Kabaal om een collectie kleitabletten

Oude culturen

Het Leidse eerbiedwaardige Midden-Oosten-instituut NINO is sterk verdeeld over een vernieuwingsplan. Opsplitsen of doorgaan?

Reliëffragment uit Nineveh (Irak) met granaatappelboom, 669-627 v.Chr. Uit NINO-collectie. Foto RMO / NINO

Al bijna tachtig jaar is het Nederlands Instituut voor het Nabije Oosten (NINO) in een wereldwijd gerespecteerd instituut. Maar een nieuw plan van de voorzitter van het instituut heeft nu voor beroering gezorgd. Zelf zegt bestuursvoorzitter Karel van der Toorn dat zijn toekomstplan „een voorstel is voor een injectie voor onderzoek in onze vakgebieden.” Maar medewerkers en ook de directeur van het instituut vrezen net als vooraanstaande geleerden uit binnen- en buitenland dat dit de toekomst van het NINO zal schaden, omdat het zijn zelfstandigheid verliest.

Volgens de statuten initieert, ondersteunt en onderneemt het in 1939 opgerichte NINO onderzoek in de talen, archeologie, geschiedenis en culturen van Egypte, de Levant, Anatolië, Mesopotamië en Perzië. „Het bestuur vindt dat vooral het eigen onderzoek beter kan”, zegt Van der Toorn, al zeven jaar bestuurslid en sinds twee jaar voorzitter. Nu gaat tachtig procent van het jaarlijkse budget van ongeveer 600.000 euro op aan personeel. Verder staat volgens Van der Toorn, zelf bijbelonderzoeker, de aanschaf van nieuwe boeken voor de bibliotheek, alom bekend als een van de beste ter wereld op zijn vakgebieden, onder druk.

Kleitablet met zakenbrief aan koopman Pushu-ken over de handelswaar die namens hem gekocht is. Uit Kültepe (het antieke Kanesh, in Turkije), ca. 1875 v.Chr. Uit NINO-collectie. Foto RMO / NINO

Nauwere samenwerking

Een nauwere samenwerking met de Universiteit Leiden en het Rijksmuseum van Oudheden zijn een deel van de oplossing die Van der Toorn, vroeger voorzitter van het College van Bestuur en decaan van de Faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit Amsterdam, voor zich ziet. Dat betekent dat de collectie van ongeveer drieduizend Sumerische, Babylonische en Assyrische kleitabletten met spijkerschrift, de grootste in Nederland, voortaan in het Rijksmuseum van Oudheden wordt opgeslagen. „Ze stellen al de mooiste tabletten ten toon en zullen verder zorgen voor de digitalisering.” De ongeveer 50.000 boeken en tijdschriften komen in beheer van de Universiteitsbibliotheek van de Leidse universiteit. Van der Toorn: „De Universiteit Leiden gaat investeren in een nieuwe Humanities Campus. De bibliotheek gaat daarin deel uitmaken van de nieuwe Middle Eastern Library. Ook verdubbelen ze het aankoopbudget, en wordt de bibliotheek, nu alleen doordeweeks van negen tot vijf open, zeven dagen per week toegankelijk, van zeven uur ’s ochtends tot twaalf uur ’s avonds.” Van de zeven personeelsleden gaan er vijf over naar de Leidse UB. De 1,7 fte van een administrateur en de directeur zullen niet meer vervuld worden. „Dit levert bij elkaar 250.000 tot 300.000 euro op die kunnen worden besteed aan een graduate school, visiting fellows en een onderzoeksschool, met een van de Leidse hoogleraren als directeur.”

Fragment van een prisma (meerzijdig voorwerp van klei, met spijkerschrifttekst) van koning Assurbanipal. Waarschijnlijk uit Nineveh (Irak), 669-627 v.Chr. Uit NINO-collectie. Foto RMO / NINO

‘Er is geen crisis’

Jesper Eidem, de huidige directeur van het NINO, en zijn medewerkers zeggen echter dat er geen noodzaak is voor zo’n drastisch plan. „Ja, we zitten niet dik in het geld, maar er is geen crisis.” De bibliotheek heeft alles wat gewenst was kunnen aanschaffen, sterker, een verdubbeling van het budget klinkt mooi, maar dan is de kans groot dat er van alles wordt gekocht dat helemaal niet nodig is. En ook met het onderzoek gaat het goed. Eidem heeft net een onderzoek in Iraaks Koerdistan afgerond, dat betaald is door NWO. Dat geldt ook voor de directeur van het dochterinstituut in Istanbul. „En mijn voorganger bekostigde ook op die manier zijn onderzoek.”

Toegegeven, meer geld voor onderzoek is welkom, maar dat kan ook anders: mede door een natuurlijk verloop kunnen ze in tien jaar tijd ook 250.000 euro over houden. „Dat duurt iets langer, maar dan blijft het NINO wel compleet en onafhankelijk.” Blijft bijvoorbeeld bij de UB de nu unieke open opstelling van de bibliotheek, waarbij je gewoon langs de boeken in de kast kunt lopen? En wat is de garantie dat de drie gespecialiseerde bibliotheekmedewerkers niet ergens anders te werk worden gesteld? Hij wordt bijgevallen door meer dan 1400 betrokkenen uit binnen- en buitenland die in een paar dagen een online petitie hebben getekend voor behoud van het huidige NINO.
Egyptoloog Harko Willems, hoogleraar in Leuven, en zeventien jaar een dankbaar gebruiker van de faciliteiten van het NINO, waarschuwt in een brief aan het bestuur dat de manier waarop de Universiteit in het nabije verleden met Egyptologie en de studies van het Nabije Oosten is omgegaan niet veel vertrouwen geeft voor de toekomst van de nieuwe onderzoeksschool.

Terracotta plaquette met afbeelding van Gilgamesh in het cederwoud. Oud-Babylonisch, uit Irak, ca. 1850 v.Chr. Uit NINO-collectie. foto S.M. van Roode / NINO

‘De bibliotheek blijft open’

Van der Toorn begrijpt Willems’ zorg. „Maar ik prijs me gelukkig dat de universiteit toch fors wil investeren in opleidingen die bekend staan om hun beperkte studentenaantallen. En de universiteit betaalt de jaarlijkse subsidie uit een lumpsum van OCW: ook een zelfstandig NINO is kwetsbaar. Ook houdt het NINO als eigenaar van de kleitabletten en de bibliotheken een onderhandelingspositie. Zo blijft de open opstelling. Ik twijfel er niet aan of ook degenen die zich nu zorgen maken over plannen waarvan ze het fijne niet weten, tenslotte zullen zien dat dit leidt tot een nieuwe bloei van de vakgebieden waarvoor het NINO al meer dan 75 jaar staat.”

Dinsdag neemt het bestuur een beslissing.