Migratie is nu ook hét thema voor Willem-Alexander

Staatsbezoek Italië

Het koninklijk paar doet woensdag Palermo aan, om over vluchtelingen te spreken. Een dag later volgt een staatsbezoek aan Vaticaanstad: een primeur.

Het koninklijk paar in Rome. Foto Albert Pizzoli/AFP

De kabinetsformatie met GroenLinks liep erop stuk, een politiek gevoeliger thema voor het staatsbezoek van koning Willem-Alexander aan Italië kun je nu dus nauwelijks bedenken: migratie. Toch zal het de komende dagen vooral dáárover gaan en Willem-Alexander begon er op dinsdagochtend meteen over – in de korte toespraak die hij bij aankomst hield in het Palazzo del Quirinale, de residentie van de president van Italië. „De ernst van het migratievraagstuk is hier bij uitstek voelbaar”, zei hij. En: „Morgen zullen wij er op Sicilië meer over horen.”

Voor de directe handelsbelangen van Nederland hoeft hij het niet te doen: de ondernemers die met hem meereizen in de handelsmissie blijven in de buurt van Rome en Milaan. Maar in Palermo is het stadsbestuur opgetogen: een koning die bij hén langskomt op staatsbezoek en wil horen hoe ze de mensenhandel op de Middellandse Zee proberen te bestrijden. Vorig jaar meldden zich 180.000 migranten in Italië, een record voor het land. In de eerste vijf maanden van dit jaar waren het er al zo’n 50.000, het echte ‘seizoen’ moest toen nog beginnen.

Willem-Alexander en Máxima praten op woensdag in Palermo ook met hulpverleners en vrijwilligers van een opvangorganisatie, een medewerker van de kustwacht en met twee migranten.

In Rome is er diezelfde middag een rondetafelgesprek van Nederlandse en Italiaanse vrouwen in topposities, voorgezeten door Marry de Gaay Fortman, advocaat in Amsterdam en commissaris bij KLM en De Nederlandsche Bank. Zij leidt de handelsmissie en vertelt ’s avonds aan Willem-Alexander en Máxima hoe de rondetafel was.

Die zijn dan weer terug in Rome, ze gaan op donderdagochtend op audiëntie bij paus Franciscus. Dat is een staatsbezoek-in-een-staatsbezoek en een primeur: het is voor het eerst dat een Nederlands (protestants) staatshoofd zo’n officieel staatsbezoek brengt aan de leider van de Katholieke Kerk in Vaticaanstad. Willem-Alexander en Máxima waren vorig jaar ook al eens bij de paus, met hun drie dochters, maar dat was een privébezoek.

Bevelhebbersstaf

Franciscus is net als Máxima Argentijns. De Nederlandse ambassadeur in Vaticaanstad die het bezoek voorbereidde is Jaime de Bourbon de Parme, zoon van prinses Irene. Hij regelde ook dat zijn neef op donderdag de bevelhebbersstaf terugkrijgt die de protestantse Nederlandse opstandelingen in 1574 kwijtraakten aan de Spanjaarden, bij de slag op de Mookerheide.

De staf zou van Willem van Oranje zijn geweest en bleek in het archief te liggen van een Jezuïetenconvent in Catalonië. Nederland krijgt hem nu via de Jezuïeten in Rome in bruikleen. Volgend jaar organiseert het Nationaal Militair Museum in Soesterberg een expositie over Willem van Oranje waar de staf te zien zal zijn. Er zal ook onderzoek worden gedaan naar de precieze herkomst.

Van het laatste deel van het staatsbezoek, op donderdagavond en vrijdag, is het de bedoeling dat het verloopt zoals veel dagen van veel andere staatsbezoeken. De koning en koningin worden in Milaan ontvangen door de burgemeester, ze bezoeken een onderneming – Eataly, een duurzaam bedrijf met een supermarkt en restaurants – en ze maken mee hoe Nederlandse oud-topvoetballers lesgeven aan jeugdspelers uit de regio.

Het heeft allemaal één doel: laten zien hoe hecht Nederland en Italië met elkaar zijn verbonden. Dat die liefde er niet altijd was, beschreef historicus Cees Fasseur al eens in zijn tweedelige biografie van koningin Wilhelmina. In een brief aan haar gouvernante noemde ze Italië „een volk van dieven en bedelaars, vies en arm”. „En dan al die processies!”

Willem-Alexander zal op vrijdagmiddag andere afscheidswoorden kiezen.