Een eerbetoon aan de pop-koninginnen op North Sea Jazz

North Sea Jazz presenteert dit jaar een droomdelegatie eigenzinnige, invloedrijke en baanbrekende popvrouwen. Een eerbetoon aan de zes grootste popkoninginnen die dit jaar het festival aandoen, onder wie Grace Jones en Erykah Badu.

Mary J. Blige

Het zou niet eens moeten opvallen. Maar dat doet het wel. In een zichzelf te vaak lusteloos herhalend popfestivalcircuit vol met alweer-dezelfde-mannenfestivals met line-ups waarin je met samengeknepen ogen op zoek moet naar aansprekende vrouwelijke popsterren, presenteert North Sea Jazz in 2017 een droomdelegatie eigenzinnige en baanbrekende vrouwelijke festivalheadliners. Uitgesproken popsterren en powervrouwen, van Mavis Staples via Grace Jones naar Solange, die ieder op eigen wijze een belangrijke rol speelden in de ontwikkeling van de popmuziek. North Sea Jazz 2017 is de editie van de invloedrijke popkoninginnen: met elk hun eigen koninkrijk, hun eigen dynastie, hun eigen huis.

  1. Mavis Staples

    Centraal op het podium – fier op de IJzeren Troon – het boegbeeld van de delegatie: de onverwoestbare 77-jarige legende Mavis Staples. Weliswaar de jongste telg van het geslacht Staples, maar vanaf het moment dat ze als meisje haar stem liet schallen, was er geen twijfel over wie de troon toekwam. Mavis Staples wordt wel een soul- en gospelkoningin genoemd maar is feitelijk de koningin van alles. Het Huis Staples ademt Afro-Amerikaanse (muziek)geschiedenis en als overrompelend krachtige en sociaal betrokken zangeres inspireerde Mavis Staples generaties toonaangevende artiesten na haar, waaronder de latere huizen Blige, Badu en Knowles.

    Stamvader van het Huis Staples is Roebuck ‘Pops’ Staples die op de Dockery-katoenplantage werkte, een belangrijke bakermat voor bluesmuziek, die zich daar bekwaamde in bluesgitaarspel en later met zijn kinderen The Staple Singers oprichtte. Zanger en Nobelprijswinnaar Bob Dylan trachtte ooit toe te treden tot het Huis Staples door Mavis een huwelijksaanzoek te doen, maar dat weigerde ze. De begrafenisondernemer met wie ze wel trouwde, vond dat ze maar moest stoppen met muziek, waarop Mavis stopte met die man.

    Het oeuvre van Mavis Staples, solo en met de groep, is muzikaal veelzijdig; soul, R&B, funk, gospel, twee met Prince gemaakte albums. Op de plaat Livin’ on a High Note die Staples vorig jaar uitbracht, staat MLK Song, een akoestisch nummer gebaseerd op een preek van Dr. Martin Luther King, die in de jaren 60 het Huis Staples de weg wees naar een oeuvre waarin de strijd van de burgerrechtenbeweging en zwart zelfbewustzijn een prominente plek kregen en waarmee de groep optrad bij protestmarsen en manifestaties.

    Mavis Staples toert sinds ze 13 is, en zal doorgaan tot ze niet meer kan. Ook met het zingen van haar politiek geladen nummers stopt ze niet, vertelde ze vorig jaar in een interview met The Guardian. „Ze zijn nog steeds relevant. Het voelt soms wanneer ik op tv naar het nieuws kijk, alsof ik weer in de jaren zestig ben.”

  2. Gladys Knight

    Iets verderop op het podium staat generatiegenoot Gladys Knight, de 73-jarige krachtige soulzangeres die op haar beurt bekendstaat als ‘de keizerin van de soul’ – een trotse eretitel waarmee ze schermt op haar website en sociale media. Knight heeft net als Staples een gospelachtergrond, werd als jong meisje al beroemd en zat eveneens met familieleden in een op vocalen toegespitste groep waarmee ze grote hits scoorde in met name de jaren 60 en 70.

    Bij Motown brachten Gladys Knight & The Pips onder meer evergreen I Heard It Through The Grapevine uit en op label Buddah scoorden ze een Grammy Award-winnende hit met Midnight Train To Georgia.

    De funk-, soul- en popklassiekers van het Huis Knight kleurden een tijdperk en inspireerden lichtingen popartiesten na hen. R&B-zangeres Mariah Carey, zelf een lichtend voorbeeld voor vele talentvolle vocalisten die tussen de schuifdeuren de allerhoogste noot proberen te halen, zei vorig jaar over Knight bij de officiële ceremonie waarin het Huis Knight werd bijgezet in de Rock & Roll Hall of Fame: „Je hoort haar vertolking en zou wensen dat je met net zoveel eerlijkheid en emotie kunt communiceren als zij dat doet.” Het Huis Knight uit Atlanta is inmiddels gevestigd in Las Vegas, Nevada, waar het een amusementsimperium bestiert.

  3. Grace Jones

    Eveneens op het podium op North Sea Jazz: de 69-jarige oer-diva Grace Jones. Het stijlicoon dat door media ook werd bestempeld tot koningin; in haar geval van onder meer disco, shockpop en ‘seks, drugs en rock-’n-roll’ – eigenlijk ook van alles, dus. En terecht: zonder het Huis Jones was het een kaal en karig gebeuren in de moderne popcultuur. Jones was een stralend middelpunt van discomekka Studio 54 in New York, inspireerde talloze vooraanstaande beeldend kunstenaars, fotografen, modeontwerpers en muzikanten, en scoorde in de jaren tachtig invloedrijke wereldhits als Pull Up To The Bumper en Slave To The Rhythm.

