Bij staatsbezoek aan Italië kan koning niet om migranten heen

Laatste dag staatsbezoek Koning Willem-Alexander sluit vierdaags staatsbezoek aan Italië af. Migratie liep als een rode draad door zijn bezoek.

Koning Willem-Alexander en koningin Maxima deze week bij aankomst in de Siciliaanse hoofdstad Palermo. Foto ANP / Robin Utrecht

Het kon echt niet anders, zegt koning Willem-Alexander aan het eind van zijn vierdaagse staatsbezoek aan Italië: als je in dit land bent, in deze tijd, moet je het over migratie hebben. Anders kun je het geen staatsbezoek noemen. Het is hier thema nummer één en bovendien is Sicilië, waar hij ook was en waar elke dag veel vluchtelingen aankomen, Europees gezien de zuidgrens van Nederland.

Willem-Alexander praatte over vluchtelingen met de Italiaanse president, de premier, de paus, met burgemeesters, een wethouder, hulpverleners, met migranten zelf. Politiek en maatschappelijk een gevoelig onderwerp voor een koning die steeds moet bedenken dat de regering verantwoordelijk is voor wat hij zegt en doet.

Op vrijdagmiddag, net voordat hij vanuit Milaan terugvliegt naar Nederland, praat hij er ook over met journalisten. Maar alleen onder de voorwaarde dat hij niet wordt geciteerd met aanhalingstekens erbij en in de hoek van de zaal waar hij samen met Máxima staat, in het Hyatt-hotel, staat ook demissionair minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders (PvdA). Zo is het de gewoonte: de regering kijkt mee.

Wat zijn boodschap is voor Nederlanders die moeite hebben met de komst van migranten? Dat het is zoals het is, zegt Willem-Alexander: dat er elke dag mensen aankomen in Zuid-Italië en dat er mensen zijn die zich ervoor inzetten om de opvang zo menswaardig mogelijk te doen. En dat je moet samenwerken met Italië en het Internationaal Strafhof in Den Haag om de grote criminele netwerken aan te pakken die enorm veel geld verdienen met mensenhandel.

Dat was de gedachte achter het bezoek: Italië moest worden bedankt door langs te gaan bij een opvangcentrum en worden geholpen door nauwere samenwerking met de Italiaanse justitie af te spreken. Zo was het, in Willem-Alexanders ogen, in balans.

De soft power van de paus

Maar of er nu letterlijk wordt geciteerd of niet, de koning wil niet uitleggen wat de gedachte was achter het staatsbezoek, op donderdag, aan het Vaticaan. Dat raakt aan een andere gevoeligheid, maar al lang niet meer zo actueel: die tussen het protestantse koningshuis en de Rooms-Katholieke kerk. Zijn moeder was als koningin ook langs geweest bij de paus, in 1985, maar dat mocht toen vooral geen staatsbezoek heten.

Willem-Alexander wilde er alleen maar over zeggen dat de relatie met het Vaticaan heel belangrijk was, omdat de kerk met 1,2 miljard gelovigen een enorme soft power heeft – die goed gebruikt kan worden voor bemiddeling bij conflicten in de wereld of bijvoorbeeld om de klimaatverandering tegen te gaan.

Zou het Vaticaan dan ook kunnen helpen om de ontvoerde journalisten van Spoorloos vrij te krijgen, Derk Bolt en Eugenio Follender? Had de koning het daarover gehad in het Vaticaan?

Nee, zegt Willem-Alexander. Daar was het niet over gegaan. En als iemand er verder nog iets over kon zeggen, dan was het minister Koenders, niet hij.

Net voordat ze bij de paus op audiëntie gingen, waren Willem-Alexander en Máxima in de Nederlandse Friezenkerk, ook in het Vaticaan. Elke zondag zingen Nederlandse gelovigen daar aan het eind van de mis het zesde couplet van het Wilhelmus. Daarna drinken ze Nederlandse koffie.

Bij de uitgang staat, na het bezoek van de koning, pater Tiemen Brouwer (72). In 2006 had hij Willem-Alexander ook al eens ontmoet. „Hij was in Rome met de bijbelclub van dominee Nico ter Linden. Ik heb hem toen rondgeleid in de Santa Maria Maggiore.”

Dat wist hij nog, zegt Brouwer. „Hij zei: u heeft mij toen verteld dat mijn tante Irene in die kerk was getrouwd.”

Het lag net iets anders. „Ik had geaarzeld: zou ik het hem vertellen of niet? Het kon gevoelig liggen, Irene was toen katholiek geworden. Maar hij vroeg het zelf: ‘Pater, klopt het dat het hier was?’ Toen heb ik hem de Kapel van de Madonna aangewezen. Daar was het.”