Rechtbank wil terreurverdachten in IS-gebied niet berechten

Volgens de rechtbank is het aanwezigheidsrecht “een van de meest fundamentele rechten van een verdachte op een eerlijk proces”.

Foto: Bas Czerwinski/ANP

De rechtbank in Rotterdam heeft maandag bepaald niet te beginnen met het berechten van tien terreurverdachten die momenteel niet in Nederland zijn. Het OM vermoedt dat de verdachten zich in Syrië of Irak hebben aangesloten bij een terroristische organisatie en wilde daarom dat de rechtbank wel al zou beginnen met berechten.

Maar volgens de rechtbank is het aanwezigheidsrecht van groot belang en “een van de meest fundamentele rechten van een verdachte op een eerlijk proces”. Alles moet in het werk worden gesteld om de verdachte te bereiken zodat hij kan beslissen of hij bij de zitting aanwezig wil zijn.

Contact

Het OM doet er volgens de rechtbank alles aan om de verdachten te bereiken, bijvoorbeeld via social media. In een aantal gevallen is dat gelukt. Als de verdachte heeft laten weten afstand te doen van zijn recht om aanwezig te zijn bij de zitting, wordt de zaak in september inhoudelijk behandeld.

De zaken waarbij de verdachte heeft laten weten wel aanwezig te willen zijn, worden aangehouden tot januari volgend jaar. In dat geval moet het OM “alles in het werk te stellen” om ervoor te zorgen dat de verdachten aanwezig kunnen zijn.

In de gevallen dat er geen contact is geweest, heeft de rechtbank bepaald de zaak aan te houden tot januari volgend jaar. De rechtbank vermoedt dat één verdachte inmiddels is overleden. Tot hierover duidelijkheid is, begint de rechter niet met de behandeling van de zaak.