Eigen werk onder de loep nemen

Kunstpromoties Promoveren tot doctor als kunstenaar. Dat kan in Leiden. Het levert soms interessante proefschriften op, maar ook kritiek: „Totaal in zichzelf gekeerd.”

Promotieproject Hans Scholten: ‘Urban Future #6’ Foto Courtesy Hans Scholten/ Lumen Travo Gallery

In 1978 promoveerde de universitair docent kunstfilosofie Eldert Willems op zijn eigen gedichten, getiteld ‘ARPH’, combinatie van ars en philosophia. Het was een onderzoek naar het wezen van creativiteit. Hoogleraren en studenten van de universiteit van Amsterdam tekenden protest aan. Hoe kon dit wetenschap zijn? Tijdens de promotie reikten boze studenten namaakbullen uit. De polemiek duurde maanden.

De in 2012 overleden academisch filosoof en kunstenaar doctor Eldert Willems was zijn tijd vooruit. Met de Hogeschool der Kunsten Den Haag heeft de universiteit Leiden in 2004 de Academie der Kunsten opgericht, een specialistisch promotietraject voor kunstenaars die willen reflecteren op hun eigen kunst. Naast een proefschrift moeten ze een kunstwerk of uitvoering presenteren. In het netwerk zijn ook de universiteiten van Leuven, Gent en een aantal kunstacademies en conservatoria.

De promovendi hoeven geen masters of doctoraal te hebben. Wel is er een strenge selectie uit tot nu toe 900 kandidaten. Er zijn er sinds 2004 bijna 100 toegelaten, waarvan er 42 zijn gepromoveerd. Het is geen wetenschap maar onderzoek, zei desgevraagd Frans de Ruiter, emeritus hoogleraar en directeur van de Academie en regelmatig promotor.

Maar zo openbaar als de polemiek was over ARPH, zo stil is het rond de Leidse kunstpromoties. Veel kritiek blijft binnenskamers. Alleen op het Kunstblog van kunstkenner en gepensioneerd advocaat en hoogleraar informatierecht aan de UvA Egbert Dommering verscheen een kritische bijdrage en discussie over het proefschrift van beeldend kunstenaar Hans Scholten, lector aan de St Joost academie. Urban Future (2016) met een tentoonstelling en een tekst over onder andere eigen fotowerk. Dat proefschrift staat wegens een embargo niet online bij de universiteit. Scholten werkt aan een boek.

Janneke Wesseling, kunstrecensent bij NRC en als hoogleraar aan de universiteit Leiden betrokken bij kunstpromoties verdedigde op het kunstblog van Dommering de unieke onderzoeksmethode van de kunstenaar. Zij schreef dat de ,,subjectieve ervaring een duidelijk aanwijsbare en centrale rol speelt’’ in de kunstpromotie waarbij ,,de onderzoeksmethodologie inderdaad niet van te voren gegeven is’’. Uitgangspunt volgens haar: ,,Artistiek onderzoek heeft een dieper en gefundeerd inzicht in de eigen artistieke praktijk en doen en levert daarmee kennis op over kunst en kunstpraktijken in het algemeen’’.

8 Inkjetprints,8,5 x 3,30 meter (Detail)
6 x 3,30 x 2,50 meter. Inkjetprints, staal, glasplaten en hout. Detail.
Beeld uit de tentoonstelling Urban Future van Hans Scholten.
Hans Scholten

Meditaties

De stilte over de kunstpromoties is verklaarbaar. De PhD, Europese titel voor doctor (Doctor of Philosphy), werd een massaproduct. Het aantal hoogopgeleiden is geëxplodeerd, er is heftige competitie. Tegelijkertijd is er door externe financiering grote onderlinge afhankelijkheid in beoordelingscommissies die het geld moeten uitkeren.

