hogere obligatie- en aandelenkoersen. „Eigenlijk past Draghi’s speech volledig in de verwachting die wij toch al hadden, dat de ECB in september aankondigt dat ze het beleid gaat afbouwen. Maar in deze tijd kan een kleine verandering in de woorden van centrale bankiers al meteen een grote marktbeweging veroorzaken.”