Vals spel brengt positie NS in gevaar

Machtsmisbruik

Met de aanbesteding in Limburg wilde NS haar monopolie beschermen. Het omgekeerde is nu het geval.

Een NS-trein opeen spoorbrug in Limburg. Volgens toezichthouder ACM wilde NS koste wat het kost voorkomen dat een ander bedrijf de aanbesteding zou winnen. Foto Evelyne Jacq

Limburg was de hoofdprijs. In 2014 schreef de zuidelijke provincie een aanbesteding uit voor de grootste Nederlandse openbaarvervoerconcessie ooit. De winnaar mocht vijftien jaar lang, van eind 2016 tot 2031, het bus- en treinvervoer verzorgen in de hele provincie. Overheidssubsidie en reizigersopbrengsten zijn over de hele looptijd goed voor twee miljard euro.

Maar het geld was voor NS niet de enige reden om ‘Limburg’ per se te willen winnen. In de toelichting bij het donderdag gepubliceerde besluit over machtsmisbruik door NS, waarbij NS een boete van bijna 41 miljoen euro krijgt opgelegd, speculeert toezichthouder ACM over de motieven van NS om de regels voor mededinging te overtreden.

Het staatsbedrijf vreesde afkalving van de beschermde positie. Marktwerking op het spoor is nu beperkt tot regionale lijnen met stoptreinen. NS heeft tot 2025 het alleenrecht op het hoofdrailnet, verreweg het grootste deel van het spoornet. De Europese trend is het stimuleren van meer marktwerking.

Met de ACM-boete is de affaire Limburg nog steeds niet voorbij voor NS.

Als een private vervoerder (Arriva, Connexxion, Syntus) zou bewijzen op hetzelfde spoor te kunnen rijden als NS, dreigt verdere decentralisatie van het hoofdrailnet. Dan komt bijvoorbeeld aanbesteding van de hogesnelheidslijn tussen Amsterdam en Breda, nu deel van het hoofdrailnet en de zwakke schakel van NS, een stap dichterbij. Limburg mocht geen opmaat worden voor afbraak van het NS-monopolie.

Dus ging NS vals spelen. Volgens de ACM overtrad het bedrijf bij de aanbesteding in Limburg op twee manieren de Mededingingswet. Het bod was ten eerste onrealistisch laag, waardoor concurrenten uit de markt werden geprijsd. Daarnaast was er sprake van bedrijfsspionage, tegenwerking bij het verstekken van informatie en bevoordeling van NS-dochter Abellio. Al met al: misbruik van de economische machtspositie.

Twee jaar ellende

De fraude in Limburg levert NS al twee jaar lang ellende op. Eind april 2015 maakte NS bekend dat er ‘onregelmatigheden’ waren gepleegd door dochterbedrijf Qbuzz. Het leidde tot tal van onderzoeken (vooral door advocatenkantoren aan de Zuidas), het vertrek van topman Huges en een verstoorde relatie met de enige aandeelhouder, minister Dijsselbloem van Financiën. Ook raakte NS de concessie kwijt. Het open baar vervoer in Limburg wordt inmiddels uitgevoerd door Arriva, de grootste concurrent van NS op het spoor.

Al tijdens de aanbesteding, in september 2014, diende concurrent Veolia een klacht in bij de ACM over NS. In juni 2016 oordeelde de ACM al dat NS de Spoorwegwet had overtreden door Veolia te benadelen. Andere vervoerders moeten NS betalen voor het gebruik van servicebalies en pauzelocaties voor personeel. NS werkte toegang tot deze voorzieningen tegen.

Bijna drie jaar later komt de ACM nu met het oordeel over het overtreden van de Mededingingswet. Doel van de hoge boete is volgens de ACM een afschrikwekkend effect. Het moet leiden tot eerlijke concurrentie, in het voordeel van de consument. NS hoeft de tarieven niet te verhogen om de boete te betalen, het bedrijf betaalt volgend jaar minder dividend aan de Staat. In 2016 betaalde NS 78,7 miljoen euro aan de Staat, op een winst van 212 miljoen euro.

Met de ACM-boete is de affaire Limburg nog steeds niet voorbij voor NS. In het najaar volgt nog een strafzaak tegen NS als bedrijf en zes leidinggevenden over de bedrijfsspionage. Vier verdachten zijn verbonden aan NS: naast Huges gaat het om de directeur van Abellio en twee directeuren van Qbuzz. Het Openbaar Ministerie weegt mee dat NS een staatsdeelneming is: „Van een bedrijf als NS mag je een voorbeeldfunctie verwachten. De overheid wil marktwerking, burgers en bedrijven moeten er op kunnen vertrouwen dat aanbestedingen eerlijk verlopen en dat het bedrijf met het beste bod de aanbesteding krijgt.”

Het gedrag van NS in Limburg heeft verstrekkende gevolgen voor het bedrijf. De moeizame spagaat van NS – enerzijds een publieke dienstverlener, anderzijds een commerciële onderneming – staat ter discussie. Onder druk van de aandeelhouder besloot NS voorlopig niet langer mee te bieden op regionale concessies. Die strategie zorgt nu voor een conflict tussen de NS-directie en vakbond FNV. Ook speelt de kwestie mee in het politieke debat over marktwerking op het spoor. Met het vals spel bereikte NS het omgekeerde van wat de bedoeling was: de monopoliepositie van het staatsbedrijf op het hoofdrailnet is niet langer vanzelfsprekend.