Column

Politici zijn bang voor risico’s – dat kost geld

Je kunt er natuurlijk lacherig over doen. Haha, hebben die suffe ambtenaren en provinciale politici zich in de luren laten leggen! Zij verkochten ‘hun’ afvalbedrijf Attero (750 werknemers, 329 miljoen euro omzet) aan Waterland, een wereldwijze private-equityfinancier. Waterland incasseerde rap zo veel dividend dat hij de aankoopsom van 170 miljoen razendsnel had terugverdiend. Met een toegift.

Attero was eigendom van zes provincies en zo’n honderd gemeenten. De Zuidelijke Rekenkamer heeft de verkoop onderzocht. De zaak blijkt niet verprutst. De onderzoekers merken wel op dat de aandacht van de Provinciale Staten ná de verkoop een stuk groter was dan tijdens het proces. De opwinding ontstond door mediaberichten over de dividenden én het nooit bevestigde bericht dat ‘Chinezen’ wel een miljard wilden betalen voor Attero.

Wel rook, geen vuur? Je kunt ook redeneren: openheid en verantwoording onderscheiden publieke eigenaren en bestuurders juist van de mores in het bedrijfsleven. Daar houdt men de luiken liever gesloten na een affaire. Neem de teloorgang van het Telegraafconcern, mislukte overnames (Arcadis) of smeergeldaffaires bij SHV, SBM en Ballast Nedam. Eventuele interne onderzoeken worden niet integraal openbaar gemaakt. Managers in de private sector schermen liever met: nee, dat is ‘concurrentiegevoelig’ of ‘niet in het bedrijfsbelang’.

De hoofdlijn in het Attero-rapport is dat de publieke eigenaren bang waren voor de risico’s in de bedrijfsvoering. Ze wilden van de zaak af. Dus toen de opbrengst achterbleef bij hun verwachtingen zetten zij de verkoop toch door.

Helaas, niks nieuws onder de zon. In 2005 verkochten de provincie Overijsel en 24 gemeenten hun aandelen in buizenmaker Wavin (Zwolle/Hardenberg) aan private-equityfirma CVC, die het bedrijf een jaar later met een formidabele winst op de beurs verkocht. Rumoer. Onderzoek volgde. Ook daar bleek dat de politieke beslissers haast hadden en bang waren voor de risico’s van hun aandeelhouderschap.

Die haast, die angst voor risico’s… Daarom verkijken publieke aandeelhouders zich op private-equityfinanciers. Die firma’s zitten bij de afweging van risico’s juist aan de andere kant van het spectrum. Risico’s opzoeken én beheersen is hun vak. Want daar kun je geld mee verdienen. Veel geld.

Elke aandeelhouder van politieke huize moet in een verkoopproces de denkwijze van een private-equityfinancier snappen. Zoals een politicus bij de voorbereiding van een debat iemand moet hebben die met verve zijn opponent speelt.

Wie volgt? Eneco, ‘onze’ duurzame energiekampioen. De gemeente Rotterdam wil zijn aandelenpakket (31 procent) verkopen. Energie leveren is geen publieke taak, precies het argument dat publieke aandeelhouders van Wavin en Attero hadden. Andere publieke aandeelhouders hebben niet zoveel haast, maar verkoop zal het wel worden.

Twee hoofdvragen rijzen dan. Staat de opbrengst centraal, met de kans op gedoe achteraf? Als het om het geld gaat, wees dan ook bereid om de verkoop af te breken bij twijfel over de opbrengst. Of staat angst voor de zakelijke risico’s centraal? Verkoop dan maar met je ogen dicht.

De tweede vraag is: gaat de Rijksoverheid zich met de verkoop bemoeien? Komt een nieuw kabinet tegemoet aan de politieke roep om bescherming van ondernemingen die van strategisch belang zijn voor Nederland? Het politieke debat, zoals woensdag in de Tweede Kamer, concentreert zich op beursgenoteerde bedrijven (PostNL, Unilever, AkzoNobel) en vijandige overnames. Maar de cruciale belangen van Nederland (telecom, voeding, energie) zijn breder dan alleen een handvol beursbedrijven.

Maarten Schinkel is afwezig.