Commentaar

Premier May ‘koopt’ politieke steun unionisten: realpolitik in actie

In het meest ideale geval gaat politiek over het verwezenlijken van toekomstvisies. Maar daarvoor is macht nodig. En het verwerven en veiligstellen van die macht is niet altijd een verheffend schouwspel. Dit illustreerde de Britse premier May die na de door haar zelf uitgeschreven verkiezingen begin deze maand zetels tekortkwam in het Lagerhuis. Door die misrekening zag ze zich gedwongen een deal sluiten om haar belangrijkste plan voor de toekomst van het Verenigd Koninkrijk, de Brexit, door te kunnen zetten. Die deal kwam deze week rond.

De kleine Noord-Ierse Democratic Unionist Party (DUP) steunt May de komende twee jaar op belangrijke dossiers. Daarmee beschikt de premier als het erop aankomt over een meerderheid. In ruil daarvoor gaat er 1 miljard pond(1,1 miljard euro) naar Noord-Ierland, 540 pond per inwoner. In wezen koopt May met belastinggeld twee jaar politieke steun en redt ze op die manier haar politieke hachje, in elk geval voorlopig.

Het geld voor Noord-Ierland gaat naar gezondheidszorg, klassieke infrastructuur en de aanleg van snelle internetverbindingen. Op verzoek van de DUP hebben de Conservatieven ook een aantal minder belangrijke punten uit hun verkiezingsprogramma laten vallen. De DUP is ultra conservatief, de partij is bijvoorbeeld tegen abortus, maar op dit type politiek explosieve dossiers deed May geen concessies.

De deal werd onmiddellijk onder vuur genomen. Schotland en Wales willen nu ook geld zien en zelfs sommige Conservatieven ging de ruil van geld voor steun wat ver. Bovendien, zei links, laat de deal zien dat bezuinigen en zuinigheid klaarblijkelijk niet altijd het hoogste gebod zijn, in tegenstelling tot hetgeen de Conservatieven al geruime tijd beweren.

De alliantie met de DUP brengt de regering in Londen ook in een lastige positie ten aanzien van de Noord-Ierse kwestie. In 1998 werd het conflict tussen katholieken en protestanten met het Goede Vrijdagakkoord gepacificeerd. Noord-Ierland wordt sindsdien geregeerd op basis van een fragiele deling van de macht tussen de twee belangrijkste partijen, DUP en Sinn Féin. ‘Londen’ zou zich alleen als neutrale bemiddelaar opstellen tussen de Ierse nationalisten en de pro-Britse unionisten.

De transactie is een uitzonderlijk zuiver voorbeeld van realpolitik in de praktijk. Maar May bereikte wel wat ze wilde bereiken. Ze heeft voorlopig iets van politieke stabiliteit gekocht. Ook lijkt een revolte in eigen kring op de lange baan geschoven. May kan zich weer concentreren op de Brexit. Een thema dat nog veel meer zal eisen van haar pragmatisme.