Opinie

Hans Beerekamp

Ja, laten we wat geduld hebben met hun integratie

Foto Istock

Mijnheer Beerekamp, vorige week was ik nieuwsgierig naar uw commentaar op De kinderen van juf Kiet. En ja hoor, wat u opmerkte zag ik ook („Beschadigde kinderen met een bijna onvoorstelbare veerkracht”). De getraumatiseerde jongen, die niet slapen kon door het boem, boem uit zijn recente verleden.

Zelf was ik betrokken bij een Syrisch gezin dat het in Amsterdam moest zien te rooien. Ook daar was een jongen van tien, elf jaar bij. Chaled is zijn naam. Hij sprak al heel goed Nederlands, was erg nieuwsgierig en had het geluk om Harry, een geweldige vrijwilliger, aan zijn zijde te vinden. En dan is er nog het chaotische maar hartverwarmende Amsterdam, de stad die oog heeft voor de noden van arme gezinnen. Chaled heeft zodoende al bijna een zwemdiploma en zit op voetbalclub Swift. Zat alles dan mee? Nou, hij vroeg me een keer – ik ben een vrouw van 76 jaar – of ik meer dan duizend meter kon zwemmen. Ik keek hem aan en zag de angst in zijn ogen, hij zag op tegen het examen. Chaled is sterk, hij zal het redden, maar laten we in godsnaam wat begrip en geduld hebben voor al die kinderen die de rest van hun leven de herinneringen uit hun jeugd meetorsen. Terug naar mijnheer Beerekamp, die naar mijn mening over een scherp oordeelsvermogen beschikt. Ik zal u missen.


Amsterdam