Hoe de es verdwijnt uit Nederland

Essensterfte

De Nederlandse essen worden massaal bedreigd. Tegen essentaksterfte is geen remedie. Het zoeken is naar een resistente nieuwe generatie.

Foto NRC

Hoge gladde stammen met hier en daar een plukje groen. Aangetast door een schimmelziekte. Ten dode opgeschreven.

In de Nederlandse bossen voltrekt zich een ecologische ramp. Tussen de circa tweehonderd miljoen bomen daar staan tien miljoen essen. Daarvan is nu al 80 procent aangetast door de essentaksterfte. „Wij verwachten dat uiteindelijk 10 procent van de essen in het bos dit overleeft”, zegt Harrie Hekhuis, hoofd bos van Staatsbosbeheer.

Ook langs straten en wegen is de es een veel geplante soort. De boom gedijt in onze natte delta, vooral op kleigronden, zoals hier, op landgoed De Wielewaal in Zeewolde. De essen zijn er ongeveer veertig jaar geleden neergezet, en hadden het zonder de ziekte gerust nog vijftig of zestig jaar kunnen uithouden.

Essentaksterfte wordt veroorzaakt door het vals essenvlieskelkje, een schimmel die al twintig jaar voorkomt in Midden-Europa en zich heeft uitgebreid. De schimmel zit overal in de lucht en slaat vooral in juli en augustus toe; via het samengestelde blad van de es naar binnen kruipend om vervolgens de sapstromen te blokkeren. Bladeren verwelken. Wortels drogen uit. Alle kracht verdwijnt uit de boom. Uiteindelijk valt de es om. Tijdens een wandeling verpulvert Hekhuis het droge hout in de wortels van een omgevallen es. „Helemaal zacht geworden.”

Schimmelziekte

De es komt veel voor in het noorden. In West- en Noord-Nederland bestaan flinke delen van de bossen alleen uit essen. Ook staan er veel in bossen bij steden, zoals het Diemerbos, het Purmerbos en het Alblasserbos. „Er gaan grote gaten in de bossen ontstaan”, zegt Hekhuis. „De recreanten zullen dit merken. Dit gaat ten koste van de bosbeleving.”

Solitaire bomen in tuinen, of essen met veel ruimte langs wegen, hebben iets meer kans om de schimmelziekte te overleven. Ze hebben doorgaans iets meer weerstand, en zijn minder vatbaar voor secundaire ziekten, zoals honingzwam, die volgen op een infectie met essentaksterfte.

Staatsbosbeheer en andere beheerders zien geen andere uitweg dan het kappen van de essen. Prioriteit heeft de kap langs wegen en paden, om bezoekers van de bossen niet bloot te stellen aan vallende takken. Sommige bospercelen worden zelfs helemaal afgesloten. Er nieuwe gezonde essen terug planten gaat voorlopig niet. Het zal vooral esdoorn worden, of eik, of beuk, of populier.

Kappen

Kappen en herbebossen gaat alleen al Staatsbosbeheer de komende jaren 10 tot 20 miljoen euro kosten. Verdubbel dat bedrag gerust als je spreekt over alle andere boseigenaren in Nederland. En tel daar ook de schade bij voor provincies en gemeenten, die essen moeten kappen en vervangen langs wegen en lanen.

„We hopen dat het kabinet ons steunt”, zegt Anne Reichgelt van de VBNE, de vereniging van bos- en natuurterreineigenaren. Bovendien is er veel schade door gederfde inkomsten van houtopbrengst. Essenhout is als sterk én elastisch hout geliefd voor deuren, kozijnen, gereedschap en sportbenodigdheden, zoals de stick waarmee in Ierland hurling wordt gespeeld. „We hebben 30 tot 40 procent van het hout voor deze sticks moeten afkeuren”, zegt Harrie Hekhuis van Staatsbosbeheer.

Geen oplossing

Een remedie tegen de essentaksterfte is er niet. Wel is Wageningen Universiteit op zoek naar essen die nog gezond zijn, voor een nieuwe resistente generatie essen in de toekomst. „We zoeken een brede genetische basis van tweehonderd gezonde essen. Die gaan we vermeerderen”, zegt Paul Copini van het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland in Wageningen. Ook wordt onderzocht hoe het komt dat sommige exemplaren resistent zijn, door de schimmel onder gecontroleerde omstandigheden in de es aan te brengen.

Met de essen verdwijnt ook het leven voor ongeveer honderd plant- en diersoorten die van deze boom afhankelijk zijn; veelal mossen, stinsenplanten en vlinders. Het wegvallen van de veel licht doorlatende es in de bossen leidt tot een andere vegetatie op de bodem. „Je zult straks minder anemonen in de bossen aantreffen”, zegt Copini.

We kijken omhoog, naar de plukjes groen. „Door dat groen lijkt het of de boom nog gezond is. Dat is noodbloei, een soort paniekreactie van de boom die getroffen is door de ziekte”, zegt boswachter Jaap Meeuwissen.

De es is de tweede zeer algemene boomsoort die wordt gedecimeerd. Eerder trof de iep eenzelfde lot.