Opinie

Waar is ’t Europa van weleer? Pak de leiding in het Midden-Oosten

Niet de VS, niet Rusland, maar Europa heeft het meeste last van de problemen in de Arabische wereld. Toch neemt onze invloed daar af. We moeten harder worden in machtspolitiek, betoogt . En cultureel empathischer.

Nieuwe sectie Suezkanaal. In 2023 zal het aantal schepen naar verwachting verdubbelen. Foto: Shawn Baldwin / Bloomberg

Het is een puinhoop in de Arabische wereld. Er woedt een machtsstrijd tussen een sunnitisch kamp, aangevoerd door Egypte, Jordanië, Saoedi-Arabië en de Golfstaten, en een shi’itisch bolwerk, gedirigeerd vanuit Teheran. De Arabische Lente versnelde de erosie van grenzen en staten in Libië, Syrië, Irak en Jemen. Er zijn nauwelijks nog krachten die onderwijs, ondernemerschap en veiligheid stimuleren. 30 procent van de jongeren is werkloos. Dat maakt ze kwetsbaar voor het wervende verhaal van extremisten. Intussen verstevigt Rusland zijn grip: geen conflict is zonder dat land op te lossen.

Er zijn lichtpunten. Tunesië wordt geregeerd door een hervormingsgezinde coalitie van seculier links en gematigde islamisten. De Verenigde Arabische Emiraten fungeren als verbinding tussen de Europese en Aziatische wereld en besteden aandacht aan vrijheid van religie en versterking van de positie van de vrouw. De nieuwe leiders in Riad zoeken met een sociaal-economisch hervormingsprogramma aansluiting bij Azië, Afrika en Europa. Kindersterfte is lager, toegang tot schoon water en geletterdheid zijn sterk verbeterd.

Lees ook een kleine atlas van de Midden-Oosterse verdeeldheid, een column van Midden-Oostenexpert Carolien Roelants.

Maar het algemene beeld is dat van een regio in verval: burgeroorlog, uiteenvallende staten, extremistische netwerken, demografische druk en een klimaatverandering die toegang tot voedsel en water compliceert. Samen krijgen deze landen weinig voor elkaar. De Arabische Liga komt zelden tot betekenisvolle initiatieven.

Alleen al door de ligging raakt dit Europa hard, meer nog dan de VS, China of Rusland. Toch is Europa verdeeld over de aanpak. Migratie en extremisme worden vooral door een nationale bril bekeken, geen Europese. Europa en de Arabische wereld snakken naar een gezamenlijk, richtinggevend verhaal. Een route naar stabiliteit. Ik zie drie stappen.

  1. Investeren en doneren

    Er moet een fundamentele discussie over politieke belangen worden gevoerd. Met een assertiever Rusland en China en een onvoorspelbare VS, zou Europa vanuit een machtsperspectief naar de regio moeten kijken. De EU-relaties met Egypte en Saoedi-Arabië zijn nogal fragiel. De discussie over stabiliteit moet ook gaan over de balans tussen Iran aan de ene en Egypte en Saoedi-Arabië aan de andere kant, met plaats voor Turkije.

    De Hoge Vertegenwoordiger van de EU, Federica Mogherini, is met liefst zes EU-commissarissen naar Teheran geweest, maar nog steeds niet in Kairo en Riad, wat daar niet onopgemerkt bleef. Een land als Egypte zou veel baat hebben bij investeringen. Europa kan ze als machtsmiddel inzetten, in onderhandelingen over terrorismebestrijding, lokale conflicten, migratie, gaswinning – Europese belangen.

    De EU is de grootste donor in het Midden-Oosten, maar dat betaalt zich nog te weinig uit in politieke invloed. Tamelijk seculiere landen als Marokko, Tunesië, Egypte en Jordanië moeten tot meer leiderschap aangespoord worden bij sociaal-economische hervormingen. In potentie vormen ze een politiek zwaartepunt, financieel en politiek gesteund door gematigde Golfstaten die belang hebben bij een politiek stabiliserende en economisch ontwikkelende regio.

  2. Debatteer en kom tot begrip

    Europese overheden moeten inzetten op een cultureel-maatschappelijk debat. Architecten, schrijvers en kunstenaars kunnen in beeld brengen wat onze samenlevingen drijft, de wortels van extremisme in perspectief plaatsen en zo wederzijds begrip stimuleren. De gapende vertrouwenskloof tussen Europa en de Arabische wereld wordt gevoed door negatieve percepties. De overheden van de EU moeten in hun internationale cultuurbeleid tegenwicht bieden. En ja, angst van Europese burgers moet serieus worden genomen, én de uitzichtloosheid en frustratie van de Arabische bevolking over toenemende mondiale ongelijkheid.

  3. Stimuleer de handelsrelaties

    Onderlinge economische afhankelijkheid vergroot stabiliteit. Van alle Arabische handel is maar een klein deel onderlinge handel. Daar zit een enorm potentieel. Er moet daar een regionale ontwikkelingsbank komen, naar voorbeeld van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling. Daarbij helpen is Europees eigenbelang: de regio is met een groeiende, jonge bevolking een potentiële topmarkt voor onze export. De regio verbindt Europa met andere markten: 8 procent van de mondiale handel gaat door het Suezkanaal, eenderde van het maritieme olievervoer door de Straat van Hormuz.

Europees-Arabische strategie

Deze drie lijnen – oog voor machtsbalans, culturele dialoog en sociaal-economische opbouw – zouden in een Europees-Arabisch strategisch concept vorm kunnen krijgen. Verschillende generaties zijn opgegroeid met de gedachte dat Europa stabiliteit garandeert. Maar de Europese orde is ook kwetsbaar. De druk van een arm en steeds voller Arabisch continent naast een rijk en vergrijzend Europa is nauwelijks houdbaar.

De druk van een arm en steeds voller Arabisch continent is nauwelijks houdbaar

Europese welvaart is te danken aan Frans-Duitse machtspolitiek en de bereidheid gemeenschappelijke belangen op lange termijn te laten prevaleren. In korte tijd, echter, zijn de relaties met de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk op afstand gekomen. Problemen met Rusland en Turkije groeiden. En populisme won met retoriek over grenzen en muren. Het politieke midden voert nu vooral technische debatten, terwijl we een richtinggevend verhaal nodig hebben om te krijgen wat we willen. Dat zal ook de populisten de wind uit de zeilen nemen.

Een uitgebreide versie van dit artikel verscheen eerder in Socialisme & Democratie, het tijdschrift van de Wiardi Beckman Stichting.