‘Paris 2024’: groen, en vooral niet al te Frans

Olympische Spelen

De kans dat Parijs eindelijk weer eens de Olympische Spelen mag organiseren, in 2024, is levensgroot. Alleen Los Angeles is nog in de race. Maar er is een deal op komst.

Een artist’s impression van de drijvende atletiekbaan die vanaf deze vrijdag in de Seine ligt ter promotie van de Olympische Dag 2017 én de kandidatuur van Parijs voor de Spelen van 2024. Artist’s impression CNOSF

De Journée Olympique, de internationale Olympische Dag, wordt in het land dat claimt de moderne Olympische Spelen te hebben uitgevonden, geen jaar overgeslagen. Maar enkele maanden voordat het Internationaal Olympisch Comité moet beslissen over de toekenning van de Spelen in 2024 trekt Parijs echt alles uit de kast.

Bij de Pont Alexandre-III is in de Seine een atletiekbaan verrezen en aan de kades van de rivier en op de Invalides zijn vrijdag en zaterdag sportactiviteiten die de Franse kandidatuur onder de aandacht moet brengen. „Het is een soort vroege generale repetitie, een voorproefje”, zegt Jean-Philippe Gatien, sportdirecteur van het comité ‘Paris 2024’.

De laatste keer dat Frankrijk de Zomerspelen organiseerde was in 1924. Pogingen voor 2008 en 2012 faalden jammerlijk. Maar de organisatie van 2024, honderd jaar na dato, kan het land eigenlijk niet meer ontglippen. Nadat onder meer Hamburg en Boedapest zich terugtrokken, resteren voor dat jaar alleen nog Parijs en Los Angeles. Achter de schermen zou het IOC met die twee steden een deal hebben gemaakt: Parijs 2024, Los Angeles 2028. Maar een gelopen race is het nog lang niet, meent Gatien. „Als sportman weet je dat je pas gewonnen hebt als je de finishlijn gepasseerd bent.”

Oud-tafeltennisser Gatien nam deel aan vier Spelen, waar hij twee medailles haalde. Hij werd wereldkampioen in 1993 en was dertien keer Frans kampioen. „Hij is hier een echte ster”, benadrukt de woordvoerder van het Parijse organisatiecomité voor de zekerheid bij de introductie in het kantoor aan Boulevard Haussmann. Dat hij zich nu actief inzet voor de organisatie van 2024 is een les die Frankrijk getrokken heeft uit de eerdere mislukkingen.

Ex-sporters

Een van de kritiekpunten was destijds dat de bid te veel door de politiek werd gedragen en niet door de sportwereld zelf. Nu bestaan alle kopstukken van de organisatie voor 2024 uit ex-sporters. Voorman is de gepensioneerde kanoër Tony Estanguet, goed voor drie gouden medailles. Hij zal de festiviteiten vrijdag openen met een kanotocht van het Stade de France in Saint-Denis naar de Pont Alexandre-III.

Dat traject is niet willekeurig. Het Stade de France moet het olympisch stadion worden, er omheen wordt het dorp voor atleten en pers gebouwd. De Spelen zouden de gescheiden levende werelden van het deftige Parijs en het achtergebleven Saint-Denis, in het armste departement van Frankrijk, bij elkaar moeten brengen. De tien jaar geleden begonnen miljardenoperatie om via nieuwe metrolijnen en woningbouw de metropool ‘Grand Paris’ van banlieue en stad te smeden moet onderweg naar 2024 extra vaart krijgen.

Een van de belangrijkste argumenten van Parijs: 95 procent van de faciliteiten is al klaar, waardoor de kosten beperkt zouden kunnen blijven tot 6,2 miljard euro. Er moet alleen nog een zwemstadion gebouwd worden, maar daar was in Saint-Denis toch al behoefte aan, zegt Gatien.

