Aanrander in Hoorn krijgt 18 maanden celstraf

De zaak baarde opzien doordat het slachtoffer zelf de dader wist op te sporen, nadat haar aangifte niet tot een aanhouding leidde.

Rechtbanktekening van de verdachte in de verkrachtingszaak in Hoorn. Foto Aloys Oosterwijk/ANP

Een 28-jarige man die in oktober 2016 in Hoorn probeerde een vrouw te verkrachten en haar telefoon stal, is veroordeeld tot een gevangenisstraf van achttien maanden. Daarvan zijn zes maanden voorwaardelijk, bepaalde de rechtbank in Alkmaar vrijdagmiddag.

De zaak baarde opzien doordat het slachtoffer zelf de dader wist op te sporen. Ze gebruikte daarvoor een app op haar mobiele telefoon, waarmee ze het gestolen mobieltje kon traceren. Ze kon daarmee ook zien dat de man van haar telefoon gebruikmaakte om datingsites te bezoeken. Door zich voor te doen als een andere gebruikster van de datingsite, kon de vrouw zijn contactgegevens achterhalen. Met die nieuwe informatie stapte ze opnieuw naar de politie. De man werd uiteindelijk eind februari aangehouden, vier maanden na een eerste aangifte.

Eis van 32 maanden

Dat het de politie zo lang duurde om tot aanhouding over te gaan, was voor de Inspectie Veiligheid en Justitie reden om het politieoptreden in de zaak te onderzoeken.

Tegen de man werd twee weken geleden een celstraf van 32 maanden geëist. De rechtbank in Alkmaar week van die eis af wegens de landelijk geldende richtlijnen voor de straf op poging tot verkrachting.

De dader was onder invloed van alcohol tijdens de poging tot verkrachting. Hij is een Somalische man met een verblijfsvergunning. In mei scherpte staatssecretaris Klaas Dijkhoff van Veiligheid en Justitie het beleid omtrent de intrekking van de asielvergunning aan. De vergunning kan worden geweigerd of ingetrokken bij een voorwaardelijke of onvoorwaardelijke gevangenisstraf of taakstraf.

Bij de strafbepaling is geen rekening gehouden met het feit dat de straf mogelijk een negatieve impact heeft op de verblijfsstatus van de man. In het vonnis meldt de rechtbank dat het de eigen verantwoordelijkheid is van de verdachte om met zijn verblijfsvergunning rekening te houden.