96 doden Hillsborough 1989

Aanklacht tegen politiecommandant: doodslag door grove nalatigheid

Gewonden op veld in Sheffield. Foto AP

In de zaak rond de Hillsborough-stadionramp in het Engelse Sheffield in 1989, waarbij 96 toeschouwers om het leven kwamen, heeft de Britse justitie woensdag zes mensen in staat van beschuldiging gesteld. De zwaarste aanklacht betreft politiecommandant David Duckenfield. Hem wordt doodslag door grove nalatigheid ten laste gelegd. Een andere politiecommandant, Norman Bettison, wordt verwijtbaar handelen verweten.

Op 15 april 1989 werden 95 Liverpool-supporters tijdens het bekerduel met Nottingham Forest doodgedrukt, nadat er paniek was uitgebroken op de staantribunes. Zevenhonderd mensen raakten gewond. Eén persoon raakte in coma en overleed enkele jaren later. Het drama is de grootste sportramp in de Britse geschiedenis.

Na de ramp werd de schuld gezocht bij de fans zelf. Ze zouden dronken zijn geweest en zonder kaartje het stadion binnen zijn gekomen. Omdat Liverpool-hooligans vier jaar daarvoor betrokken waren bij het Heizel-drama in Brussel – waarbij 39 Italiaanse voetbalfans omkwamen als gevolg van rellen – werd ook het Hillsborough-drama direct aan hen toegeschreven.

Vorig jaar concludeerde een jury na een onderzoek van twee jaar dat de slachtoffers door nalatigheid van de politie en andere autoriteiten om waren gekomen. (NRC)