Cultuur

Interview

Interview

Susan Rogers in 1987 bij de 'Sign ‘O' The Times'-tour in Ahoy Rotterdam.

Foto Gert de Bruijn

Susan Rogers: ‘Tegen Prince zei je geen nee’

Vrijdag verschijnt de luxe heruitgave van Purple Rain van Prince. Zijn studiotechnicus toen, Susan Rogers, hielp mee selecteren uit de legendarische kluis (‘The Vault’) die op haar initiatief ontstond.

Haar naam is mythisch onder Prince-adepten: Susan Rogers. Ruim vier jaar, van 1983 tot 1987, was ze fulltime studiotechnicus bij Prince. Dag in, dag uit sleutelde ze aan zijn muziek, onder meer op de albums Purple Rain, Around the World in A Day, Parade en Sign ‘O’ The Times. Ze is naar Rotterdam gekomen voor de expositie Prince Love Life in de Kunsthal waar ze twee lezingen zal geven. Zestig jaar is ze nu, een vrouw met een zachte uitstraling en een docerende toon; ze geeft les aan het Berklee College of Music in Boston. Ze vertelt met plezier over hoe het was in de jaren tachtig, die tijd dat ze met Prince werkte in de studio. „Een geweldige, betekenisvolle periode in mijn leven.”

Susan Rogers

Susan Rogers.

Een muziekgek was ze, een groot bewonderaar van Prince’ muziek, begint ze haar verhaal. Rogers is nog jong en onervaren als ze, midden twintig, met een zelfstudie elektronica en opnametechniek op zak, begint als studiotechnicus in Los Angeles. Een van de weinige vrouwen in dat vak. In de studio van Crosby, Stills and Nash, waar ook The Eagles, Jackson Brown en Bonnie Raitt opnemen, repareert ze opnameapparatuur. Als ze in 1983 hoort dat Prince een technicus zoekt, waagt ze het erop. „Stop maar met zoeken, ik ben perfect”, dacht ze. „Prince werkte graag met vrouwen, ik kende zijn muziek en ik had de kennis.” En ze was bereid direct naar Minneapolis te verhuizen, wat veel technici niet zagen zitten.

Lees ook de recensie van de heruitgave: ‘Purple Rain’ dampt van speelplezier.

‘Bambi, multitrack’

Susan Rogers werkte vanaf augustus 1983 tot eind 1987 bij Prince als opnametechnicus. Ze had een appartement in Minneapolis, maar was daar nauwelijks. Ze werkte in Prince’ thuisstudio, ze waren veel op tournee en hij werkte tot zijn eigen Paisley Park gebouwd was in 1987 ook graag in studio’s als Sunset Sound in Los Angeles.

Hij betaalde me om 24 uur beschikbaar te zijn, zeven dagen per week. Een sociaal leven was onmogelijk. Je kon geen nee zeggen tegen Prince.

Haar relatie met Prince noemt ze dienend. Ze hielp zijn visie uitvoeren. Kortweg: ,,We namen alles op wat hij maakte.” Van een vriendschap wil ze niet spreken. „Dat impliceert iets wederzijds. Ik was zijn employee. Hij betaalde me om 24 uur beschikbaar te zijn, zeven dagen per week. Een sociaal leven was onmogelijk. Je kon geen nee zeggen tegen Prince.”

Al zijn ideeën en ingevingen werden zo precies mogelijk opgenomen; tot hij tevreden was. Nachten haalden ze door. Zonder drugs hoor, benadrukt ze. Doordat ze zoveel tijd samen spendeerden ontstond evengoed een nauwe band. „Ik voelde zijn respect. En ik kende zijn buien. Zijn terughoudendheid was zijn bescherming. Als alles lukte werd hij grappig en vertelde hij veel. Maar als hij gestresst was of gefrustreerd, kon hij als een tiener uithalen.”

Rogers bedacht wat ‘de kluis’ zou worden, de legendarische vault met duizenden opnames. „Al toen ik net voor hem werkte kon hij plots vragen om een bepaalde tape. Dan had ik geen idee waar die kon zijn. Ze lagen overal verspreid bij studio’s. Dus ben ik alles bij elkaar gaan bewaren en gaan registreren op een computer met titels en uitleg als Bambi, multitrack.”

Paisley Park

Zijn studio Paisley Park was pas eind 1987 afgebouwd. Voor die tijd lagen alle tapes in gelabelde plastic kratten in een opslag in Edina, een buitenwijk van Minneapolis waar Prince woonde en werkte. „Als hij dan een oude track wilde om op Sign ‘O’ The Times te zetten, zoals ‘I Could Never Take The Place of Your Man’ wist ik waar die was.”

Voor de heruitgave van Purple Rain werd ze tot haar vreugde door Warner Records als adviseur geraadpleegd. „Een van de belangrijkste aspecten was duidelijk maken hoe Prince het zou hebben gewild. De nalatenschap van Prince is omgeven door onenigheid en er is veel onduidelijkheid rondom de financiën en rechten. Maar ik denk dat we nu een selectie hebben waar de fans blij mee kunnen zijn, en die de muzikale erfenis van Prince dient.”

Prince

Prince. Foto ANP/Kippa

Bij concertregistraties hoorde ze soms verveling of moeheid. „Na een paar maanden toeren verloor hij zijn interesse. Dan keek hij meer uit naar de afterparty of opnamesesies erna, waarbij hij geen setlist hoefde te volgen en puur kon spelen waar hij zin in had.” Er ging altijd een mobiele studio mee, zodat hij nieuwe nummers kon uitwerken. „Hij kon soms echt niet wachten.”

The Vault, de kluis in Paisley Park, die voorzien is van een zware bankdeur, heeft Susan Rogers niet meer van binnen gezien sinds ze opnames maakte begin jaren negentig. ,,Ik begreep van collega’s dat-ie nauwelijks meer sloot, zo vol was het. Prince bleef altijd voorkeur houden voor analoge tapes in plaats van harddrives.” Van hoe de catalogus nu wordt bijgehouden heeft ze geen idee. Prince wisselde veelvuldig van staf.

On fire

Via de Prince Estate heeft Rogers veel materiaal kunnen beluisteren. Het slingerde haar terug in de tijd: „Wat een genie, zoveel is nog steeds zo goed! Fenomenaal.” Sommige opnames zijn nog onaf, Prince probeerde dan akkoorden en zang uit in schetsen. Rogers: „Tussensongs kun je zeggen, onderweg naar geweldige uitvoeringen met een Prince on fire, die echt geïnspireerd speelde en zong.” Die muzikale erfenis mag niet in een kluis blijven, vindt Rogers. „Ik mag hopen dat ze al die rechten uitzoeken en nog veel meer uitbrengen.”

Susan Rogers in 1987 bij de ‘Sign ‘O’ the Times’-tour in Ahoy Rotterdam. Foto Gert de Bruijn