Het Parijse plan is bovendien „zeer compact”, vervolgt hij. „22 sporten in een straal van tien kilometer rond het olympisch dorp, 85 procent van de atleten verblijven op minder dan een half uur van hun competitieplek.” Afgezien van het zeilen (bij Marseille) en het voetbal (in stadions overal in het land) zullen alle competities in en om Parijs zijn. Voor het openwaterzwemmen en de triatlon zal de Seine gebruikt worden. „We gaan de schoonheid van Parijs in dienst van de sport stellen.”

Ratten

Geheel onomstreden is de kandidatuur niet. De burgemeester van Parijs, socialist Anne Hidalgo, heeft zich lang verzet uit angst voor kostenoverschrijdingen en een erfenis van „witte olifanten”, ongebruikte faciliteiten. Ze voelde meer voor de organisatie van de Wereldtentoonstelling van 2025. Maar nadat toenmalig president François Hollande haar in 2014 in een live tv-interview op haar nummer had gezet („Ze wil geen risico nemen”), ging Hidalgo door de bocht. Ze eiste wel dat het de „groenste” Spelen ooit zouden worden. Alle nieuwe infrastructuur moet in de langetermijnplannen van de stad passen. En terwijl zwemmen in de Seine nu nog verboden is, moet de rivier vanaf 2024 zó schoon zijn dat op de lange termijn de Parijzenaars weer pootje kunnen baden.

Maar een groep intellectuelen, onder wie filosoof Pascal Bruckner, gelooft niets van alle beloftes. In een open brief in Libération wezen zij er vorige maand op dat prestigeprojecten altijd „te optimistisch” worden begroot. Dat de winst-en-verliesrekening gemaakt is door het adviesbureau waarvoor de huidige CEO van Paris 2024, oud-badmintonner Etienne Thobois, gewerkt heeft, geeft bovendien te denken. En dan die Seine. „U bent nu al niet in staat om de verspreiding van ratten te beteugelen”, schreven ze aan Hidalgo.

Belediging voor de taal

Taalactivisten zijn op hun beurt boos over de in februari onthulde slogan ‘Made for Sharing’. Drie organisaties zijn naar de rechter gegaan omdat gebruik van het Engels een „ernstige belediging van de Franse taal”, „niet grondwettelijk” en zelfs „in strijd met het Olympisch Handvest” zou zijn – daarin staat het Frans vóór het Engels aangemerkt als officiële voertaal. De Académie française, die waakt over de taal, merkte op dat „de slogan al gebruikt is voor publiciteitscampagnes”, in het bijzonder voor de ‘pizzaburger’ van Burger King. „Ons werk”, verdedigde Thobois zich, „is 95 leden [van het IOC] uit 67 landen overtuigen. 80 procent vraagt ons de documenten in het Engels te sturen.”

De discussie lijkt futiel, maar is dat niet. Uit analyses over de gemiste poging voor 2012, toen Londen het met vier stemmen verschil van Parijs won, blijkt dat de Franse kandidatuur ook gewoon te Frans was. Franse sportbestuurders hebben internationaal weinig in de melk te brokkelen, rapporteerde consultancy Keneo. „We werken nu, ook hier op kantoor, veel internationaler”, verzekert de woordvoerder.

Parijs 2024: #MadeForSharing

Arrogantie

Er was destijds „een zekere arrogantie, alsof de Spelen Frankrijk zouden toebehoren”, zegt ook de Frans-Nederlandse onderzoeker Pim Verschuuren van IRIS in Parijs. Dat heeft vooral te maken met de erfenis van de Franse vader van de moderne Spelen, Pierre De Coubertin. Hij initieerde op 23 juni 1894 (in een land dat toen nauwelijks enige sportgeschiedenis had) de oprichting van het IOC. „Het grootste probleem voor 2012 was de lobby. De Engelsen deden dat beter.” Maar het helpt dat Frankrijk verandert, zegt Verschuuren. „Het Engels straalt openheid uit.”

Directeur Jean-Philippe Gatien hamert op „de waarden” van De Coubertin die in 2024 afgestoft moeten worden. Over de taalkwestie haalt hij zijn schouders op. „Maar het komt goed uit dat we nu een president hebben die Engels spreekt.”