‘Half miljoen Syrische vluchtelingen weer thuis’

In de eerste zes maanden van dit jaar keerden 471.000 Syriërs terug. Dat blijkt uit een rapport van de UNHCR.

Veel vluchtelingen keren terug om familieleden te zoeken. Foto Hassan Ammar / AP

In de eerste zes maanden van dit jaar zijn 471.000 Syriërs die op de vlucht waren geslagen voor oorlogsgeweld teruggekeerd naar huis. Volgens de UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, is daarmee sprake van een significante trend en is het aantal dat terugkeert aanzienlijk: sinds 2015 tot begin 2017 keerden 260.000 Syriërs vrijwillig terug.

Uit het op vrijdag verschenen rapport van de vluchtelingenorganisatie blijkt dat van de bijna half miljoen Syrische vluchtelingen 440.000 in Syrië zelf verbleven. De rest is teruggekeerd vanuit buurlanden. Volgens de UNHCR zijn er nog zo’n vijf miljoen Syriërs op de vlucht.

Aleppo, Hama, Homs en Damascus

De meeste terugkeerders komen uit de steden Aleppo, Hama, Homs en de hoofdstad Damascus. Dat ze terugkeren toont volgens de vluchtelingenorganisatie aan dat de veiligheidssituatie in die delen van het land verbetert. Volgens het rapport keren de mensen terug om te zoeken naar eigendommen en/of familieleden.

Aleppo was voor het begin van de burgeroorlog in 2011 de grootste stad van Syrië met zo’n 2,7 miljoen inwoners. Door de gevechten raakte de stad in tweeën verdeeld. West-Aleppo was in handen van de regering van president Assad en Oost-Aleppo was in handen van de Syrische rebellen. Eind 2016 kwam de stad weer volledig in handen van het Syrische leger.

Homs, de twee na grootste stad van Syrië, werd ooit de ‘bakermat van de revolutie’ genoemd: het was de eerste stad waar de oppositie in 2011 voet aan de grond kreeg. Maar het was ook de eerste waar de rebellen het onderspit zouden delven. NRC reisde in maart door Syrië en sprak met studenten, teruggekeerde vluchtelingen, oppositieleden en trouwe supporters van Assad.