Cultuur

Interview

Interview

Componiste Julia Wolfe is beïnvloed door Louis Andriessen, zegt ze. Haar kolenmijn-oratorium gaat ook in op de toekomst van gebruik van fossiele brandstof.

Foto Mark Makela/ The New York Times

Mijnwerkersleed in avondvullend koorstuk

Componiste Julia Wolfe vertelt over haar Pulitzer-bekroonde koorwerk ‘Anthracite Fields’, over de mijnstreek van Pennsylvania. Zondag klinkt het in de Koorbiënnale.

Julia Wolfe groeide op in een klein stadje in Pennsylvania op een uur rijden van Philadelphia. Naar rechts was richting stad. De afslag naar links voerde naar de mijnstreek, waar tot in de jaren 70 antraciet werd gedolven, een vorm van steenkool. „Die kant gingen we eigenlijk nooit op,” vertelt Wolfe in haar loft in Manhattan. „Dat was minder sophisticated.”

Maar minstens zo interessant, ontdekte ze toen ze zich jaren later alsnog in de geschiedenis van de mijnbouw verdiepte. De aanleiding was een compositieopdracht van een amateurkoor uit Philadelphia. Wolfe componeert veelvuldig voor vooraanstaande internationale ensembles, maar gek genoeg had ze nooit eerder een opdracht uit haar thuisstaat gekregen. Ze besloot wat research naar de regio te doen en raakte gefascineerd. Aanvankelijk zou het een kort stuk worden. „Maar op zeker moment zei ik tegen het koor: wat als ik nou een avondvullend oratorium voor jullie maak?”

Het resultaat, het vijfdelige Anthracite Fields voor groot koor en de Bang on a Can All-Stars, werd in 2015 bekroond met de Pulitzerprijs. Zondagmiddag krijgt het werk tijdens de Koorbiënnale zijn Nederlandse première. In het Muziekgebouw aan ’t IJ in Amsterdam wordt het uitgevoerd door de BOAC All-Stars, Cappella Amsterdam en de Utrechtse Studenten Cantorij.

Julia Wolfe (1958) is een van de oprichters van het New Yorkse platform Bang on a Can, dat staat voor energieke, rockachtige benadering van nieuwe muziek. Begin jaren 90 woonde ze een tijd in Amsterdam om te studeren bij Louis Andriessen. „Maar we speelden vooral pingpong, gingen ’s avonds met een groep naar de kroeg. Oudere Amerikaanse componisten waren indertijd onbenaderbaar voor ons, maar Louis was ongelooflijk gastvrij en genereus. Formeel heb ik geen les van hem gehad, maar hij heeft mijn manier van denken over muziek beslissend beïnvloed – die directe, agressieve sound, de combinatie van minimalisme en dissonantie. He is always in the room.”

Hoe gevaarlijk het mijnwerk was besefte Wolfe pas goed toen ze tijdens haar uitgebreide research op een lijst van fatale ongelukken stuitte. Die was zo schrikbarend lang dat ze er iets mee wilde doen. De hele lijst op muziek zetten was onmogelijk – ‘dan zou het stuk twee dagen geduurd hebben.’ Ze besloot zich te beperken: alleen de slachtoffers die John heetten en een eenlettergrepige achternaam hadden. Hun namen worden opgesomd in het eerste, chant-achtige deel ‘Foundation’. De zeggingskracht is universeel.

De impact van het werk blijkt wel uit de post die Wolfe wekelijks ontvangt van mensen die erdoor geraakt zijn. Bij uitvoeringen in Pennsylvania zijn er steevast intense nagesprekken – het halve publiek komt daar uit mijnwerkersfamilies. Zelfs in Los Angeles werd Wolfe na afloop benaderd door een vrouw die zei: mijn grootvader staat op jouw lijst. „Dat was ongelooflijk. Je maakt contact op een heel wezenlijk niveau dat verdergaat dan een esthetisch oordeel. Mensen vertellen me hun verhalen.”

Anthracite Fields is een stuk dat je live moet zien, blijkt bij een uitvoering in een oude staalkabelfabriek in Trenton, New Jersey. De BOAC All-Stars spelen met de energie van een rockband. Gitarist Mark Stewart heeft ingenieuze fietswielratels gemaakt. En videokunstenaar Jeff Sugg begeleidt het werk met historische beelden op een groot projectiescherm: mijnwerkersgezichten, overstromingen, een animatie over de wording van antraciet.

Het derde deel, ‘Breaker Boys’, vertelt het aangrijpende verhaal van de jongens die vuil tussen de kolen vandaan moesten plukken – smerig, pijnlijk werk. Vaak waren ze niet ouder dan een jaar of tien. Celliste Ashley Bathgate zingt ‘Breaker Boys’ onderkoeld en stoer, en toch breekbaar. Wolfe laat het deel eindigen in onstuimige rock. „Dit waren kinderen!” roept ze. „Ze werden vreselijk behandeld.”

Aanvankelijk zag Wolfe het werk als een eerbetoon aan een harde, voorbije wereld, die bestaan had van de vorige eeuwwisseling tot in de jaren 60. Uiteindelijk besloot ze de lijn toch door te trekken naar vandaag, met het krachtige slotdeel ‘Appliances’, dat opsomt hoezeer de hedendaagse Amerikaanse samenleving nog altijd van steenkool afhankelijk is. Dat is dramaturgisch een gouden greep. En het blijkt ook een beetje visionair. Sinds de verkiezing van president Trump en zijn fossiele-energieagenda heeft Anthracite Fields onverwachts aan actualiteit gewonnen, tot afschuw van de componist. Ook Wolfes correspondenten in de regio winden er geen doekjes om: „Wij piekeren er niet over onze mannen terug naar de mijnen te laten gaan.”

Anthracite Fields. 2/7 15u, Muziekgebouw aan ’t IJ, Amsterdam