Dierenartsen roepen op tot verzet tegen misstanden in veehouderij

Slachthuizen

Volgens 70 kritische dierenartsen ‘faciliteren of gedogen’ sommige dierenartsen in de veehouderij misstanden, waarbij economische overwegingen een rol spelen.

Foto Lex van Lieshout/ANP

Dierenartsen moeten zich verzetten tegen misstanden in de intensieve veehouderij, waaronder slachthuizen. Een groep van 70 kritische dierenartsen bepleit dit dinsdag in NRC. Ze zijn bezorgd over de „goedkope bulkproductie” van vlees die leidt tot „een ernstige aantasting” van dierenwelzijn.

De dierenartsen reageren op onderzoek van NRC zaterdag, waarin een dierenarts, Thiadrik Blom, van 2013 tot en met 2015 misstanden in slachthuizen filmde en ze meldde. Zo werden zieke biggen tegen de wet in slachtwaardig verklaard door twee aanwezige dierenartsen. Blom meldde de misstanden bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) waar hij in dienst was. Maar deze overheidsdienst die toeziet op voedselveiligheid en dierenwelzijn, greep na de meldingen niet in. De dierenarts werd verplaatst en zit inmiddels thuis.

De groep schrijft: „De omschreven schokkende wantoestanden gesignaleerd door onze dappere collega Blom in de Nederlandse slachthuizen staan helaas niet op zichzelf.”

Lees ook de ingezonden brief, die is ondertekend door 70 kritische dierenartsen: Kom in verzet, dierenarts. Dit is geen dierenwelzijn

Volgens de auteurs worden met medeweten van dierenartsen snavels bij kippen gekapt, kalf en koe bij de geboorte gescheiden en bereiken kippen het slachthuis vaak met gebroken vleugels of poten. „Een bepaald percentage dat dood of gewond de slachtlijn bereikt wordt normaal beschouwd.” Ook worden bij biggen de staarten zonder pijnstelling gecoupeerd. Volgens EU-richtlijnen mag dat niet zonder een jaarlijks attest van een dierenarts dat er een medische noodzaak voor is, schrijven ze. Toch wordt dit attest standaard afgegeven. Ook geven de dierenartsen gezondheidsverklaringen af voor transporten van dicht opeen gepakte dieren in de brandende zon en met slechte drinkvoorzieningen.

Dierenartsen in de veehouderij „faciliteren of gedogen” praktijken, waarbij economische overwegingen een rol spelen. Maar als dierenartsen niet opkomen voor het welzijn van dieren, redeneren de auteurs, wie dan wel? „Er zijn absolute minimale vereisten voor dierenwelzijn en daaraan wordt niet voldaan in onze gangbare veehouderij.” Als dierenartsen zich al uitspreken, lijken hun uitspraken gericht op „bescherming van gevestigde belangen”. Dierenartsen zouden vóór alles moeten opkomen voor het welzijn van dieren.

Vlak voor het publiceren van het artikel trokken enkele dierenartsen werkzaam binnen de NVWA zich terug, „uit angst voor de mogelijke consequenties van hun openlijke steun. Dat deze angst terecht is moge blijken uit het gepubliceerde artikel over collega drs. T. Blom.”