Is er een hockeyleven na de exodus?

Hockey World League

De Hockey World League is een eerste meetmoment voor de hockeyvrouwen, die spelen met een sterk veranderd team.

Marloes Keetels, de nieuwe aanvoerder: „We hebben met dit team veel nog niet meegemaakt, maar we pikken dingen snel op.” Foto Koen Suyk

Het was Valentijnsdag, toen de Nederlandse hockeyvrouwen op nogal opmerkelijke wijze weer even herinnerd werden aan wat er de zomer daarvoor in Rio de Janeiro was gebeurd. Een tweet van de Engelse hockeybond met een foto van een huilende Maartje Paumen en Lidewij Welten. ‘Bezig met het breken van Nederlandse harten sinds 2013’, stond ernaast, ‘laten we hopen dat we daarmee doorgaan in 2017’ erboven.

Bedoeld als reclame voor een vriendschappelijke interland tussen het zilveren Nederland en het gouden Engeland een paar maanden later. Trash talk zoals je die niet vaak ziet in het hockey. Bondscoach Alyson Annan vertelde Hockey.nl dat ze haar Engelse collega erover had gebeld; die nam, net als het team, afstand van de foto. Maar hij staat nog steeds online.

Twitter avatar EnglandHockey England Hockey Let’s hope we continue to break hearts in 2017 💔 #ClashoftheChampions https://t.co/2i6oLrvHRX

De wedstrijd in kwestie was ruim een week geleden, ter voorbereiding op de halve-finaleronde in de Hockey World League (HWL), die woensdag in Brussel begint en waar WK-plekken te verdienen zijn. Nederland won na shoot-outs, vorige zomer was het andersom. Leuk, maar revanche voor die teleurstelling in Rio kon je het niet noemen. Niet alleen omdat de wedstrijd nergens over ging, er stonden twee sterk veranderde teams. Het maakte de tweet alleen maar potsierlijker. Het speelveld was anders, en voor Engeland was de periode van zorgeloos nagenieten lang en breed voorbij en voor Nederland de woelige rouwperiode afgesloten.

Uittocht

Dat had natuurlijk wel even geduurd. Bovendien was het einde van de Spelen het begin van een kleine exodus bij het Nederlands team. Naomi van As had al bekendgemaakt te stoppen, toen gingen ook Ellen Hoog en Maartje Paumen. En Willemijn Bos. En Joyce Sombroek. En Frederique Derkx, Jacky Schoenaker, Michelle van der Pols. Flink, maar echt niet zo schokkend als zo’n lijstje overkomt, zegt Annan. „Daar houd je rekening mee, al voor de Spelen. En als je nu kijkt, zijn er veel landen waar grote verschuivingen zijn geweest.” Het Nederlands team viel ook echt niet uit elkaar, zegt nieuwe aanvoerder Marloes Keetels. „Een team groeit, er gaan mensen weg, zo hoort het ook.”

De selectie die woensdag aan de halve finales van de HWL begint tegen Schotland is voor ongeveer de helft hetzelfde als die in Rio, met een kern van spelers als Keetels, Carlien Dirkse van den Heuvel, Margot van Geffen, Kitty van Male en Caia van Maasakker en daarnaast minder ervaren spelers als Pien Sanders (19), Josine Koning (21) en Maartje Kreekelaar (21). Annan had maar tien dagen met een complete selectie ter voorbeiding op de HWL vanwege de play-offs in de Hoofdklasse. Dus even geen finetunen, als het maar goed zit met de basis. „Hoe kom je de cirkel binnen, welke corners spelen we. Goed om op te halen, anders wordt het onrustig.” Volgens Annan was vooral de omschakeling van de club naar het internationale hockey belangrijk. „De mentaliteit moet anders zijn. Je kunt tegenstanders geen twee meter meer geven, maar een halve, eigenlijk zelfs dat niet.”

Meetmoment

Voor de 24-jarige Keetels wordt de HWL het eerste toernooi als aanvoerder, nadat ze in januari officieel de rol overnam van oud-ploeggenoot bij Den Bosch Maartje Paumen. „Ik wen langzaam aan de rol, maar nu zal ik echt ontdekken wat voor soort aanvoerder ik ben. Maar zul je mij meteen schreeuwend over het veld zien lopen? Nee.” Bovenal is de HWL het eerste echte meetmoment voor het nieuwe, jongere Nederlands team. Oefenwedstrijden dit weekend tegen Australië, nummer vier van de wereld, werden dit weekend met 4-0 en 4-1 gewonnen. Maar toen was er geen druk. „Die is lastig te creëren”, zegt Keetels. „We hebben met dit team veel nog niet meegemaakt: een achterstand als je móét winnen, finales. Maar we pikken dingen snel op.”

Annan is ook tevreden met hoe de vrouwen ervoor staan. En met de rust die er nu rond het team is, ook voor haar als coach. Toen ze werd aangesteld als vervanger van Sjoerd Marijne in 2015 had ze negen maanden om de vrouwen voor te bereiden op Rio. „Ik kon weinig aanpassen, eigenlijk alleen dingen voortzetten, nu is alles nieuw. Ik kan meer eigen ideeën in het team stoppen.”

Ook dit Nederlands team is nog steeds nummer één van de wereld, maar een van de belangrijkste uitdagingen vindt Annan de spelers te laten realiseren dat ze daar geen waarde aan moeten hechten. „Die positie is in het verleden verdiend, niet nu. We zijn een nummer één uit het verleden. De beste zijn, is niet zo simpel als een oranje shirt aantrekken.”