    In haar in 2015 verschenen memoires I’ll Never Write My Memoirs noemt Jones moderne sterren als Beyoncé, Rihanna en Lady Gaga, haar ‘pupillen’. Met als verschil, vindt Jones althans, dat ze uit imago-overwegingen doen alsóf ze provoceren en de status quo uitdagen, terwijl de in een streng religieus nest op Jamaica opgegroeide Jones, uit persoonlijke noodzaak in haar kunst en openbare optredens op zoek ging naar vrijheid en rebelsheid en zo uitgroeide tot rolmodel, een symbool van vrijgevochtenheid, van trots op haar eigenheid, op haar lichaam, haar stijl.

    Dat Jones een onuitwisbare stempel heeft gedrukt op de moderne popcultuur, staat buiten kijf. Met de mix van new wave, reggae, funk, pop en dance die ze onder meer met producer Chris Blackwell en duo Sly & Robbie creëerde, met de onbeschaamde en spraakmakende visuele presentaties waarin ze noties van ras, gender en seksualiteit op de proef stelde, met haar overrompelende presentaties in videoclips, clubs en op podia. Kim Kardashian en Nicki Minaj lieten zich in Jones-poses fotograferen; Rihanna kopieerde haar bodypainting, Lady Gaga haar kostuums.

  4. Mary J. Blige

    De koninklijke delegatie op North Sea Jazz 2017 wordt verder aangevuld met jarennegentigroyalty Mary J. Blige (46), die zichzelf in samenspraak met haar label vanaf het begin van haar loopbaan positioneerde als Queen of Hip-Hop Soul. De versmelting van stevige hiphop en melodieuze R&B zoals op haar 25 jaar oude debuutalbum What’s the 411? ging na de release volop in de overdrive en halverwege de jaren negentig was het een dominant popgeluid.

    Om de gouden status van het Huis Blige in de jaren negentig te schetsen: de latere hiphopregent Jay Z huurde Blige in 1996 voor heel veel geld in als gastzangeres op zijn single Can’t Knock The Hustle – als onderdeel van een marketingplan waarmee hij wilde overkomen als gearriveerde rapper, ruim voordat hij dat daadwerkelijk was. Blige verkocht meer dan 50 miljoen albums en meer dan 25 miljoen singles en won negen Grammy Awards. Muziekindustrietijdschrift Billboard concludeerde in 2010 dat ze de succesvolste vrouwelijke R&B-artiest was van de afgelopen 25 jaar.

  5. Erykah Badu

    Ook de 46-jarige Erykah Badu werd in de jaren negentig tot koningin van een soul-subgenre benoemd en net als bij Blige gebeurde dat vanuit marketingoverwegingen. De eigenaar van haar label, en tevens manager van D’Angelo, Kedar Massenburg, lanceerde de term ‘neo-soul’ voor muziek waarin invloeden uit hiphop, jazz en soul op organische wijze samenvloeiden. Badu was met haar succesdebuut Baduizm en live-album Live in 1997 direct de regentes van deze succesvolle stroming. In een recent jubileumstuk over Baduizm in de Observer, zegt jazztrompettist Theo Croker dat er de afgelopen twintig jaar geen R&B-artiest of jazzmuzikant is geweest „die niet de invloed van Badu heeft gevoeld. Baduizm is […] het moment waarop R&B werd herinnerd aan haar wortels in jazz. Aan de kracht van zwarte muziek om niet alleen te entertainen, maar ook de ziel te helen.”

    Badu heeft wortels in de hiphopcultuur; haar liefde voor rap keert terug in haar cadans, slang, humor en verteltrant. De muziek die het collectief The Soulquarians in de jaren na Baduizm maakte, met onder meer Badu, The Roots en D’Angelo, legde de basis voor het vrije experiment tussen hiphop, soul en funk op een modern hitalbum als To Pimp A Butterfly van Kendrick Lamar.

    Badu groeide met haar focus op vrijheid, seksueel zelfvertrouwen, zwart zelfbewustzijn en spiritualiteit uit tot een van de boeiendste artiesten van de afgelopen decennia, en een inspiratiebron voor een nieuwe generatie gelijkgestemde artiesten, onder wie Janelle Monàe, met wie Badu in 2013 de single, jawel, Q.U.E.E.N. opnam.

  6. Solange

    Badu inspireerde ook de jongste afgevaardigde in deze topzware North Sea Jazz-delegatie, de 31-jarige Solange van het Huis Knowles; jongere zus van Queen Bee Beyoncé, en sinds haar indrukwekkende derde album A Seat At The Table ook van blauw bloed. Badu noemde ze „empress of the mystic women, ruler of the free”.

    Solange zingt op haar plaat over identiteit, individuele reflectie en emoties, in de context van de brute geschiedenis van zwart Amerika. Ze zingt over hoe ze in de kleinste handelingen wordt gewezen op het afwijken van de dominante witte norm; over eenzaamheid en uitgeputheid; over voor jezelf zorgen en innerlijke vrede vinden.

    In gesproken teksten voert ze hiphopzakenman Master P op als symbool van zwarte macht, weelde en onafhankelijkheid, en haar ouders die vertellen over ervaringen met racisme en segregatie. Zo maakt Solange, met haar recente toevoeging aan de canon van de popkoninginnen op North Sea Jazz 2017, de cirkel met Mavis Staples rond.