Spoedberaad na opstappen wethouder Rotterdam

Waterfront-affaire

Het college van B en W van Rotterdam wankelt. Vandaag sprak de raad hierover, en over het gevoerde vastgoedbeleid.

De Rotterdamse wethouder Ronald Schneider (Leefbaar Rotterdam) heeft woensdagavond laat zijn functie neergelegd. Deze donderdag zou hij zich in de gemeenteraad moeten verantwoorden over zijn rol in de Waterfront-affaire. In een korte verklaring laat hij weten dat „door het college de juiste bestuurlijke en juridische stappen zijn gezet”, en dat hij als wethouder „staat voor het gevoerde beleid.” Hij had dat beleid graag verdedigd, maar „in de ontstane politieke situatie zie ik dat als een onmogelijke opgave.”

Hiermee verdiept zich de Rotterdamse bestuurscrisis, die deze week ontstond. Door de overstap van Mohammed Anfal van Leefbaar Rotterdam naar de fractie van Nida, verloor de coalitie van Leefbaar, CDA en D66 haar meerderheid van 23 van de 45 zetels. Deze donderdag debatteerde de raad over de ontstane situatie.

De verwachting is dat de coalitie de komende periode zal proberen een akkoord te sluiten met een andere partij. Er zijn gesprekken gaande met Setkin Sies van CU/SGP, die een ruimhartiger armoedebeleid wil.

Ook zonder de overstap van Anfal was niet duidelijk of Schneider voldoende steun zou hebben in de raad. Er werd ook binnen zijn eigen partij getwijfeld of hij het functioneren van de vastgoedorganisatie zou kunnen verbeteren.

De reacties op het aftreden van Schneider zijn negatief, omdat hij verantwoordelijkheid voor de Waterfront-chaos uit de weg gaat. „Als je aangeeft dat het college niets te verwijten valt in zake Waterfront, dan moet je bereid zijn om die zaak te verdedigen in de gemeenteraad”, zegt SP-voorman Leo de Kleijn. „Schneider verschuilt zich nu achter de veranderde politieke verhoudingen, maar ook als Mo Anfal niet was overgestapt naar Nida, had hij het heel moeilijk gekregen tijdens het debat.”

De Kleijn denkt dat hij ruime steun zou hebben gekregen voor de motie van wantrouwen die hij zou hebben ingediend als Schneider vandaag in het debat niet had kunnen overtuigen. Door het aftreden van Schneider belandt het Waterfront-dossier op het bordje van wethouder Adriaan Visser (D66). De fractie van D66 was onbereikbaar voor commentaar. Nida-leider Nourdin el Ouali reageert via Whatsapp: „Je niet vooraf verzekerd weten van een raadsmeerderheid is geen reden om weg te lopen.”

Deze donderdag bespreekt de raad ook de bevindingen van de enquêtecommissie naar de Waterfront-affaire. De gemeente heeft jarenlang betaald voor niet uitgevoerde verbouwingen door de familie Kan aan het zogenoemde Waterfront-pand aan de Boompjeskade. Ook betaalde huurder Kan geen huur, terwijl hij het pand wel exploiteerde. Twee wethouders zouden over hun rol in de affaire verantwoording moeten afleggen.

Wethouder Adriaan Visser (D66) was tijdens het aangaan van de onfortuinlijke huurovereenkomst directeur van OBR, waar vastgoed onder viel, en is nu politiek verantwoordelijk voor de gemeentelijke organisatie. Ex-wethouder Schneider was verantwoordelijk voor gemeentelijk vastgoed.