Hogescholen doen meer aan onderzoek en eisen vaker een doctorsgraad. Minister Jet Bussemaker (Onderwijs, PvdA) heeft onlangs toegezegd dat lectoren aan de hogeschool het recht moeten krijgen om doctorstitels te verlenen. Daartoe moeten ze zelf gepromoveerd zijn. Om les te geven zijn musici vaak op het buitenland aangewezen, waar PhD vaak de norm is, zegt de Nederlandse componist Richard Rijnvos die hoogleraar is aan de Britse Durham universiteit. De Nederlandse overheid keert de universiteit voor elke behaalde promotie 90.000 euro uit.

Een reflectie op het eigen creatieve proces is het proefschrift uit 2012 van de Vlaamse cellist Arne Deforce, geheten Denken als experiment. Hij schreef „472 Meditaties” voor „de noodzaak van creatief denken en experimenteren in het uitvoeren van complexe muziek van 1962 tot heden”. „De meditaties in dit proefschrift zijn niet bedoeld als analyses of inzichtelijke beschouwingen die „over iets gaan, die een zekere kennis onthullen”, schreef hij in de inleiding. De meditaties moesten „niet in een ruk” worden gelezen. Het gaat erom tot een „diep inzichtelijke beleving van de muziek’” te komen.

Lid promotiecommissie opgestapt

Ernst van Alphen, hoogleraar literaire studies aan de universiteit Leiden, stapte uit de promotiecommissie. „Het kan nuttig zijn voor de eigen muziekpraktijk om te reflecteren maar het is geen wetenschappelijke activiteit. Het genre van een wetenschappelijk publicatie houdt in dat je een discussie aangaat en een positie inneemt in een debat. Dit proefschrift, hoe interessant ook, was totaal in zichzelf gekeerd.” Deforce kreeg wel de doctorstitel.

Het gaat niet om wetenschap maar om onderzoek, zei de promotor van Deforce, Frans de Ruiter. Tijdens een forum van de Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen, vorige maand zei hij:

„Kunst is geen wetenschap maar we delen één ding en dat is onderzoek.”

Als voormalig directeur van het Koninklijk Conservatorium Den Haag heeft hij met de universiteit Leiden de promoties van kunstenaars opgezet.

Via de kunst

Henk Borgdorff, hoogleraar theorie van het onderzoek in de kunsten, werkte dit jaar in zijn inaugurale rede, Reasoning through art, de unieke methode van de kunstpromotie uit. Volgens hem kan het onderzoek in de kunsten „niet gemakkelijk worden vertaald of overgebracht worden door taal”, omdat het verbonden is met praktijk. Volgens hem gaat het om „onconventionele methoden”, „niet in woorden” met „niet-traditionele onderzoeksuitkomsten”, „niet-propositioneel” en „niet academisch”.

In zijn presentatie voor de KNAW maakte De Ruiter onderscheid tussen drie soorten kunstonderzoek: on the arts, in de kunsten, dat is het gebruikelijke onderzoek. For the arts, dat gaat over onderzoek in technieken en innovaties die zijn te gebruiken in kunst. Dat soort promotie-onderzoek gebeurt ook wel aan technische universiteiten. Through the arts, onderzoek door middel van het maken van kunst is het unieke van Leiden. De Leidse proefschriften tot nu toe zijn niet uitsluitend reflecties op eigen werk maar vallen in alle drie de categorieën.

Wetenschappelijk ‘on the arts’ zijn een biografie van een Nederlands orgelspecialist of onderzoek naar bronnen voor basso continuo in de Nederlandse republiek van 1620 tot 1790. ‘For the arts’ is het onderzoek naar microfoons en luidsprekers als muzikale instrumenten. Na een embargo van zes jaar wordt het binnenkort gepubliceerd door de prominente wetenschappelijke uitgever Bloomsbury.

‘Through the arts’, de omstreden onderzoekstijl, waar Willems de pionier van was, is te vinden in de proefschriften van Scholten, Deforce en bijvoorbeeld het op een eigen site gepubliceerde Tactile Paths van componist en contrabasspeler Christopher Williams uit 2016, waarin de lezer een eigen leesvolgorde kan kiezen. De proefschriften staan op de Leidse site phdarts.eu, tenzij er een embargo is.

