Na 35 jaar historische strafeis tegen Desi Bouterse

Decembermoordenproces in Suriname

President Bouterse reageerde niet op de eis van 20 jaar cel. Zijn woordvoerder kondigt een ‘tegenreactie’ van de regering aan.

Foto ANP/Pieter van Maerle

Op het moment dat aanklager Roy Elgin bij de Krijgsraad in Paramaribo de maximumstraf van 20 jaar onvoorwaardelijk eiste tegen hoofdverdachte en president Desi Bouterse, klonk hoorbaar een zucht van opluchting in de bomvolle rechtszaal. Nabestaanden konden nauwelijks geloven dat dit moment ooit nog zou komen: bijna 35 jaar na de Decembermoorden en bijna tien jaar na het begin van het proces .

De strafeis is dan ook historisch voor Suriname. Jarenlang probeerde Bouterse, sinds 2010 de gekozen president, het proces te stoppen. Eerst met een amnestiewet, daarna met een beroep op de staatsveiligheid. De rechters verwierpen steeds deze manoeuvres. Maar het was tot het laatst onzeker of aanklager Roy Elgin tot een requisitoir zou overgaan.

Elgin zette woensdagochtend lokale tijd echter meteen de toon door te verklaren dat Bouterse „zeker wel” aanwezig was tijdens de executies van vijftien tegenstanders van zijn toenmalige militaire bewind in Fort Zeelandia. Bouterse heeft dat altijd ontkend. Hij beweerde dat de executies ’s avonds plaatsvonden toen hij bij zijn minnares was. Aanklager Elgin zei ook onomwonden dat hij getuigen die hadden gezegd zich niets te kunnen herinneren van 8 december 1982 „onbetrouwbaar” achtte. Deze getuigen waren met name ex-militairen die onder leiding van Bouterse in 1980 een coup pleegden en ook bij de Decembermoorden waren betrokken.

Voorbedachten rade

Elgin zei zijn strafeis te baseren „enkel op de getuigen die zich het wel kunnen herinneren”. Hij noemde hen de „betrouwbare” getuigen. „Traumatische herinneringen vergeet je niet meteen”, aldus de aanklager.

Elgin zei ook dat de actie in december 1982 goed was voorbereid en dus sprake was van „voorbedachten rade”. Hij achtte niet bewezen dat Bouterse zelf had geschoten, wat door sommigen was beweerd. Voor zijn conclusie dat Bouterse bij de executies aanwezig was baseerde de aanklager zich met name op de postume getuigenis van de in 2001 overleden vakbondsleider Fred Derby. Derby was de enige overlevende. Hij werd uiteindelijk door Bouterse uit het fort vrijgelaten.

Derby had in zijn op de band opgenomen getuigenis verklaard dat de executies, in elk geval grotendeels, overdag plaatsvonden. Vanuit zijn cel, waar hij met anderen zat, kon hij door een raam de rug van Bouterse zien, die in een kamer van het fort zat waar de arrestanten werden voorgeleid. De verdachten werden een voor een naar Bouterse gebracht. Daarna hoorde Derby schoten, later zag hij lijken. In de kamer waren ook de tweede man van het leger, Roy Horb, en Paul Bhagwandas (beiden inmiddels overleden). Elgin noemde in zijn requisitoir Bhagwandas „de beul, de baas” die belast was met de uitvoering.

Lees hier een reconstructie van de moorden op basis van getuigenverklaringen: Suma no sutu o k’ba (Wie niet schiet wordt afgemaakt)

‘Verrassend’ betoog

Nabestaande Eddy Wijngaarde, broer van de geëxecuteerde journalist Frank Wijngaarde, sprak van een „verrassend” betoog. „Voor het eerst herkende je echt iets van een openbare aanklager. Ik heb nooit de moed opgegeven, ik heb altijd gezegd dat er een vonnis zal komen. Maar ik voel me ook verdrietig, ik kan niet juichen, want deze eis komt op basis van gruwelijkheden, daar kun je niet blij over zijn.” Advocaat van nabestaanden Hugo Essed zei te verwachten dat Bouterse van de Krijgsraad twintig jaar zal krijgen. De advocaat van Bouterse, Irwin Kanhai, onderstreepte dat het proces, met de mogelijkheid van hoger beroep, „nog jaren kan duren”.

Bouterses woordvoerder Clifton Limburg noemde op de staatsradio de strafeis „politiek gedreven” en kondigde een niet nader aangeduide „tegenreactie” van de regering aan. „Ik wil de mensen wel oproepen om het hoofd koel te houden” Volgens de deken van de orde van Surinaamse advocaten Harish Monorath kan Bouterse zolang hij president is niet worden opgesloten. De strafeis kan mogelijk wel de politieke positie ondermijnen van Bouterse, die al onder vuur ligt wegens de economische crisis en verwijten over corruptie en wanbeleid.

M.m.v. Gloria Bottse in Paramaribo.