Door Auschwitz begreep de meest geliefde politicus van Frankrijk het belang van Europa

Simone Veil (1927-2017)

Door haar oorlogsverleden was de Franse oud-minister Simone Veil een warm voorstander van de EU. Als minister wist ze, tot woede van de katholieken, het recht op abortus in de wet te verankeren.

Simone Veil brengt in 1979 haar stem uit bij de eerste Europese parlementsverkiezingen. Foto AFP

Ze was jarenlang de meest geliefde politicus van Frankrijk. Voor velen stond Simone Veil, de Auschwitz-overlevende die in 1974 als minister tegenover een Assemblée vol boze mannen het recht op abortus verdedigde, boven de politieke partijen. Na haar overlijden, vrijdag op 89-jarige leeftijd, volgden meteen de eerste oproepen om haar bij te laten zetten in het Panthéon, de eregalerij van de republiek.

Veil werd in 1927 geboren als Simone Jacob in Nice. Ze groeide op als jongste van vier in een gezin dat in culturele zin Joods was maar weinig gelovig was, schrijft ze in haar mémoires Une vie (2007). De oorlog gooit het gelukkige gezinsleven aan de Côte d’Azur overhoop. Haar vader, architect, mag vanaf 1940 niet meer werken. Simone wordt vier jaar later, een dag na haar eindexamen op een vervalst identiteitsbewijs, gearresteerd en met haar moeder en zus op transport gezet.

‘Je bent te mooi om te sterven’

Ze is zestien, maar krijgt bij aankomst in het kamp van een andere gevangene het advies te zeggen dat ze al achttien is. Dat houdt haar in eerste instantie in leven. In haar boek beschrijft ze hoe een vrouwelijke kampcommandant, een ex-prostituee, haar in bescherming neemt. ‘Je bent echt te mooi om hier te sterven’, zou die gezegd hebben. „Iedereen aan wie ik dit later vertelde was verbijsterd. Toch is het zo gelopen.”

Zeggen dat iedereen schuldig is komt er op neer dat je zegt dat niemand het is

Simone Veil over de Holocaust

Het is een van de redenen dat ze weigert te geloven in de door Hannah Arendt getheoretiseerde „collectieve verantwoordelijkheid” en „banaliteit van het kwaad”, schrijft ze in een van de meer felle passages in haar autobiografie. Dat is „intellectueel masochisme” en een „goocheltrucje”, schrijft ze. „Zeggen dat iedereen schuldig is komt er op neer dat je zegt dat niemand het is.” Haar vader, moeder en broer overleven de oorlog niet. Zij en haar drie zussen wel. Net als haar hartsvriendin Marceline Loridan-Ivens, de weduwe van de Nederlandse filmmaker, heeft ze het op haar linkerarm getatoeëerde kampnummer, 78651, nooit laten verwijderen. In 2005 spreekt ze in Auschwitz, zestig jaar na de bevrijding van het kamp.

Lees ook de NRC-recensie van Veils autobiografie ‘Une vie’: De verpersoonlijking van Europa

Telefoontje van Chirac

Na de oorlog studeert ze aan de politieke opleiding SciencesPo in Parijs, waar ze haar latere man Antoine Veil ontmoet. Hoewel die eigenlijk niet wil dat ze als vrouw gaat werken, drukt ze haar zin door: ze wordt magistraat en werkt, onder andere, als beleidsambtenaar op het ministerie van Justitie. Haar verrassing is niet minder groot als op een avond in 1974, kort na de verkiezing van Valéry Giscard d’Estaing, de nieuwe premier Jacques Chirac haar vraagt om minister van Volksgezondheid te worden.

Daar krijgt ze de taak om direct een belangrijke verkiezingsbelofte van Giscard te realiseren: het recht op abortus. Tienduizenden katholieken gaan de straat op om te protesteren, ze ontvangt dreigbrieven en ook in de Assemblée lopen de debatten hoog op. Afgevaardigde René Feït, die het kloppende hart van een foetus laat horen, vergelijkt de wet met „het ergste naziracisme”, een centrumrechtse partijgenoot van Veil heeft het over embryo’s die „in de verbrandingsoven gegooid” worden. De wet haalt het. Maar alleen dankzij de massale steun van de linkse oppositie.

Veil verdedigt in 1974 de wet over abortus in de Assemblée:

Voorzitter Europees Parlement

Bij de eerste directe verkiezingen van het Europees Parlement in 1979 wordt de gedreven Europeaan Veil, op voorspraak van Giscard, lijsttrekker van zijn partij UDF om daarna voorzitter van het parlement te worden. De symboliek van een holocaustoverlevende op een sleutelpositie in de Europese integratie is niet mis te verstaan. „Dat we Europa hebben gecreëerd”, zei Veil later eens in een interview, „heeft me verzoend met de twintigste eeuw.”

Sinds ze in 2007 Une vie publiceerde en Nicolas Sarkozy hielp president te worden, trad Veil nog maar zelden in het openbaar. Maar in 2010 werd ze toegelaten tot de Académie française en daarmee in de Franse beleving formeel een van de „onsterfelijken”. De laatste keer dat ze zich roerde was in 2013. Als anonieme burger werd ze opgemerkt bij een grote demonstratie tegen de door de socialistische regering voorgestelde openstelling van het huwelijk voor homostellen. De ironie was venijnig: sinds haar eigen abortuswet in 1974 had de katholieke kerk zelden nog zoveel mensen op de been gekregen.