Column

Pure wiskunde is wat lastig op televisie

Zap

Wetenschap en tv, het is soms een moeilijke combinatie. Dat zien we ook bij de VPRO-serie The Mind of the Universe.

Wiskunde is als kunst. Computermodel van een fractal (zelfgelijkende meetkundige figuur) in 'The Mind of the Universe'.

Waarom zijn wij op aarde? Om God te dienen, natuurlijk. Maar zelfs bij de EO vinden ze dat antwoord niet voldoende, dus brengt de omroep het Brits-Amerikaanse programma Waarom zijn wij op aarde?. Christelijke natuurkundige Ard Louis en heidense documentairemaker David Malone gaan samen op zoek naar (NPO 2) de zin van het leven. Deze zondag zochten ze naar een wetenschappelijke verklaring van de menselijke moraal.

Veel onderdelen van die moraal – empathie, altruïsme, rechtvaardigheidsgevoel – blijken evolutionair voordeel te bieden: op een moraal kun je namelijk een stabiele gemeenschap bouwen, en samen staan we sterk. Dat is niet iets typisch menselijks, de apen doen het ook, zegt primatoloog Frans de Waal in deze aflevering.

Klinkt plausibel. Ard Louis heeft een zeer relevante tegenwerping: dit alles verklaart alleen het nut van samenleven. Dat is hem te beperkt. „Het ultieme voorbeeld van samenwerking is een leger in oorlog.” Een beetje moraal gaat ook over het fatsoenlijk behandelen van mensen die juist niet tot jouw groep behoren. Dat is helaas niet bepaald universeel.

Nog meer wetenschap. De zevende aflevering van Robbert Dijkgraafs programma The Mind of the Universe (NPO 2) heet ‘De Zoeker’. Een nogal gezocht thema om drie wetenschappers bijeen te vegen die weinig met elkaar gemeen hebben. Braziliaanse wiskundige Artur Ávila houdt zich bezig met systeemanalyse: met wiskundige modellen probeert hij grote systemen met lange tijdspaden – planetenstelsels, de oceaan – te doorgronden.

Dat denk ik tenminste, wat heel helder werd het niet. Dat Ávila een grote geest is, wil ik wel geloven, maar wat hij precies doet de hele dag, afgezien van op het strand zitten en praten met drie leerlingen, is duister. Zo blijft het een tamelijk oninteressante ontmoeting met een tamelijk interessante man.

Wat wel blijft hangen is dat Ávila zich bezighoudt met pure wiskunde, die geen direct aantoonbaar nut heeft buiten het vak zelf. Misschien dat Ávila het daarom slecht doet op tv: je hebt toch een aanknopingspunt nodig om zijn werk te kunnen plaatsen. Een maatschappelijke context, zoals de andere twee genieën in deze aflevering die krijgen. Prikkelend is het wel: wat moet je met wetenschap die geen direct aantoonbaar nut heeft? Het gaat er toch om dat we een betere wereld bouwen?

Ávila vergelijkt pure wiskunde met kunst. Ik dacht aan Oscar Wilde’s ‘Alle kunst is tamelijk nutteloos’. En aan het romantische ideaal van l’art pour l’art. Zo heb je dus ook la science pour la science. Het maatschappelijk nut aantonen van kunst of wetenschap is nodig om het behapbaar te maken voor de leek, en om het draagvlak en de geldstromen te behouden. Maar je houdt altijd het gevoel dat het aantonen van dat directe nut een verkooppraatje is. Dat het échte belang elders ligt, en groter is: kunst en wetenschap maken ons tot mens.

Je wordt er in ieder geval een blij mens van. Frans de Waal betoogt in Waarom zijn wij op aarde? dat de wetenschap, onder invloed van de Tweede Wereldoorlog, vanaf 1945 tot in de jaren tachtig wilde aantonen dat de mens een egoïstisch beest is, met een dun laagje vernis van beschaving. De huidige wetenschappers zouden een veel mooier mensbeeld hebben. En het is inderdaad opvallend: alle onderzoekers in The Mind of the Universe én Waarom zijn wij op aarde? zijn onverminderd blijmoedig, en optimistisch over de mensheid.

Mediaredacteur Wilfred Takken vervangt deze week Hans Beerekamp.