Discipline

Henkjan Honing heeft bezwaar tegen onderzoek through the arts. Als hoogleraar muziekcognitie aan de universiteit van Amsterdam componeerde hij in zijn jonge jaren, maar zijn wetenschappelijke werk beschouwt hij als heel iets anders. Met neurobiologen, psychologen, informatici en andere wetenschappers doet hij onderzoek naar maatgevoel, muzikaliteit, luisteren, uniek menselijke eigenschappen die je maar in beperkte mate op een computer kunt overdragen. Hij onderzoekt het belang van muziek voor de mens, niet alleen als kunst.

Tijdens het debat voor de KNAW zei Honing dat je als kunstenaar „niet zou moeten ambiëren om wetenschapper te zijn”:

“Wetenschap is heel gedisciplineerd. Je moet je aan ontzettend veel regels houden en er wordt de hele tijd over je schouder gekeken. Dat is nodig, want anders kun je geen kennis opbouwen. Dat zou ik voor de kunsten niet aanraden. Daar is de vrijheid dat je niet hoeft te repliceren. Kunst kan ook een voorloper zijn.”

Honing is bang dat kunst en wetenschap door te grote toenadering te veel van zichzelf verliezen. Ze zijn juist complementair. Kunst ziet dingen aankomen op een intuïtieve manier en „later in de wetenschap wordt in partities uitgezocht om te weten hoe het werkt”. De term ‘onderzoek’ voor kunst vindt hij misleidend.

Een apart kunstdoctoraat

Om het eigen karakter van kunstpromoties uit te drukken, wil het Amsterdam Research Institute for Art and Science van twee Amsterdamse universiteiten en kunstacademies, een apart kunstdoctoraat verlenen zonder verplichte geschreven tekst. Creator Doctus, CrD in plaats van PhD. Dit in navolging van Rembrandt die zichzelf Pictor Doctus, geleerde kunstenaar, noemde. De hoop is dat dit een internationaal erkende titel wordt. In de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk is er voor de kunstdoctor die zowel een kunstwerk maakte als een geschreven proeve heeft afgelegd, een aparte titel: DFA, Doctor of Fine Arts. Van de universiteit van Durham kreeg componist Rijnvos de titel D.Mus.

Bij het Amsterdam Research institute zijn ook PhD-trajecten mogelijk. Kunstwetenschapper Jeroen Boomgaard van de universiteit van Amsterdam, tevens lector publieke ruimte aan de Rietveld academie:

“Wij zijn van mening dat iemand die aan de UvA promoveert een dissertatie maakt die iets voor de wetenschap betekent en kunst die iets voor de kunst betekent. En niet interessante kunst waar dan een geschriftje bij wordt gemaakt.”

Beeldend kunstenaar Willem de Rooij, lid van de aan de KNAW verbonden Akademie van Kunsten en docent aan de Städel kunstacademie in Frankfurt, vindt het PhD van beperkte waarde voor kunststudenten.

Kunstenaars hebben vaak een moeilijke relatie met taal. Het is juist zo mooi dat ze tot geheel eigen oplossingen komen door die spanning met taal.

“Het is dan jammer als je kunstenaars traint om in een bepaald stramien van omgang met taal het werk te gaan verwoorden. Dan neem je een belangrijk middel uit handen”, zegt hij. Hij vindt het verkeerd als een proefschrift een criterium wordt voor het aanstellen van een kunstenaar als docent, want dan zouden kunstacademies veel talent moeten missen. Met hoger loon kunnen ook meer kunstenaars uit het buitenland worden aangetrokken.

Toch vindt hij dat de universiteit Leiden moet door-experimenteren met de kunstpromoties. “Het moet langzaam worden uitgeprobeerd, als het maar niet de norm wordt”, zegt hij. “Maar voor academici is het goed om eens iets onder de neus te krijgen dat niet aan hun ingesleten norm voldoet.”