Opinie

Euthanasie

Wilsverklaring is teken van liefde

Illustratie Anne van Wieren

Toen mijn moeder in 2014 met hulp van haar arts stierf werd zij een van de zeldzaam ingewikkelde gevallen van euthanasie, waarover Chabot en Kohnstamm de afgelopen weken in NRC de degens hebben gekruist. Mijn moeder (78) had de grens waarachter zij niet meer wilde leven helder omschreven in een – meermaals geactualiseerde – verklaring. Deze grens was zij in haar dementie al ruimschoots gepasseerd. Zij leefde ‘stiekem’ zoals Kohnstamm dat prachtig omschrijft. En wij met haar.

Het is – ondanks onze onbedwingbare behoefte daartoe – een illusie te denken dat wij in deze schemerzone op basis van harde criteria kunnen afwegen of euthanasie ‘passend’ is. Een samenhangend gesprek daarover met mijn moeder was niet meer mogelijk. Maar daarin voorzag nu juist haar euthanasieverklaring. Zij bevestigde daarmee impliciet haar grote vertrouwen in ons oordeelsvermogen. Het was haar ultieme liefdesverklaring aan ons. We gaan allemaal dood. Meestal beslist niemand daarover. Euthanasie dwingt ons – soms namens een ander – na te denken over zin, betekenis, en lijden. De wet bepaalt daarin het speelveld. Het is een voorrecht te mogen leven en sterven in een samenleving die daarbij ook een centrale rol voor liefde en vertrouwen durft in te ruimen.